nieuws

Woongebouw Meander Amsterdam

bouwbreed

Nieuw en oud tegelijk

Een gebouw met 204 woningen en een modieuze horecagelegenheid in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt. Een ontwerp van het Duitse bureau Krier & Kohl. Vaak zie je dat in nieuwbouwprojecten een ouderwets bruin café komt, maar hier is het omgekeerde gebeurd. Het restaurant is zo hip dat het vrijwel alle mode- en lifestylebladen heeft gehaald. Hier is het de architectuur die opzettelijk oud lijkt te zijn gemaakt.

Is dat niet een te onaardige omschrijving?

Misschien wel. Maar het is in elk geval dubbelzinnige architectuur. Er wordt geappelleerd aan een traditionele manier van bouwen, en er wordt gebruik gemaakt van traditionele middelen, maar het is niet traditioneel en het sluit in elk geval niet aan bij een typisch Amsterdamse traditie. Noch de architectuur, noch de stedenbouw lijkt in de verste verte op wat hier ooit stond.

Is dat erg?

Nee, voor de meeste nieuwbouw geldt dat ze niet zo veel of zelfs niets te maken heeft met de plek waar ze staat, hoe gloedvol het betoog van de ontwerpers ook is over hoe wordt aangesloten bij de context, welke elementen uit de omgeving zijn overgenomen en hoe wordt voortgebouwd op wat er altijd al was. Maar hier is dat zo frappant omdat met traditionele middelen en vormen iets ontraditioneels is gemaakt.

Hoe zit het in elkaar?

Vroeger was op deze plek een industrieterrein, dat aan twee kanten werd omgeven door woonbebouwing. Typisch Amsterdamse portiekwoningen met vier woonlagen en een zolder. De industrie is verdwenen en de bestaande woningbouw is gebruikt als aanhechting voor de nieuwbouw. De haakvorm die er al was, is door Krier & Kohl gecompleteerd tot een gesloten bouwblok. Althans, het sluitstuk daarvan moet nog worden uitgevoerd. Volgend jaar wordt begonnen met de bouw van het laatste part van het blok. Aan de waterkant is Meander echter nu al af.

Het is geen gewoon gesloten bouwblok. Omdat het niet rechthoekig is maar meandert. En het is een stuk hoger dan in Amsterdam normaal is. Het blok heeft zes lagen. De drie torens op de knikken van de meander zijn zelfs acht hoog.

Is die slinger vormwil?

Het leidt in elk geval tot een barokke vorm waarvan Rob Krier al sinds de jaren zeventig voorstander is. Maar er zijn rationele argumenten voor te geven. Als de bebouwing de perceelgrenzen had gevolgd, zou een buitenproportioneel groot binnenterrein zijn ontstaan. Door de gevel slingerend te verlengen passen er meer woningen in en is het uitzicht op de Kostverlorenvaart die voor het complex langs loopt, min of meer democratisch verdeeld over alle bewoners. Alleen de 25 sociale huurwoningen, die in de schaduw van twee van de torens liggen, ontberen dit uitzicht. Die moeten het doen met een zicht op een van de twee besloten pleinen die in de plooien van de meander liggen. Ook die pleinen hebben trouwens iets dubbelzinnigs. Zelden zie je bij architectuur die zo stedelijk is als van dit woongebouw, pleinen die zo dorps aandoen.

Hans Ibelings

Architectuurcriticus

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels