nieuws

De economisch voordeligste prijs en het milieucriterium

bouwbreed Premium

Wanneer een aanbestedende dienst besluit een opdracht te gunnen aan de inschrijver met de economisch voordeligste aanbieding, mag hij dan rekening houden met criteria aangaande milieubescherming? In hoeverre zijn milieucriteria nog economisch van aard te noemen? Deze (prejudiciële) vragen werden gesteld aan het Hof van Justitie in de zaak Concordia Bus Finland Oy Ab enerzijds en Helsingin Kaupunki en de onderneming HKL­Bussiliikenne anderzijds. Deze zaak had betrekking op een openbare aanbesteding van diensten in de vervoersector. Daarbij had de gemeente Helsingin Kaupunki, die het busvervoer organiseert, een aanbesteding uitgeschreven.

In deze zaak staat de geldigheid van een besluit van de gemeente tot gunning aan de onderneming HKL­Bussiliikenne centraal. In die zaak zijn prejudiciële vragen gerezen, die het met het geschil belaste gerecht ter plaatse, heeft voorgelegd aan het Hof van Justitie.

Uitleg

Op 17 september 2002 heeft het Hof een arrest gewezen (C­513/99), waarin deze prejudiciële vragen zijn beantwoord. Prejudiciële vragen zijn te begrijpen als vragen over ­ in dit geval ­ de uitleg van de toepasselijke Europese richtlijnen 92/50/EEG en 93/38/EEG. Daartoe verwijst een rechterlijke instantie de zaak naar het Hof van Justitie. Na de beantwoording van de vragen door het Hof kan de verwijzende rechterlijke instantie de zaak verder beoordelen. Gelet op de omvang van deze rubriek probeer ik u in een nutshell deelgenoot te maken van het stappenplan van het Hof, dat in deze zaak wordt gevolgd ter beantwoording van de aan de orde gestelde vragen. In de onderhavige zaak stond ­ kort en zakelijk weergegeven ­ centraal of het geringe niveau van stikstofmonoxyde­emissies en het geluidsniveau van bussen, in aanmerking mogen worden genomen bij de gunning. Bij de vergelijking van de aanbiedingen c.q. offertes van de verschillende inschrijvers werden ­ wanneer deze emissies of het geluid beneden een bepaald niveau bleven ­ namelijk voor dat materieel extra punten toegekend. Het Hof stelt voorop dat het criterium van de economisch voordeligste aanbieding verschillende criteria kunnen inhouden die variëren naar gelang de aard van de opdracht. Het gaat daarbij onder meer om kwaliteit, de technische waarde, de esthetische en functionele kenmerken, de klantenservice en technische bijstand, de datum en de termijn van levering of uitvoering, de prijs, en dergelijke.

Vierstappenplan

Anders dan Concordia heeft gesteld in de hoofdprocedure overweegt het Hof verder dat de gehanteerde gunningscriteria ter bepaling van de economisch voordeligste aanbieding niet noodzakelijk inhouden dat de criteria van zuiver economische aard moeten zijn. In dat kader overweegt het Hof dat de aanbestedende dienst, in dit geval de gemeente, in het kader van de beoordeling van de economisch voordeligste aanbieding criteria met betrekking tot milieubescherming mag hanteren. Het Hof heeft in zijn overwegingen (64 tot en met 69 van het Arrest) een vierstappenplan doorlopen. Allereerst dient te worden vastgesteld of de criteria ­ in dit geval de criteria van milieubescherming ­ verband houden met het voorwerp van de opdracht. In dit geval luidde de opdracht de exploitatie van een buslijn. Ten tweede wordt overwogen dat de criteria voor het toekennen van extra punten voor de aanbiedingen, die aan bepaalde specifiek, objectief kwantificeerbare milieuvereisten voldoen, niet van dien aard mogen zijn dat de aanbestedende dienst daarmee een onvoorwaardelijke keuzevrijheid wordt verleend. Ten derde dienen de criteria uitdrukkelijk te zijn vermeld in het bestek of in de aankondiging van de opdracht. Ten slotte dienen alle fundamentele beginselen van gemeenschapsrecht gerespecteerd te worden, waaronder in het bijzonder het discriminatieverbod. Het Concordia­arrest is bij aanbestedingen van werken van belang met betrekking tot de uiteenzetting van het gunningscriterium van de economisch voordeligste aanbieding. Immers in artikel 30 lid 1 sub B van de Europese aanbestedingsrichtlijn voor uitvoering van werken (93/37/EEG) ligt het gunningscriterium van de economisch voordeligste aanbieding verankerd.

Reageer op dit artikel