nieuws

De gemeente en de stagnerende woningbouw

bouwbreed

In de bouwwereld leeft sterk de gedachte dat de woningbouwproductie vooral stagneert door de overheid met al haar regelgeving. Zie onder meer directeur N. Rietdijk van de NVB in NRC Handelsblad van 13 juli jl. over ‘ongelooflijk veel regeltjes en ondoorzichtige inspraakorganen van burgers, ambtenaren, stedebouwkundigen, bouwers en ontwikkelaars’. In Cobouw van 29 augustus jl. spreekt hij over ‘het wantrouwen tussen gemeenten en ontwikkelaars is inmiddels zo groot dat er nauwelijks meer beweging in het proces is te krijgen.’

Bij ‘de overheid’ denkt men meestal aan gemeente en rijk. Rijksregelgeving is de afgelopen vijf jaar echter nauwelijks veranderd. Of het nu de nieuwe WRO is, het grondbeleid of de aangekondigde vereenvoudiging van de bouwregelgeving, nog niets heeft het Staatsblad bereikt en heeft daarmee in feite niets van doen met het inzakken van de woningbouwproductie. Tenzij men juist daarin een verklaring wil zien.

Bij gemeenten ligt het anders: ze zijn op voorhand de gebeten hond omdat daar, in het kader van de bouwaanvraag, alle regelgeving bij elkaar komt.

Marktwerking

Bovendien hebben gemeenten de afgelopen jaren een omslag moeten maken, van denken in subsidiestromen naar denken in marktwerking. Begrijpelijk is ze dat niet gemakkelijk afgegaan, want daar zit een tegenstrijdigheid in: waar marktwerking slachtoffers kent, ziet de overheid zich vaak als de belangenbehartiger van die slachtoffers. Tegenstellingen worden daarom verzacht en het maken van expliciete keuzen bij voorkeur vermeden.

De (politieke) discussie bij gemeenten om minder sociale huur- en meer koop- en duurdere huurwoningen te laten bouwen, heeft al gauw twee jaar geduurd. Deze afweging speelde rond 1997 en misschien niet geheel toevallig is toen ook de daling van de woningbouwproductie ingezet.

Nu gemeenten geacht kunnen worden het klappen van de zweep te kennen, kan de bouwproductie terug kan naar het niveau van vóór 1997. Echter, de meer marktgerichte aanpak heeft binnen de gemeentelijke organisatie sporen nagelaten, in de vorm van nieuwe regelgeving en nieuwe structuren. In veel gevallen is dat gepaard gegaan met ingrijpende reorganisaties.

Dat had een intern proces kunnen blijven als niet die nieuwe regelgeving in belangrijke mate was gekoppeld aan noodzakelijk te verkrijgen vergunningen. En tel daarbij het tekort aan bekwame ambtenaren, dan is duidelijk waarom de kans dat een project vertraagt, groter is als de mogelijkheid het te versnellen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels