nieuws

Individuele en gemotiveerde uitleg van gunning voldoende

bouwbreed Premium

Individuele en gemotiveerde uitleg van gunning voldoende

In het kader van Europese aanbestedingen moet een aanbesteder afgewezen kandidaten op verzoek informeren waarom hun offerte het niet is geworden. In de praktijk mondt een dergelijk verzoek vaak uit in touwtrekkerij over de hoeveelheid informatie die dan moet worden verstrekt. In die discussie heeft de rechter onlangs weer gesproken. De Europese aanbestedingsrichtlijnen verplichten aanbestedende diensten afgewezen gegadigden of inschrijvers uit te leggen waarom hun offerte is afgewezen. De reden van deze motiveringsplicht is dat afgewezen kandidaten moeten kunnen controleren of de voorschriften van de richtlijnen zijn nageleefd. Blijkt dat niet het geval, dan kan de afgewezen kandidaat desgewenst de naleving via de rechter (of arbiters, als arbitrage is overeengekomen) afdwingen. De richtlijnen maken daarbij overigens wel een uitzondering voor openbaarmaking van gegevens indien die openbaarmaking in strijd is met de wet, het openbaar belang en het beginsel van vrije mededinging of schade toebrengt aan de rechtmatige belangen van ondernemingen. Afgewezen kandidaten menen soms dat aan de motiveringsplicht pas is voldaan als de aanbesteder exact aangeeft hoe hij tot zijn besluit is gekomen onder gelijktijdige toezending van de gunningsrapportage en kopieën van de inschrijvingsstukken van concurrenten. Dit tot ongenoegen van een aanbesteder die er om begrijpelijke redenen vaak niet veel voor voelt om het achterste van zijn tong te laten zien met betrekking tot de beoordeling. Omdat voor afgewezen kandidaten grote belangen op het spel kunnen staan ontstaat in de praktijk vaak een intensieve correspondentie tussen de afgewezen kandidaat en de aanbesteder over dit onderwerp.

Motiveringsplicht

Komen partijen er uiteindelijk zelf niet uit, dan kan een afgewezen kandidaat zich tot de rechter wenden met het verzoek om de aanbesteder te verplichten meer informatie over de gang van zaken tijdens de aanbesteding te verschaffen. De rechter wijst een dergelijke vordering in de praktijk niet snel toe. Onlangs bleek dat weer eens uit een uitspraak van de president van de rechtbank te Arnhem. Deze besliste dat de aanbesteder aan zijn motiveringsplicht had voldaan, omdat was aangegeven op welke gunningscriteria de afgewezen kandidaat beter of slechter scoorde dan de winnaar. De president verwees daarbij ter onderbouwing van zijn uitspraak naar een beslissing van het Europese Hof van Justitie waarin werd bepaald dat een individuele en gemotiveerde uitleg door de aanbesteder voldoende is: begrijpelijk moet zijn waarom de winnaar een betere offerte deed; het is dan onnodig het gunningstraject in al haar facetten bloot te leggen of de genoemde stukken te verstrekken. De Arnhemse rechter zag in het betreffende geval geen redenen een zwaardere motiveringsplicht op te leggen. Dat zou wellicht anders zijn geweest indien er redenen waren om te twijfelen aan de juistheid van het oordeel van de aanbesteder. In dat laatste geval is het mogelijk, en in de praktijk ook mogelijk gebleken, naast een nauwgezette beschrijving van de beoordelingsmethodiek van de aanbesteder ook inzage te verkrijgen in stukken die van andere inschrijvers afkomstig zijn. Een aanbesteder moet dus voldoende specifiek uitleggen op welke wijze hij tot de beslissing gekomen is dat de uitgeroepen winnaar een beter aanbod heeft gedaan dan de afgewezen kandidaat. Volledige transparantie is dus niet de standaard. Slechts indien goede gronden bestaan om te twijfelen aan de juistheid van de motivering van de aanbesteder ontstaat een zwaardere motiveringsplicht. Dergelijke twijfel kan bijvoorbeeld ontstaan indien de aanbesteder er niet in slaagt of weigert bepaalde vragen van de afgewezen kandidaat te beantwoorden. De kwaliteit van de motivering van de aanbesteder hangt in de praktijk dus veelal af van de oplettendheid en nauwgezetheid van de afgewezen kandidaat bij het stellen van zijn vragen.

Mr Jan Hebly en Mr Bert Lejeune, advocaten bij Houthoff Buruma te Rotterdam, sectie Vastgoed.

Reageer op dit artikel