nieuws

Bouwen in de poesta voor Nederlandse rustzoeker

bouwbreed

j·szkarajer- – Sinds Dirk Giese acht jaar geleden in Hongarije neerstreek, heeft de aannemer zoín 25 boerderijtjes op de poesta opgeknapt en aangepast aan de wensen van de Nederlandse rustzoeker. De 57-jarige Giese zwierf eerder al de wereld rond ten behoeve van oliemaatschappijen. Maar ook voor een aannemer met avontuurzin liggen er nog heel wat uitdagingen te wachten. ìGoed, het is soms behelpen, maar een leuke boterham valt er beslist te verdienen.î

Op de laagvlakte Alf-ld, zoín 90 kilometer zuidoostelijk van Boedapest, staan de tanyaís wat verloren in het weidse landschap. De kleine boerderijtjes, veelal op ettelijke honderden meters van elkaar verwijderd, liggen vaak verscholen achter een groepje bomen. Ze zijn gebouwd volgens de dwingende maten en met de standaard indeling die de communistische partij bepaalde. Hier woonden de werknemers van de collectieve boerderijen. Veel tanyaís, vaak tot op de draad versleten, staan leeg. Andere huisjes zijn nog bewoond door boeren die moeizaam in de vrije economie proberen te overleven. Aannemer Dirk Giese heeft zich volledig toegelegd op de verbouw van deze Hongaarse huisjes. Hij koopt ze ñ inclusief een paar duizend vierkante meter grond ñ voor enkele duizenden euroís, knapt ze met zijn mensen op en verkoopt de tanyaís vervolgens, aan voornamelijk Nederlanders die de ultieme rust zoeken. Verbouwd en wel is de nieuwe eigenaar een bedrag kwijt tussen de 20 en 35 duizend euro. In Nederland bouw je er niet eens een garage voor.

Loonkosten

ìHet is inderdaad geen geldî, zegt Giese. ìDat heeft alles te maken met de lage loonkosten. Mijn personeel verdient bij mij gemiddeld zes euro netto per uur. Dat is twee euro meer dan een Hongaarse aannemer betaalt. Met werkgeverslasten en belastingen erbij, kost een werknemer me zoín twaalf euro per uur. Vanwege de hogere verdiensten is het voor Giese niet moeilijk om vakpersoneel aan te trekken. ìEn ze weten dat ik hun niet ñ zoals bij mijn Hongaarse collegaís gebruikelijk is ñ meteen kort op hun loon wanneer de schafttijd eens tien minuten uitloopt.î Giese heeft inmiddels negen medewerkers op de loonlijst. Drie daarvan hebben een echte vakopleiding genoten, de overige leren net als zoveel Hongaarse bouwvakkers het werk in de praktijk. Timmermannen en elektriciens huurt hij in. Zijn personeel heeft een opleiding in metselen gehad. Een tamelijk breed georiÎnteerde opleiding, het niveau is vergelijkbaar met een mts-opleiding. De cursisten worden ook geschoold in betontechnieken, bekistingen maken en funderingen storten. Metselen kunnen ze als de beste, zonder waterpas of schietlood. ìIk heb voor hun een laserpas in de schuur liggen, maar ze gebruiken hem niet en toch is elk muurtje kaarsrecht.î Het verbouwen van de tanyaís is grotendeels handwerk. Ongehinderd door arbo-eisen klimmen ze op een zelfgetimmerde ladder naar boven, staan ze op steigerplanken die op twee oliedrums liggen en bewaren ze de werkschoenen die ze van Giese kregen om zondags naar de kerk te gaan. De aannemer neemt alleen tanyaís onder handen die op een goede fundering staan. De bouwtekening op basis waarvan hij aan de slag gaat, is niet groter dan een A4ítje, maar de noodzakelijke vergunningen vormen samen een pakket van meer dan dertig kantjes. Er is een vorm van bouwtoezicht dat zich beroept op een wet uit 1957. De wetgeving gaat uit van wat Giese ìcommunistische matenî noemt. De grootte en plaats van de ramen liggen vast, het aantal sporen op de kap ligt vast, zelfs de vloeroppervlakte van de voorraadkamer. ìOveral zijn regeltjes voor, maar de nieuwe lichting gaat er ingeval van verbouw flexibel mee om.î

Stro en leem

De tanyaís zijn opgetrokken met v·lgyok (spreek uit: wajoks), grove blokken gemaakt van stro en leem. Ze worden nog steeds gemaakt door rondtrekkende romaís en liggen her en der in het land te drogen. Met de valgyoks worden 30 centimeter dikke spouwloze en goed isolerende muren gebouwd, die vervolgens worden gepleisterd. Bestaande muren repareert Giese met dit type bouwstenen die aan elkaar worden gelijmd met een moddermengsel van leem en water. Onder de pleisterlaag komt eerst een laag riet dat met gegalvaniseerd draad wordt verankerd. Maar ook op de poesta staat de tijd niet stil. Een nieuwe bouwmuur bouwt hij tegenwoordig met Ytong blokken. ìHet heeft me veel tijd gekost de toezichthoudende instanties te overtuigen van de deugdelijkheid van Ytong. Ik heb ze voor het eerst toegepast bij de bouw van mijn eigen huis. Later mocht ik het materiaal ook gebruiken bij de verbouw van tanyaís. Bij nieuwbouw hier zijn de Oostenrijkse bakstenen B 30 Porotherm gebruikelijk.î Ook op andere onderdelen is door Giese een ënieuweí bouwwijze geÔntroduceerd. Collega-aannemers lijmen of schieten tegenwoordig boeiboorden vast. Maar het heeft lang geduurd voor ze geloofden dat het ook anders kon dan spijkeren. Een gordingkap is nu geen probleem meer, maar de aannemer heeft de blaren op zijn tong moeten praten om de ambtenaren ervan te overtuigen dat een kapconstructie ook beter kon. Het gebruik van te lichte sporen die te ver uit elkaar werden geplaatst, met daarop te dunne panlatten is er de oorzaak van dat vrijwel elke kap is doorgebogen onder de sneeuwlast. Pas nadat een in het buitenland opgeleide constructeur zich met het vergunningenbeleid ging bemoeien, kreeg Giese het groene licht om gordingen te maken.

Nertsen

Alle tanyaís hebben de vertrekken op de begane grond. De ruimte onder het flauw hellende dak wordt slechts gebruikt door nertsen, die zich wel thuis voelen op een zoldervloer gemaakt van maisstengels en leem. Wanneer de nieuwe eigenaar dat wenst, maakt Giese een houten zoldering en maakt hij een geÔsoleerde kapconstructie die voldoet aan de bouwfysische eisen. ìAls de zolder toch niet wordt gebruikt, is er ook geen reden voor. Met zoín traditionele bouwwijze heb je geen last van condensatie. Het waait lekker door en de lemen zoldervloer isoleert behoorlijk.î Gemiddeld heeft Giese zoín vijf tanyaís tegelijk onder handen. De verbouwingstijd bedraagt vijf tot zes maanden per boerderijtje. Hij verdient er naar eigen zeggen een aardige boterham aan en vooral op een ontspannen manier. ìJe accepteert dat je hier op een inventieve manier moet werken. Want de kwaliteit van het zand is nooit hetzelfde, zodat je steeds de mengverhouding moet aanpassen om de goede kwaliteit specie of beton te krijgen. Goed hout is onbetaalbaar dus moet je naar andere oplossingen uitkijken. Werken in Hongarije is kijken welk materiaal je voorhanden hebt en daarmee ga je dan aan de slag.î

Vraag

Zijn bedrijf is te klein om het grootschalig aan te pakken, erkent hij. ìMet een beetje kapitaalkrachtige partner, een inventief type dat het avontuur niet schuwt, zou ik hier grote plannen kunnen verwezenlijken. Personeel is er genoeg, de vraag naar tanyaís, verbouwd of nieuwbouw, is enorm. Ik heb eens een advertentie in Vivenda geplaatst. Op ÈÈn advertentie verkocht ik zeven vakantiehuizen. Als ik een fortuintje had, kocht ik meteen een stuk of twintig tanyaís en knapte ze op. En ik weet het zeker: de kopers zouden in de rij staan.î ëDe vraag naar tanyaís, verbouwd of nieuw, is enormí

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels