nieuws

Pronk betreurt wijziging Vijfde nota

bouwbreed

Minister Pronk van ruimtelijke ordening vindt het jammer dat de lichtgroene contouren zijn geschrapt uit de Vijfde nota. Hij waarschuwt dat daarmee de regie over de inrichting van Nederland niet meer eenduidig en transparant is.

De minister sprak gisteren zijn zorg uit tijdens de officiële presentatie van de Vijfde nota. Het was voor het eerst dat de minister inging op reacties op het toekomstige beleid voor de ruimtelijke ordening van het land.

Pronk noemt het geen ramp dat het beleid beperkt blijft tot rode en donkergroene contouren, omdat achterliggende regimes als de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn blijven bestaan. Hij schuift daarmee de kritiek dat half Nederland vogelvrij wordt verklaard, terzijde. “Wat we nu missen is vooral een volstrekte eenduidigheid en transparantie van de regie, niet de publieke regie zelf”, betoogt Pronk.

‘Wegbulldozeren’

De bewindsman wil niet meer gedogen en streeft naar strenge naleving van de nieuwe Wet op de ruimtelijke ordening. “Het is tijd om een cultuurverandering te bewerkstelligen: democratiseren, niet gedogen, geen handjeklap tussen bestuurders en belangen, en niet teruggrijpen op verouderde bestemmingsplannen die mondige burgers het vertrouwen in de overheid doen verliezen.”

De minister vindt verder dat het Rijk niet mag buigen voor de dreiging van kapitaalkrachtige projectontwikkelaars. Hij waarschuwt voor het ‘wegbulldozeren’ van de open ruimte en bepleit behoud van het unieke karakter van gedifferentieerd landschap.

Zowel het één als het ander dreigt in rap tempo te verdwijnen, blijkt uit onderzoek van het ministerie. Een pasklaar antwoord biedt de Vijfde nota niet op het feit dat Nederland een kwart te klein is voor honorering van alle ruimteclaims. “De opgave is omvangrijk. Meer dan een kwart van het oppervlak van Nederland zal de komende dertig jaar van karakter veranderen. Dat plaatst ons voor de noodzaak keuzes te maken. Inschikken helpt niet.”

Het kabinet heeft gekozen voor: intensief ruimtegebruik (dichter bouwen in steden, duurzame bedrijventerreinen), functiecombinaties (water en recreatie, landbouw en natuur, wonen op water) en reconstructie van kwalitatief minder gewaardeerde delen van stad en platteland (verouderde woningen, stallen en kassen). Tegelijkertijd wil Pronk tegemoetkomen aan de wens voor grotere woningen. Daarvoor komen in eerste instantie vliegveld Valkenburg, de ‘Bollenstad’ en de Haarlemmermeer in aanmerking. Het aanwijzen van grote woningbouwlocaties zal komende jaren worden gecombineerd met het vaststellen van de rode contouren.

Claim

Verder gaat Pronk alle zogenoemde netwerksteden verplichten met elkaar te overleggen over grote investeringen. Het gaat om woonwijken, maar ook om bedrijventerreinen, havenuitbreiding en recreatiegebieden. Dat gaat dus ook gelden voor de vier grote steden die samen de ‘Deltametropool’ vormen. Aparte ontwikkeling van een Noord- en Zuidvleugel, waarbij Amsterdam en Rotterdam elkaar beconcurreren, mag niet meer.

Pronk denkt 29 miljard gulden nodig te hebben voor uitvoering van de plannen en heeft die claim ingediend bij zijn collega Zalm van Financiën. Dat bedrag is een optelsom van alle verbeteringen op het gebied van milieu en infrastructuur en niet alleen bedoeld voor het ministerie van VROM.

Op pagina 2: ‘Met grond valt goed te verdienen’.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels