nieuws

‘Remkes luistert niet naar de muziek’

bouwbreed

De Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) geeft staatssecretaris Remkes nog ‘credit’, omdat hij een doorbraak tracht te forceren van het paternalisme in de woningbouw. Projectontwikkelaars vinden de kloof tussen beleid en praktijk echter wel erg groot. “Het beleid moet voor de muziek uitlopen, maar de muziek moet wel gehoord worden”, verwoordt mr. Friso de Zeeuw het standpunt va de stuurgroep.

De Zeeuw is directeur Nieuwe Markten bij Bouwfonds Wonen uit Hoevelaken. Hij sprak op de manifestatie ‘Kansrijk met Kanswijk’, gehouden door de SEV in de RAI in Amsterdam. De Zeeuw heeft de cijfers van het woningbeleid van VROM (De Nota Wonen) in een grafiek uitgezet. Er zou nog een ‘boeggolf’ van Vinex-woningen moeten worden uitgevoerd, gevolgd door een steile daling van het buitenstedelijk bouwen en een nu al waar te nemen sterke stijging van de binnenstedelijke vernieuwing. In 2010 worden dan nog maar 15.000 woningen gebouwd in uitbreidingswijken. Meer dan 80.000 woningen ontstaan door nieuwbouw en renovatie binnen zo’n dertig steden. Samen goed voor 100.000 woningen per jaar.

De prognose van de projectontwikkelaars geeft een ander beeld. De ‘boeggolf’ ontbreekt, het bouwen in uitbreidingswijken neemt geleidelijk af tot 20.000 woningen in 2010 en het binnenstedelijk bouwen en renoveren neemt geleidelijk toe tot bijna 50.000 woningen in 2010. Totale productie zo’n 70.000 woningen per jaar.

Paarse hobby

“Voor projectontwikkelaars is binnenstedelijk bouwen minder aantrekkelijk vanwege de hoge startkosten, zo’n 75.000 gulden tegen 20.000 gulden voor uitbreidingswijken”, zegt De Zeeuw. “Desondanks zien we marktpotentieel, er valt wel te verdienen. Ook risico-spreiding en maatschappelijke verantwoordelijkheid zijn motieven. Remkes wil binnen twee jaar al meer binnenstedelijke ontwikkeling dan uitleg. Dat is niet onze prognose, wij blijven ook grond voor buitenstedelijke woningbouw aankopen.”

Remkes houdt te star vast aan programma’s voor de verkoop van huurwoningen, productiecijfers van nieuwbouw en het zuivere particuliere opdrachtgeverschap. Dat is niet goed, vindt De Zeeuw. Hij moet ook naar de werkelijke ontwikkelingen kijken. Het verkopen van portiekhuurwoningen, vaak zonder toekomstwaarde, is geen slim idee. De ‘paarse hobby’ van het individueel opdrachtgeverschap is bovendien in de stad onuitvoerbaar. “Wij noemen dat consumentgerichte projectontwikkeling. Dat vraagt een grote cultuuromslag in ons bedrijf”. Ook voelt De Zeeuw voor het collectief-individueel opdrachtgeverschap zoals de SEV voorstelt.

Kritiek

De kritiek van de SEV op het beleid is gematigder, maar niet veel minder sterk. “De woningmarkt stagneert aan alle kanten”, aldus ir. Henk Westra, directeur van de SEV uit Rotterdam. “De mensen missen de koopkracht om de kwaliteit te kopen die zij willen. Dat komt door de prijsstijging van koopwoningen. Die belemmert de doorstroming. Huren en daarnaast vermogen opbouwen is tegenwoordig goedkoper dan kopen en vermogen opbouwen door de stijging van de waarde.”

De SEV denkt nu aan een vorm van particulier opdrachtgeverschap in het goedkopere segment van de stedelijke woningbouw. De collectieve belangen zouden gewaarborgd moeten worden door kwalitatief hoogwaardige casco’s in stedenbouwkundige ensembles die ‘de moeite waard zijn’. Bovendien ziet Westra veel mogelijkheden voor het uitbreiden van bestaande gebouwen (door ‘optoppen, uitbuiken en uitplinten’). De individuele belangen kunnen in de afbouw tot hun recht komen. “Particulier opdrachtgeverschap is ook in appartementen mogelijk, hoeft niet per se op vrije kavels”, aldus Westra.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels