nieuws

Steenfabrikant haalt eeuwfeest nét niet

bouwbreed Premium

delfzijl – Voor steenfabriek Hijlkema BV in Delfzijl, het al bijna honderd jaar in poreuze bakstenen gespecialiseerde familiebedrijf, valt op 1 mei definitief het doek. Voor de ambachtelijk vervaardigde warmte- en geluidisolerende poreuze steen blijkt in de bouw steeds minder belangstelling. Directeur Jan Hijlkema, kleinzoon van de oprichter, is treurig gestemd maar voelt zich ook opgelucht dat de kogel door de kerk is. Met het verdwijnen van één van de laatste vijftien ambachtelijke familiebedrijven op dit gebied in Nederland gaat echter een hoop knowhow verloren.

Steenfabriek Hijlkema vervaardigde al sinds 1903 bakstenen. Vóór 1945 betrof het vooral ambachtelijk vervaardigde bakstenen voor buitenmuren, daarna alleen nog voor binnenmuren. De laatste jaren produceerde het bedrijf gemiddeld zo’n 9,5 miljoen bakstenen per jaar en dat is te weinig om te kunnen overleven. Volgens Hijlkema kwam het einde voor hem en zijn elf personeelsleden dan ook niet als een volslagen verrassing. ‘Eigenlijk hebben we er al twee jaar naartoe zitten werken. Je probeert eerst op energie en andere kosten te besparen, bezuinigt tijdelijk op het onderhoud, maar op een gegeven moment is het verhaal definitief over. Dan stapelt alles zich op.’ Enerzijds doet het Hijlkema ontzettend veel pijn dat het eeuwfeest net niet meer gevierd kan worden, toch is hij opgelucht over het besluit. ‘We hadden nog wel twee jaar door kunnen modderen, maar dan blijf je achter met torenhoge schulden en daar zit niemand op te wachten. Bovendien: waar moet je dat jubileum dan van vieren? Mijn belangrijkste zorg is nu dat het personeel, dat al jaren bij het bedrijf in dienst is, goed terechtkomt. Vier van de elf vaklui maken gebruik van de vut-regeling. Voor de andere zeven mensen hebben we op het bedrijf een outplacement-bureau aan het werk gezet, die de mensen op weg helpt met de broodnodige certificaten en diploma’s om ze elders weer aan het werk te krijgen.’ Aangezien de malaise in de ambachtelijke steenindustrie algemeen is, denkt Hijlkema dat zijn personeelsleden in de toekomst, als ze weer aan de slag komen, heel ander werk zullen doen.

Goedkoper

‘Bij ons worden de stenen, een mengsel van klei en zaagsel, nog echt op ambachtelijke wijze gefabriceerd’, legt Hijlkema uit. ‘In zo’n steenfabriek van tegenwoordig gaat dat heel anders, daar zit je daar de hele dag op een monitor naar een geautomatiseerd productieproces te staren. Maar ja, ze kunnen op die manier veel goedkoper produceren dan wij. Niemand is meer bereid een paar centen meer te betalen voor een veel beter product’, constateert hij. ‘Ga toch door, want het is zo’n mooi ambachtelijk product, roept mijn omgeving al jaren. Maar als je die prachtige stenen niet verkoopt, houdt het verhaal snel op.’ Volgens Hijlkema is zijn poreuze baksteen een veel beter product dan de iets goedkopere en veelgebruikte baksteen die fabrieksmatig wordt geproduceerd. ‘Onze baksteen is warmte- en geluidisolerend, krimpvrij, geeft geen scheuren en gaat levenslang mee. De praktijk wijst echter uit dat de baksteen in de nieuwbouw steeds vaker door beton wordt verdrongen. En als er in een Vinex-locatie al baksteen wordt gebruikt, dan toch graag van de allergoedkoopste en inferieure soort. Het moet allemaal snel en goedkoop en het interesseert ze geen bal of zo’n huis tien jaar later in elkaar dondert. Voor kwaliteit is geen aandacht meer.’ De laatste jaren leverde Hijlkema dan ook vooral nog bakstenen voor bedrijven, kantoren en gevangenissen.

Plezier

‘Vreemd genoeg verkochten we relatief ook veel bakstenen ten behoeve van de duurdere woningbouw in Brabant. Dat is nog de enige provincie waar meer aandacht voor de kwaliteit van materialen is. Vraag me niet hoe dat komt, maar ik constateer een groot verschil met de rest van het land. Voor ons was dat echter niet voldoende.’ ‘Ik heb die stenen altijd met veel plezier gebakken. Het was meer hobby dan werk, eigenlijk. Dat maakt het des te pijnlijker als blijkt dat er geen goed belegde boterham meer uit te halen valt.’ Los van de afnemende kwaliteit in de nieuwbouw en de Europese concurrentie vanuit landen als Duitsland en België, heeft ook de afnemende bouwcapaciteit en de steeds strengere arbo- en milieuwetgeving het bedrijf parten gespeeld. ‘Tot op zekere hoogte kun je, door je productieproces steeds aan te passen en innovatief te blijven denken, dat proces goed bijbenen. Maar de rek was er de laatste tijd wel een beetje uit. Wat ik zelf ga doen? Daar heb ik nog helemaal niet over nagedacht. Mijn grootste zorg is de zaak hier netjes af te handelen en die jongens weer aan een baan te helpen. Daarna zie ik wel verder.’ ‘Voor kwaliteit is in de nieuwbouw geen aandacht meer’

Reageer op dit artikel