nieuws

Renovatie kantoor Hoogvoorde supermodern en pragmatisch

bouwbreed

Naast winkelcentrum In de Bogaard, niet ver van station Rijswijk, krijgt kantoorgebouw Hoogvoorde een nieuwe verschijning in een opmerkelijke stijl. Misschien laat het zich nog het best omschrijven als ‘supermoderne pragmatische renovatie’.

“Het is een stijl die voortkomt uit een soort huwelijk tussen constructie en commercie”, vindt de architect, ir. Arnoul Bouwman. Hij is adjunct-directeur van de vestiging van Alynia Lerou Architecten in ‘s-Hertogenbosch. “Je zou het pragmatisme kunnen noemen. Het is een nieuwe benadering van het functionalisme, waarbij de constructie en de installatietechniek veel invloed hebben op de expressie. Hans Ibelings, journalist van Archis, heeft in dit verband de kreet ‘supermodern’ gelanceerd. Maar misschien past mijn ontwerp niet helemaal in zijn definitie.”

Het kantoorgebouw Hoogvoorde is een van de tien functionalistische gebouwen, die rond 1970 zijn uitgevoerd door HBG volgens de jackblock-methode. Daarbij werd op het maaiveld steeds een complete verdiepingsvloer gestort en opgevijzeld, totdat het gebouw hoog genoeg was. De vloeren zijn verbonden door stalen kolommen en een stabiliteitskern met liften en trappen. “Een zeer functioneel en nog steeds bruikbaar ontwerp voor een kantoorgebouw”, vindt Bouwman.

Nooit afgebouwd

Hoogvoorde is bijna dertig jaar het onderkomen geweest van honderden rijksambtenaren. De laatste jaren zaten er nog maar tientallen en het gebouw begon te verpauperen. “Het zag er grauw en vervuild uit”, aldus de architect. “Het glazenwassen vanaf de betonnen ‘luifels’ mocht niet meer. Zowel technisch als qua uitstraling was het gebouw werkelijk helemaal afgeschreven. Een klant van ons, Bouwconsulting uit Vught, kon het kopen. Voor de ontwikkeling is de v.o.f. Hoogvoorde opgericht.”

Het kantoorgebouw is destijds ontworpen door Lucas Niemeijer, maar nooit afgebouwd. Enkele van de glazen panelen, die als zonwering aan een constructie buiten de gevels zouden worden aangebracht, raakten los en vielen naar beneden. De bouwheer heeft de panelen toen maar helemaal weggelaten, waardoor het gebouw een naargeestige indruk maakte. Toch waardeert Bouwman het oorspronkelijke ontwerp als “sober, zuiver en eerlijk”. “Dat wilde ik respecteren.”

“We hebben ervoor gekozen het gebouw in zijn waarde te laten, de omvang te behouden en dezelfde schaal te hanteren. Dat is economisch ook wel handig. De kostprijs van de renovatie moest beneden die van nieuwbouw blijven”, verklaart Bouwman.

Hefsteigers

Vanaf het begin zijn de onderaannemers en leveranciers bij het plan betrokken. De aluminium puien komen van Mohrmann uit Leeuwarden, voor de installaties tekent hoofdaannemer Hiensch Engineering uit Badhoevedorp. Het sloopwerk wordt verricht door Transverko uit Rijswijk en Maas-Dijken Bouw uit Alphen aan den Rijn is de bouwkundig aannemer. Snellen, Meulenmans en Schaik uit Breda werkte de constructie uit. Bouwconsulting Bedrijfsbureau voert de directie.

Bij de renovatie ontbreekt een torenkraan. “We werken om het gebouw heen, met hefsteigers”, legt de architect uit. “Het steiger- en sloopwerk maakten deel uit van het ontwerpproces. We hebben een flexibel digitaal model gemaakt, waarmee we wijzigingen snel konden visualiseren. Dat werkte heel goed.”

Volgens Bouwman is de architectonische scheiding van basis, middenstuk en kroon een classicistisch gegeven. “Maar het komt ook uit de commercie voort. Het ging de functionalisten om gebruik en constructie, daar is de commerciële exploitatie bij gekomen. Het gebouw moest worden aangevuld met een hedendaagse klimaatinstallatie en een representatieve uitstraling. Als ontwerper heb ik mij gebaseerd op het vermoeden van een identiteit, die de eindgebruiker zoekt. Alle bouwmaterialen en -elementen zijn al besteld, dus aan het uiterlijk kan niets meer worden veranderd, ook niet de kleur. Er zijn al wel belangstellenden, maar het is nog niet verhuurd.”

Verenigde Staten

Sommigen denken bij de stijl van het nieuwe Hoogvoorde aan de architectuur in de Verenigde Staten. Bouwman: “Daar is echter veel show-off, men is meer geneigd tot postmodernisme. Omdat het geld opbrengt, niet omdat ze het leuk vinden. Die stijl lijkt hier wel een beetje op, maar mijn ontwerp is toch meer calvinistisch, typisch Nederlands.” Wellicht het begin van een trend – er wachten meer kantoorgebouwen op een nieuw leven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels