nieuws

Portugees kerstdiner met ‘kiep’

bouwbreed

Sandro Filipe Castro Soares viert kerst thuis, in Portugal bij zijn familie. Maar 25 collega-bouwvakkers van hem moeten de feestdagen in Nederland doorbrengen, omdat ze nodig zijn bij de boormachine in de Groene Harttunnel. Tot medio 2003 logeren ze in hotel Wassenaar.

Van de 350 bouwvakkers die op dit moment aan de Groene Harttunnel werken, komen er 300 uit het buitenland. Ieren, Fransen, Belgen, veel Portugezen en een handjevol Duitsers. Ze zijn ondergebracht in hotels, woonboten of huizen. De meeste bouwvakkers zijn voor een kerstvakantie inmiddels vertrokken naar hun vaderland, uitgezwaaid door de pechvogels die het kortste lucifertje hebben getrokken.

In de grote wit betegelde eetzaal van hotel Wassenaar hebben de Portugezen een aandoenlijke poging gedaan wat kerstsfeer te brengen. Een kerstboompje probeert een hoekje in de immense ruimte op te fleuren. Aan de wand hangen kersttakjes die door de verlichting nog enigszins opvallen. Mooi verdeeld op de twaalf meter lange witgedekte tafel staan drie kerststukjes met een kaars erin. Niemand denkt eraan ze aan te steken, totdat de fotograaf erom vraagt. De tafel is gedekt met witte plastic bordjes en bestek en pakken taksi, een mierzoet kinderdrankje. De bouwvakkers zijn er klaar voor, het kerstdiner kan beginnen.

In de keuken sloven de twee Portugese koks Antonio en Silva zich uit. Kilo’s grote garnalen draperen ze rond een kool met gezicht. Met ingehouden trots poseren ze voor de camera, op gevaar af dat de zeecreatie van de schaal glijdt.

Er wordt staande gegeten, heel veel gekletst, gelachen, gezoend en op elkaars schouders geslagen. Wat de ruimte aan warmte mist, wordt geheel gecompenseerd door de Portugese bouwvakkers, die elkaar erg aardig vinden. Sommigen zijn nog gekleed in de oranje werkbroek. Een enkeling heeft een stemmig colbertje aangetrokken. Als het bier (uiteraard uit Portugal) op tafel komt, wordt het pas echt feest. Zonder opener overigens, want al het extra budget zit in de garnalen. Met messen en sleutels gaan ze de kroondopjes te lijf.

Op ons verzoek vraagt Sandro Filipe aan de kok wat hij op eerste kerstdag serveert. Antonio roept iets te snel “kiep”. Kip, vertaalt Sandro stoïcijns. Misschien wordt het wel een tournedos, gegarneerd met een dun plakje ganzenlever en flintertjes truffel, overgoten met een madeirasausjes. Maar dat kan de kok niet in het Nederlands zeggen. En dus zegt hij “kiep”.

Het maakt de bouwvakkers niet uit. Ze hebben taksi, bier en elkaar. Als we weggaan, wensen ze ons happy Christmas toe en nemen nog een slok.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels