nieuws

Strenge regulatie advies in bouwfraude

bouwbreed Premium

Strenge regulatie advies in bouwfraude

De parlementaire enquêtecommissie timmert aan de weg. Op televisie volgen dagelijks vele belangstellenden nieuwe onthullingen van ambtenaren en vertegenwoordigers van marktpartijen. Tegenover de schuldbekennende partijen zetelt de commissie. Zij ziet zich onder andere geconfronteerd met schuldbewuste klokkenluiders, golfpartijtjes waar het zakelijke wordt gecombineerd met het aangename, koffierondjes waarin niet slechts een bakkie wordt gedaan, een directiesecretaresse met gewetensbezwaren, illegaal vooroverleg en rekenvergoedingen. Bouwfraude bestaat! Waarschijnlijk zal de rapportage van de enquêtecommissie gewijd zijn aan fraude-casuïstiek. Een vraag is welk advies het rapport zal bevatten. Het valt te verwachten dat het hoofdadvies van de commissie wordt fraude te bestrijden door invoering van nieuwe regelgeving en gedragscodes voor overheid en bouwbedrijfsleven, en door verscherpte en intensieve controle op naleving ervan. Het advies zal gebaseerd zijn op achterdocht, en dit is te rechtvaardigen gezien het beeld dat uit de parlementaire enquête naar voren komt. Een vraag die opkomt is of een op achterdocht gebaseerde benadering volledig is. Het antwoord is ‘nee’. Regulering en controle gebaseerd op achterdocht is weliswaar nodig om fraude te bestrijden, maar draagt onvoldoende bij aan vernieuwing en verbetering van het werk in de bouw. De Nederlandse bouwsector heeft behoefte aan overheidsbeleid gericht op het inbrengen van verbeter- en vernieuwingsmechanismen. Dit beleid dient gebaseerd te zijn op inzicht in de bouwdynamiek. Belangrijke kenmerken van de dynamiek in de bouw zijn een hoog kennispotentieel en flexibiliteit, en intensieve interactie in het netwerk van organisaties. Een grote hoeveelheid ambtenaren, opdrachtgevers, aannemers, architecten, constructeurs en adviseurs werkzaam in de bouw, heeft een bouw- of bouwgerelateerde opleiding op hbo- of universitair niveau. Overheid, opdrachtgevers, architecten, adviesbureaus en aannemingsbedrijven beschikken over de competentie om in telkens variërende combinaties projecten met telkens variërende projectresulaten te realiseren. Organisaties in de bouw coöpereren en co-innoveren in de praktijk in continu wijzigende organisatiestructuren en -netwerken die voorafgaand aan, tijdens en na afloop van het bouwproject ontstaan. De bouwindustrie kenmerkt zich ook door hoge coördinatiekosten, niet geringe continuïteitsrisico’s, en de vertrouwen-achterdochtsparadox. Het eenmalige, projectmatige karakter van bouwactiviteiten, waar zoveel verschillende organisaties samen moeten werken, meerdere inhoudelijke disciplines moeten worden geïntegreerd, verschillende belangen met elkaar in evenwicht moeten worden gebracht, en voortdurend wordt onderhandeld over kosten en opbrengsten, heeft hoge coördinatiekosten tot gevolg. De vaste kosten van materieel, medewerkers en kennis bij grote ontwerp- en adviesbureaus en aannemers zijn aanzienlijk en een relatief lange periode zonder werk zitten is fnuikend.

Afhankelijkheid

De afhankelijkheid van veel bedrijven van overheidsopdrachten is hoog. Overheidsopdrachten in portefeuille waarborgt de continuïteit; het perspectief van een langdurig lege orderportefeuille is sanering, faillissement of overname. Niet in de laatste plaats ziet de bouw zich geconfronteerd met de vertrouwen-achterdochtsparadox. Vertrouwen staat aan de basis van coöperatie en co-innovatie, het door publieke en private organisaties gezamenlijk verbeteren en vernieuwen van proces en product in de bouw; achterdocht jegens projectpartners is de moeder van een voldoende gevulde portemonnee, het behartigen van het eigenbelang. Hoewel zij elkaar slecht verdragen, vormen vertrouwen en achterdocht een twee-eenheid die een efficiënte en kwaliteitsgerichte samenwerking kan zekeren. De benadering, vraagstelling en activiteiten van de enquêtecommissie wekken tot op heden de indruk dat zij afstevent op een op achterdocht gebaseerd rapport en advies.

Devies

Strenge regulatie wordt het devies. Vertrouwen lijkt als belangrijke pijler van overheidsbeleid gericht op kwaliteitsverbetering en innovatie in de bouw geen aandacht te krijgen. Als deelnemer aan het bouwproces waakt de overheid over haar portemonnee en laat zij kwaliteit ondersneeuwen. Slechts door intensief te interacteren, samen te werken, samen plannen te maken, samen projecten tot een goed einde te brengen, samen te leren van projectresultaten, zijn publieke en private organisaties in de bedrijfstak in staat kwaliteit te leveren en innovatiekracht te ontwikkelen. Het is interessant de enquêtecommissie te volgen in haar benadering. Wellicht gaat zij zich nog interesseren voor de dynamiek die schuil gaat achter de oppervlakte van frauduleuze handelingen en zich mede richten op een rapportage waarin plaats is voor adviezen voor overheidsbeleid waarin publiek-private samenwerking (pps) en verantwoordelijkheid voor kwaliteitsverbetering en innovatie in de bedrijfstak wordt vormgegeven. Dat verdient de bouw. Rekenvergoedingen kunnen haar gestolen worden.

Reageer op dit artikel