nieuws

‘Enquête versluiert het goede in de bouw’

bouwbreed Premium

schiedam ­ De parlementaire enquête bouwnijverheid zorgt voor wantrouwen en verlies aan respect. Al het goede dat in de bouw gebeurt, wordt vergeten. Deze klacht uitte de voorzitter van AVBB Waterweggebied D. van Well tijdens de dertigste jaarvergadering van de organisatie.

“Wantrouwen bij opdrachtgevers, terughoudendheid in de verlening van opdrachten. De bewondering voor de vele technische hoogstandjes is omgeslagen in meewarigheid voor een zielige bedrijfstak die zich slechts staande kan houden door list en bedrog. Het respect is weg, omdat de schijnwerpers zijn gericht op aannemers en bouwondernemers die alleen met frauduleuze handelingen en geldelijk gewin bezig zouden zijn”, aldus de Dura Vermeer­baas. “Dat door ons veel aandacht wordt geschonken aan kwaliteit en kwantiteit van de instroom, opleiding binnen het bedrijf, intensieve contacten met het beroepsonderwijs, verbetering van de arbeidsomstandigheden en dat er een pakket arbeidsvoorwaarden ligt dat er zijn mag, telt plotseling niet meer. Dat doet pijn”, zei Van Well.

Relativeren

Hij vindt het ook onterecht. “Ik zal de laatste zijn die ontkent dat onze bedrijfstak op aanbestedingsgebied geen foute dingen heeft gedaan. Maar we moeten wel relativeren, want van prijsopdrijving is niet of nauwelijks sprake, hooguit van de verdeling van werk en calculatiekosten.” Van Well vreest negatieve gevolgen van de enquête. Het zou in zijn ogen veel te ver gaan en onterecht zijn als de bedrijfstak permanent in de gaten moet worden gehouden. Met als gevolg achterblijvende opdrachten, scherpe voorwaarden en een neerwaartse druk op de prijzen. “Een druk die vooral bij minder kapitaalkrachtige bedrijven onherroepelijk en op niet al te lange termijn tot grote problemen zal leiden”, is de overtuiging van de voorzitter. Daarnaast kan Van Well ‘weinig enthousiasme’ opbrengen voor de wao­maatregelen zoals verlenging van de loondoorbetalingsverplichting van één naar twee jaar. Een eenzijdige maatregel noemde hij het. “Verantwoordelijkheden en financiële consequenties bij de werkgever leggen, akkoord, maar dan alleen aansprakelijkheid wegens arbeidsongeschiktheid vanwege het werk, dus inclusief woon­werkverkeer. Want daarvoor zijn we wettelijk aansprakelijk”, tracht hij de discussie over het onderscheid tussen het zogenoemde risque professionel en het risque social weer aan te slingeren. “Sportblessures, vakantieletsel, klusongelukken zouden erbuiten moeten vallen. Ook de werknemer heeft zijn verantwoordelijkheid en zal zich voor zijn deel moeten verzekeren. Dat van vakbondszijde wordt beweerd dat de grenzen tussen werk en privé niet zijn te trekken en dus een grijs gebied resteert, is een te zwak excuus om de uitdaging van een andere aanpak uit de weg te gaan”, meent Van Well.

Reageer op dit artikel