nieuws

Onnodige uittocht bouwvakkers Slechts eenvijfde bouwbedrijven probeert personeel vast te houden

bouwbreed Premium

amsterdam – Zeker tienduizend arbeidskrachten gaan elk jaar onnodig verloren voor de bouw. Ze keren de sector de rug toe, omdat ze te weinig betaald krijgen, te zwaar werk verrichten of nauwelijks carrièreperspectieven hebben. Vooral jongeren verlaten om die redenen de bouwbranche.

Dat blijkt uit een onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB), uitgevoerd in opdracht van het Algemeen Verbond Bouwbedrijf en de vakbonden. De uitkomsten moeten bijdragen aan de terugdringing van het aantal bouwverlaters. De bedrijfstak is er veel aan gelegen het aantal uittreders te verminderen: er is nog steeds een tekort aan bouwvakkers en vakbekwaam personeel wordt almaar schaarser. Jaarlijks verlaat ongeveer 10 procent van de werknemers die onder de bouw-cao vallen, de bedrijfstak. Dat komt neer op zo’n 18.000 arbeidskrachten. Tweederde van hen neemt vrijwillig afscheid; eenderde wordt ontslagen wegens bedrijfssluiting, arbeidsongeschiktheid of het aflopen van een project.

Zwaar

Bouwvakkers die vrijwillig vertrekken, vinden vooral het loon te laag, de vooruitzichten te mager en het werk zowel fysiek als psychisch te zwaar. Zij kiezen heel bewust voor een andere bedrijfstak waar de arbeidsomstandigheden en de arbeidsvoorwaarden gunstiger zijn. Door een hoger loon aan te bieden en beter om te gaan met het personeel, had hun vertrek kunnen worden voorkomen. Vooral onder jongere uittreders gaat een groot aandeel buiten de bouw werken, maar liefst 70 procent. Slechts eentiende van hen wil weer terugkeren naar de bouwsector. ‘De bouw raakt daarmee een aanzienlijk deel van haar jongere arbeidskrachten voorgoed aan een andere bedrijfstak kwijt’, constateert EIB-onderzoeker I. Corten. ‘Daar komt nog bij dat uit onderzoek bekend is dat de helft van de jongere werknemers in de bouw gemiddeld binnen twee jaar weer uittreedt.’ Ondanks het personeelstekort proberen aannemers maar mondjesmaat bouwvakkers vast te houden. Eenvijfde van de bedrijven neemt maatregelen daartoe, de helft is van plan dat in de toekomst te doen. Om hun arbeidscapaciteit toch op peil te houden, maken bedrijven vooral gebruik van onderaannemers, zelfstandigen zonder personeel of inleenkrachten van collega-bouwers.

Sociaal ‘De bouw blijkt een opstap te zijn naar andere bedrijfstakken. Dat is positief’, reageert vakbondswoordvoerder A. Pols op de uitkomsten van het EIB-rapport. ‘Aan de andere kant geeft dit onderzoek aan dat het hoog tijd wordt dat bouwbedrijven een sociaal beleid gaan voeren. Dat de helft van de ondernemingen maatregelen wil gaan nemen om het personeel vast te houden, is nog veel te laag.’ Dat het vooral jongeren zijn die de bouw de rug toe keren, verbaast de bond niet. ‘Dat roepen wij al een tijdje.’ Het Algemeen Verbond Bouwbedrijf (AVBB) geeft toe dat er nog wel het een en ander kan worden verbeterd aan het personeelsbeleid van aannemers. ‘Daar gaan we ook extra aandacht aan schenken’, aldus secretaris T. Hokken. ‘Er moeten handvatten komen om bewuster met personeel om te gaan.’

Reageer op dit artikel