nieuws

Nieuw ECN-gebouw lacht om energierekening

bouwbreed

Op het terrein van Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN) in Petten wordt gestaag gewerkt aan de bouw van een nieuw modulair kantoor- en laboratoriumgebouw dat hoge ogen gooit naar het predikaat ‘meest energiezuinige kantoorgebouw van Nederland’. Een van de drie gebouwmodules is al klaar. Het tweede moet vanaf 2004 gerealiseerd worden. Het derde bevindt zich nog in de brainstormfase.

De drie modules hebben elk 3000 vierkante meter vloeroppervlak, en worden gekoppeld door een niet-geklimatiseerde serre. Daardoor ontstaat een beschermde verkeersruimte en een buffer tussen buiten- en binnenklimaat. Bovendien worden in de serre zonnecellen geïntegreerd. De eerste al gerealiseerde gebouwmodule is gekoppeld met het aangrenzende Algemeen Laboratorium, een gebouw uit 1963. Dat is bij zijn renovatie verrijkt met een gevel en een dak waarin op grote schaal zonnecellen zijn toegepast. In de gevel zijn deze gecombineerd met de buitenzonwering, terwijl ook het dak met de zonnecellen als parasol functioneert.

Zonlicht

De nieuwbouw naast het lab, in ECN-termen gebouw 42, valt op door de serre met zonnecellen. De pv-installatie daar (pv staat voor photovoltaics) is opgebouwd uit zogenoemde doorzichtmodules: dat zijn pv-panelen die een deel van het opvallende zonlicht doorlaten. De panelen hebben een piekvermogen van 75,5 watt. De installatie is voor een deel gereed.

Wanneer straks de tweede gebouwmodule klaar is, zal de installatie, waarvan het totale vermogen 27,5 kilowattpiek is, goed zijn voor een jaarlijkse electriciteitsopbrengst van 20.625 kilowattuur. Dat is genoeg om zeven huishoudens van stroom te voorzien. De modules, die monokristallijne cellen bevatten, zijn van het fabrikaat BP Solar.

Verlichting

Zowel de nieuwbouw als de renovatie is ontworpen door Bear-architecten te Gouda. Het energieconcept is in nauwe samenwerking met projectarchitect Tjerk Reijenga en ECN ontwikkeld. “Een energiezuinig kantoorgebouw wordt verkregen door beperking van energie voor verlichting, koeling, verwarming en ventilatie”, legt programmacoördinator gebouwontwerp Dr.ir. H. Kaan van ECN uit. “Daarom is er optimaal gebruik gemaakt van daglicht. Zodoende wordt niet alleen op verlichtingsenergie bespaard, maar ook de koelbehoefte wordt dan minder groot. Vrijwel alle elektriciteit voor verlichting wordt immers in warmte omgezet.

Een centrale lichthof speelt een belangrijke rol in de daglichtoptimalisatie. Vrijwel alle werkplekken zijn aan het raam gesitueerd. De lichthof heeft bovendien een functie in het ventilatiesysteem en als verkeersruimte.” De zonnecellen in de serre zijn op zekere afstand van elkaar in modules geplaatst. Daardoor wordt 70 procent van het daglicht afgeschermd en is aan de zuidzijde van het gebouw geen zonwering nodig. Het resterende daglicht is voldoende om een belangrijk deel van het jaar zonder kunstlicht te kunnen werken. De verlichtinsinstallatie is voorzien van daglichtsensoren. Het aanbod van kunstlicht neemt toe naarmate het buiten donkerder wordt.

Er is geen airconditioning. Het gebouw wordt gekoeld door de zogenoemde zomernachtventilatie. Tijdens de zomernacht gaan automatisch ventilatiekleppen open op de gevel en in het dak en wordt relatief koude buitenlucht langs de plafondconstructie het gebouw ingezogen. De zware betonnen constructie koelt daardoor af en slaat de koude op. De binnenlucht die overdag tussen de verlaagde plafondconstructie en de betonconstructie kan stromen, koelt daardoor af.

“Het systeem heeft tijdens de hittegolf van augustus 2001 uitstekend gewerkt”, zegt Kaan. Het energiegebruik voor verwarming wordt beperkt door de compacte bouwvorm, die een zo klein mogelijk buitenoppervlak paart aan een zo groot mogelijke inhoud. Het gebouw is goed geïsoleerd en het raamopper- vlak is zo klein mogelijk gehouden, vooral afgestemd op de lichtbehoefte. De ruimte wordt verwarmd door luchtverwarming. “Door de relatief lage temperatuur van het verwarmingssysteem is het bijzonder energie-efficiënt”, zegt Kaan. “De warmtetoevoer is aangesloten op de gecombineerde warmtekracht- en compressiekoelinstallatie van het naastgelegen Algemeen Lab, waarin ook bodemopslag van koude een rol speelt.

Duurzaamheid

De installatie is door ECN zelf ontwikkeld”. Het gebouw wordt tenslotte met buitenlucht geventileerd door een mechanisch ventilatiesysteem. In de winter wordt de ventilatielucht door de af te voeren lucht voorverwarmd door middel van een warmtewisselaar en naverwarmd door het verwarmingssysteem.

Bij het ontwerp van gebouw 42 hebben de architect en ECN vooral duurzaamheid nagestreefd in relatie tot het energiegebruik. “In een onderzoekscentrum als ECN verandert de behoefte aan typische ruimtes met de regelmaat van de klok”, legt Kaan uit. “Dat vereist flexibiliteit bij het ontwerp van dit gebouw. Dat komt tot uiting in de indeelbaarheid van de verdiepingen. De constructie kenmerkt zich door een vrij indeelbare, symmetrische plattegrond met een minimaal aantal kolommen. Als het nodig is kunnen we zelfs openingen in de vloeren maken voor grote laboratoriumventilatiekanalen zonder de constructie in gevaar te brengen. De verdiepinghoogte is zodanig gekozen dat kantoorruimtes kunnen worden omgebouwd tot laboratorium.

De gevelindeling is repeterend zodat de keuzemogelijkheden voor de plaatsing van de semi-permanente binnenwanden aanwezig zijn”.

Er zijn zoveel mogelijk duurzame materialen gebruikt, die een minimale milieubelasting tot gevolg hebben. Dat blijkt vooral uit het gebruik van houtsoorten: inlands lariks, grenen, robinia en berken multiplex voor kozijnen, trappen, ballustrades en aftimmering. Vuren voor constructiedelen en binnenspouwbladen. De kozijnen zijn van Noors grenen dat aan de binnenzijde met blanke lak is afgewerkt en aan de buitenzijde tegen het agressieve zeeklimaat wordt beschermd door een speciaal gecoat aluminium afdekprofiel.

Het skelet van het gebouw bestaat uit beton, het isolatiemateriaal is minerale wol. De buitenzijde van de eerste en tweede verdieping bestaat uit keramische tegels met een dikte van 1 centimeter waardoor een materiaalbesparing plaatsvindt ten opzichte van een normale gevelsteen van 90 procent. De tegels zijn wegneembaar, vervangbaar en geschikt voor hergebruik. De gevelsteen op de begane grond is van betonsteen, deels gemaakt van restmaterialen. De gemetselde wand die de scheiding vormt tussen serre en hoofdtrappenhuis is opgetrokken van waddensteen: dat is betonsteen waarin schelpen zijn gebruikt in plaats van grind. Het is erg mooi om te zien, de schelpen zijn nog zichtbaar in de steen. “Niet alleen dat, ook de milieubelasting is veel minder dan van grindhoudende betonsteen”, voegt Kaan toe.

Het regenwater dat op de serre valt, wordt vergaard in een bak naast de entree. Dit water wordt in het terrein voor het Algemeen Lab geïnfiltreerd. Overtollig water loopt via een overstort naar een vijver elders op het terrein. Het regenwater dat op het platte dak valt, komt in een reservoir terecht in de kelder van het gebouw en wordt gebruikt voor toiletspoeling.

Energieprestatie

De energieprestatie van gebouwen wordt volgens het Bouwbesluit uitgedrukt met de Energieprestatiecoëfficient (epc). Voor kantoorgebouwen mag deze hooguit 1,6 zijn. Gebouw 42 heeft een epc van 0,9. “Niet alle energiebesparende maatregelen die in gebouw 42 zijn toegepast worden echter gewaardeerd in de epc. Gebouw 42 presteert ongeveer twee keer beter dan de epc doet vermoeden”, vindt Kaan. En wat heeft het allemaal gekost?

Gebouw 42 kostte bij elkaar een slordige 6,5 miljoen gulden, waarvan 5,3 miljoen voor het gebouw en 1,25 miljoen voor de installaties. De investeringskosten bedragen daarmee 2419 gulden per vierkante meter inclusief de serre, en 2801 gulden per vierkante meter exclusief de serre. Het gebouw is er neergezet door aannemer VBK uit Hoorn, en er kunnen honderd mensen in terecht. Als de renovatie van het oude Lab gereed is, heeft die zo’n 8 miljoen gulden gekost exclusief de installaties. pv-gevel en -dak nemen daarvan ongeveer 1,9 miljoen voor hun rekening. Deze kosten zijn voor een deel gesubsidieerd uit Europese Fondsen, door Novem en door het energiebedrijf Nuon.

‘Vrijwel alle werkplekken zijn aan het raam’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels