nieuws

Surinaams bouwbeleid woningbouw: eentonig gebed zonder einde

bouwbreed Premium

Het Surinaamse woningbouwbeleid is een gebed zonder einde. Sinds de onafhankelijkheid van Suriname is vrijwel geen project van de grond gekomen. Het ontbreekt aan doelbewust beleid, aldus Armand Snijders.

Het is opvallend wat de Surinaamse regering onder leiding van president Ronald Venetiaan na ruim een jaar allemaal niet heeft gepresteerd. Weliswaar is de gierende inflatie, die jaarlijks ver boven de honderd procent lag, naar normale proporties teruggebracht en de waarde van de Surinaamse gulden weer enigszins gestabiliseerd, maar voor de bevolking blijft het kommer en kwel. Alle goede voornemens ten spijt blijven noodzakelijke maatregelen ter verbetering van de levensomstandigheden uit en schiet vooral het woningbouwbeleid ernstig tekort.

Onlangs werd in aanwezigheid van minister Paul Somohardjo van Volkshuisvesting een woning opgeleverd, die in dertien dagen door een bedrijf uit Trinidad was neergezet. Niet op initiatief van de overheid maar van de vakorganisatie voor ambtenaren, CLO. Het huis dient als voorbeeld voor wat op grote schaal in Suriname zou kunnen worden gebouwd, alleen maakt de regering de financiële middelen hiervoor niet vrij.

Sinds het aantreden van de regering-Venetiaan zegt Somohardjo doorlopend prioriteit te willen geven aan de bouw van woningen voor de minder draagkrachtigen. Geen overbodige luxe, want er staan bijna 40.000 mensen op de lijst van woningzoekenden, ofwel bijna tien procent van de totale Surinaamse bevolking. Maar tot op de dag van vandaag heeft Somohardjo nog geen steen laten leggen.

Enthousiast

De bewindsman reist de hele aardbol over om met ‘geïnteresseerde investeerders’ te praten. Zo stak hij zijn licht op in tal van landen in het Verre Oosten, in Nederland en in de Caraïbische regio. Na elke reis komt hij met enthousiaste verhalen thuis over wie zich nu weer in de rij heeft geschaard om in Suriname te mogen bouwen. Om er vervolgens vooral over te zwijgen.

In Nederland zou de belangstelling eveneens groot zijn. De Rook-groep uit Vlaardingen is al jaren in onderhandeling maar krijgt ondanks intensieve gesprekken geen voet aan de Surinaamse grond.

Ook hebben drie Amsterdamse woningcorporaties de handen ineengeslagen en plannen ontvouwd om in hoog tempo betaalbare woningen uit de grond te stampen. Dat was bijna een jaar geleden. De stilte rondom dit project is angstaanjagend en de door de woningcorporaties in Suriname opgezette stichting is zelfs telefonisch niet meer bereikbaar.

Het probleem van een falend volkshuisvestingsbeleid is niet iets van de laatste tijd. Sinds de onafhankelijkheid van Suriname is er vrijwel geen project van de grond gekomen. Terwijl de lijst met woningzoekenden in hoog tempo groeide, zaten de verantwoordelijke politici en ambtenaren met hun armen over elkaar. Onder de vorige regering van president Jules Wijdenbosch werden weliswaar enkele contracten met buitenlandse aannemers getekend maar dat heeft slechts geresulteerd in half afgebouwde huizen, omdat Suriname niet aan zijn financiële verplichtingen voldeed. De onvolledige woningen zijn inmiddels in bezit genomen door wanhopige Surinamers die geen dak boven hun hoofd hadden.

Het ontbreken van een doelgericht beleid op het gebied van de volkshuisvesting is de belangrijkste oorzaak van de zich opstapelende problemen. Zonder dit beleid blijven investeerders ver weg van Suriname. Ook in de afspraken die tussen Nederland en Suriname zijn gemaakt over de besteding van de resterende ruim 500 miljoen gulden uit de Verdragsmiddelen, die Suriname bij de onafhankelijkheid in 1975 meekreeg, wordt met geen woord gerept over woningbouw. Om de doodeenvoudige reden dat Nederland niet de vingers wil branden aan een onsamenhangend beleid.

Eigenlijk is het vreemd dat Somohardjo er niet in slaagt om ook maar een huis te laten bouwen en er de voorkeur aan geeft om in het buitenland te gaan shoppen. Met veertien miljoen hectare, ruim tachtig procent van het totale landoppervlak, binnen de grenzen heeft Suriname een schat aan bouwmaterialen in eigen huis. Van oudsher zijn Surinamers gewend om in houten huizen te wonen

De reden dat volkshuisvesting in werkelijkheid een lage prioriteit heeft laat zich raden. De winstmarge bij de bouw is zo klein dat het voor aannemers niet de meest lucratieve opdrachten zijn, terwijl er voor de verantwoordelijke bestuurders onder tafel weinig te halen valt. Dat er vooral in het verre Oosten wordt gezocht naar bouwers heeft alles te maken met de daar heersende cultuur van het betalen van steekpenningen. Zolang de verantwoordelijken in Suriname daar gevoelig voor zijn zal de ontwikkeling van een woningbouwbeleid een eentonig gebed zonder einde blijven.

‘Gemis aan steekpenningen oorzaak stagnatie’

Reageer op dit artikel