nieuws

Vijfhoek geen dertien-in-een-dozijn Vinex-wijk

bouwbreed

Vinex. Vaak geassocieerd met mislukking. Eentonigheid, gebrek aan groen en een te hoge bebouwingsdichtheid. De Vijfhoek in Deventer vormt duidelijk een positieve uitzondering op de regel. Het projectbureau weigert zelfs het begrip Vinex in de mond te nemen. De woonwijk met 4600 woningen is ingericht als een eigentijdse tuinstad. Veel aandacht voor de groenstructuur, de inrichting van de openbare ruimte en het ontwerp van de woning. “We waren niet van plan iets modieus en vernieuwends neer te zetten. We wilden een wijk creëren die de tand des tijds kan doorstaan en in ruime mate aansluit op de wens van de consument.”

Het wonen in een nieuwbouwhuis dat aan de jaren twintig en dertig doet denken en is te vinden in een groene omgeving, wint aan populariteit. Pakweg acht jaar geleden rees het idee om de Vijfhoek in te richten als tuinstad. De gemeente Deventer besloot het oorspronkelijke kampenlandschap ten noorden van het dorp Colmschate in al haar facetten te respecteren. De oude landweggetjes werden gehandhaafd en de bestaande bomenstructuren bleven behouden.

Wegenstructuur

“De bebouwing voegt zich volledig naar de bestaande wegenstructuur”, wijst senior-projectleider Stadhouder van het projectbureau de Vijfhoek op de situatiemaquette. Twee buurten, Op den Haar en Steinvoorde, zijn klaar en worden bewoond. De derde, het Jeurlink, is nog in aanbouw. Het landschap dient als uitgangspunt voor de ontwikkeling van de wijk. De bebouwing oogt naar de randen toe opener en verdicht zich naar de kern toe.

Kenmerkend voor het kampenlandschap is de kleinschalige opzet. “Iedereen kan zijn eigen buurtje terugvinden”, weet Stadhouder. “Het woningblok met de rode pannen, de woning aan het water, de rijtjeswoningen met die beukenhaag ervoor. De architectonische samenhang binnen elk woningblok is essentieel voor de tuinstadgedachte”.

Om die tuinstadgedachte inhoud te geven, reisde onder meer Stadhouder naar Engeland, waar de bakermat ligt van de tuinstad. “De zorgvuldigheid in het architectonische ontwerp viel me daar het meest op. Alle elementen in de openbare ruimte en aan de woningen zijn bewust ontworpen. De kenmerkende erkers en dakoverstekken, de erfafscheidingen, de lantaarns in de straat en ga maar door. Zonder iets te kopiëren, hebben we de wijk een zorgvuldig, herkenbaar, groen en qua woningtype gedifferentieerd karakter gegeven.”

Voor Op den Haar is de Engelse stijl toegepast. De tuinstad naar Oostenrijks model is terug te vinden in Steinvoorde waar de woningen in een hogere dichtheid zijn gebouwd. Niettemin blijft de dichtheid relatief laag met gemiddeld 30 woningen per hectare. “Toch wijkt dat aantal niet veel af van andere Vinex-wijken. Maar omdat we een mix hebben van vrijstaande en rijtjeswoningen lijkt het een opener structuur.”

De scheiding tussen privé- en openbaar gebied is duidelijk gemarkeerd. De erfafscheidingen in de vorm van hagen of halfhoge bakstenen muurtjes zijn consequent doorgevoerd. Dat geldt eveneens voor het straatmeubilair. Her en der treffen we schuttingen aan, maar die vormen louter een afscheiding tussen de tuinen. Het straatbeeld wordt niet verstoord. Op sommige plekken ging het wel mis.

Stadhouder wijst op een schutting. “Die huisarts daar houdt zich niet aan de afspraken. De bedoeling is dat de schutting achter de colonnade wordt geplaatst en niet ervoor. Maar hij zal het wel leren.”

Levendigheid

Het woningontwerp blinkt uit in detaillering. De kopgevels stralen altijd levendigheid uit met een uitgekiende positionering van de ramen en voordeur. Op de hoek van een rij twee-onder-een-kappers staat nooit de garage, maar altijd de woonkamer. “Daarmee bevorderen wij de sociale veiligheid op straat.” Parkeren gebeurt geconcentreerd in zogeheten parkeerkoffers. Daardoor zijn de langzaamverkeersroutes gevrijwaard van geparkeerde auto’s, waardoor de kinderen ruim baan hebben om te spelen.

Het meest in het oog springende element vormen de openbare ruimten. Centraal in elke buurt liggen open groene zones die met haast wiskundige precisie zijn vormgegeven. “Elk deelgebied heeft eigen accenten, maar het tuinstadprincipe blijft overeind. Het concept werken we nog steeds uit.”

Architectonische samenhang is essentieel voor de tuinstadgedachte’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels