nieuws

Lekkende afdichting hoofdlager hindert boren Westerscheldetunnel

bouwbreed

De geplande onderhoudsstop bij het verlaten van de Boomse klei kan voor de bouwers van de Westerscheldetunnel wel eens aanzienlijk ingrijpender worden. Een afdichting van het hoofdlager van een van de twee machines lekt en kan niet door duikers worden gerepareerd.

De afdichting van het hoofdlager waarmee het snijrad wordt aangedreven lekt al langer, maar leverde tijdens het boren door de Boomse klei geen problemen op. Deze week hakt aannemer KMW de knoop door of ook de laatste kilometers door de zandlagen wordt doorgegaan met de lekkende afdichting, of dat die voor de zekerheid wordt vervangen. Als voor dat laatste wordt gekozen, zal diep onder de Westerschelde een soort dichtblok moeten worden gecreëerd. Een stevige prop die de tunnelmachine aanboort waardoor voor het boorschild een kamer ontstaat waar onder atmosferische druk gewerkt kan worden. Vervangen van de afdichting is namelijk een dusdanig specialistisch karwei dat er geen duikers ingezet kunnen worden.

Palen

Volgens woordvoerder L. de Wolf van KMW zijn er op dit moment nog twee technieken in beeld om zo’n prop te creëren: door de bodem te bevriezen of palen te boren.

Vriezen zou met stikstof moeten gebeuren, omdat dat sneller gaat dan met het pekelwater dat gebruikt wordt bij het bouwen van de dwarsverbindingen. Bij de palenoptie zou een heel woud aan stalen palen de grond ingedraaid worden tot ruim veertig meter beneden NAP, die vervolgens bij het trekken met lagesterktebetonmortel worden gevuld.

Dichtblok

Beide opties zouden vanaf de Middelplaat, een zandbank in de Westerschelde, worden uitgevoerd. De betreffende tunnelboormachine, Sara, heeft nog ruim een kilometer te gaan voordat die onder de Middelplaat zit. Genoeg tijd dus om een dichtblok te maken.

De planning van de tunnel komt door de operatie dus niet in gevaar. Wel betekent het voor KMW een financiële tegenvaller.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels