nieuws

Duitsland hindert buitenlandse bouwers bij grote projecten

bouwbreed

Het Europese Hof van Justitie tikt Duitsland op de vingers vanwege het discrimineren van buitenlandse bouwers. De advocaten-generaal Ruiz en Colomer stellen de Europese Commissie in het gelijk met de klacht dat Duitsland met versluierde wetgeving bewust het binnenlandse bedrijfsleven bevoordeelt.

Duitsland gaat zijn boekje te buiten door bij projectmaatschappijen voor grote werken van alle deelnemende bedrijven de naleving van de nationale Duitse cao te eisen. Ook gaat de maatregel te ver om alleen orders te geven aan bedrijven wiens arbeiders meer dan de helft van hun werk uit bouwprestaties bestaan.

De Europese Commissie zit al sinds september 1997 Duitsland op de huid over de benadeling van buitenlandse bouwers. De bezwaren richtten zich tegen het vestigings- en dienstverleningsrecht.

Vier jaar geleden schikte de bondsregering wat in door te stellen dat ondernemingen die in projectmaatschappijen opgenomen willen worden, niet beslist hoeven te beschikken over een hoofdkantoor in Duitsland. Voldoende was dat voor alle leden van de projectmaatschappij exact dezelfde cao-regels zouden gelden als voor de desbetreffende sector van toepassing zijn. Om onder de reikwijdte van de Duitse wet te komen, noemde Berlijn de aanwezigheid van een Duitse vestiging die als werkgever kon optreden voldoende.

e bondsregering argumenteerde dat naleving van de nationale cao verplicht is vanwege het bijzonder gevoelige karakter van de sector en de voortdurende dreiging van prijsdumping.

De Europese Commissie vond het verweer van de Duitsers uiterst mager. Omdat de bondsregering aanpassingen aankondigde, overwoog Brussel aanvankelijk geen klacht in te dienen. Maar de concept-wijzigingen die de Commissie voorts onder ogen kreeg, bleken zo dunnetjes dat Brussel op 21 december 1999 alsnog naar het Europese Hof stapte.

Teken aan de wand

Volgens de Commissie zijn de Duitse regelingen uit twee overwegingen strijdig met de vrijheid van dienstverlening. De aanklagers komen in hun betoog van 5 april tot de slotsom dat misschien theoretisch de Duitse regelingen niet ten voordele zijn van de binnenlandse bouwers. De praktijk is echter volstrekt anders. Een teken aan de wand is dan ook dat de Europese instanties overspoeld worden door bezwaren van buitenlandse bouwers en nooit kritiek bereikt vanuit het Duitse bedrijfsleven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels