nieuws

Bouwstop voor oude bestemmingsplannen

bouwbreed Premium

Bestemmingsplannen ouder dan tien jaar worden na invoering van de nieuwe Wet ruimtelijke ordening bevroren. Dat betekent niet dat burgers en marktpartijen geen bouwvergunningen meer kunnen aanvragen. In dat geval moeten aanvragers zich wenden tot de provincie.

In Nederland zijn volgens PvdA-Kamerlid Depla 23.000 bestemmingsplannen ouder dan tien jaar. Het oudste bestemmingsplan heeft Den Haag dat stamt uit de jaren tien van de vorige eeuw, vulde minister Pronk (VROM)aan tijdens een debat over de herziening van de Wet ruimtelijke ordening.

Artikel 19 waarmee vooruitlopend op een wijziging van het bestemmingsplan kon worden gebouwd, komt te vervallen. Jaarlijks gebruiken gemeenten 12.000 keer de procedure. Volgens het wetsvoorstel moet bij een bouwaanvraag dat strijdig is met het bestemmingsplan, eerst het plan worden aangepast alvorens een vergunning kan worden afgegeven.

De procedure om het bestemmingsplan aan te passen wordt verkort van 39 tot en met 58 weken naar 22 tot en met 34 weken. Voor bestemmingsplannen ouder dan tien jaar gaat een bouwstop gelden. VVD-Kamerlid Verbugt kaartte aan of burgers en marktpartijen dan niet de dupe worden van de laksheid van de gemeente. Volgens minister Pronk is dat niet het geval. “Het is niet de bedoeling om ruimtelijke ontwikkelingen te bevriezen. Feitelijk gaat een bouwstop gelden binnen de gemeente, maar dat betekent niet dat er niets meer gebeurd. De bevoegdheden worden alleen een niveau hoger getild. Dat kan betekenen dat de provincies bouwvergunningen gaat afgeven”, licht de minister toe.

Pronk voelt er weinig voor om structuurvisies verplicht te stellen. PvdA en CDA drongen hierop aan. “Ik vind het wenselijk dat er structuurplannen zijn waarin een ruimtelijke visie wordt vastgelegd voor een regio of netwerkstad. Het grote bezwaar tegen een verplichting is het gevaar van verstarring. Daarmee komt de nadruk te liggen op de vorm en procedure in plaats van op de inhoud.”

De kamerleden van VDD, D66, Groenlinks en CDA waren verbaasd dat het verplichte overleg over de waterstaatkundige gevolgen van een plan met de waterschappen niet is terug te vinden in het wetsvoorstel. Minister Pronk verzekerde dat de watertoets zeker niet is vergeten, maar in een later stadium in de vorm van een algemene maatregelen van bestuur aan de wet wordt toegevoegd.

Reageer op dit artikel