nieuws

Breda krijgt geïsoleerd poppodium

bouwbreed

In de Bredase binnenstad verrijst een poppodium dat elke vorm van symmetrie mist. Het organische gebouw met een totale dempingswaarde van 90 dB(A) is “een typisch computer product.”

Een kaasstolp in een kaasstolp is de omschrijving die J. Uithof, gemeentelijke projectmanager, aan het in aanbouw zijnde poppodium Mezz geeft. De muziektempel in hartje Breda is opgebouwd uit een stalen constructie van in totaal 160.000 kilogram. Toch geven uiteindelijk de bijna achthonderd houten schenkels die tussen de stalen spanten zijn bevestigd het gebouw die kenmerkende organische vorm.

De moderne toevoeging van de hand van Erick van Egeraat Associated Architects mist volgens Uithof “elke vorm van symmetrie”. “Het ontwerp met zijn ronde vormen is niet op de tekentafel ontstaan, maar is een typisch computer product.”

Het poppodium bestaat uit twee schelpen. De binnenste schelp is opgehangen aan de stalen hoofddraagconstructie van de buitenste schelp en omvat onder andere een podium van zestig vierkante meter groot De zaal biedt – inclusief balkon – plaats aan 650 mensen. Om lawaaioverlast te beperken is de vijftien centimeter dikke wand gevuld met een geluidsisolerende zandlaag, goed voor een geluidsisolatiewaarde van 45 dB(A). De tussen de schelpen gelegen ruimte dempt tien dB(A). Voor de buitenschelp komt daar nog eens 35 dB(A) bovenop, waardoor de totale dempingswaarde op negentig dB(A) komt. Aangezien de muziekzaal zelf is berekend op 105 dB(A), overeenkomend met het geluid van een straaljager, zal uiteindelijk slechts een minimale vijftien dB(A) kunnen ‘ontsnappen’. Die buitenschil is overigens twee keer zo dik als de binnenste. Tegen de spanten bevindt zich een pakket van dampdoorlatende folie, met latten betimmerde tengels en een bitumen bedekking. Daarna kan de finishing touch worden aangebracht.

De gehele buitenkant van het gebouw wordt namelijk bekleed met koperen platen van zestig centimeter breed en 1,20 meter lang die met felsnaden zijn verbonden. Ze worden bevestigd met koperen klampen in verband met uitzetting van het materiaal. In totaal zal de gehele buitenkant zo’n 1200 vierkante meter koper beslaan. De eerste proeven zijn nog niet naar wens. Uithof: “De belijning moet ook over het licht golvende dak doorlopen. Het is niet de bedoeling dat het op patchwork lijkt.” Daarnaast moet nog beslist worden over het al dan niet patineren van het koper. Daarvoor wil de gemeente, in overleg met het Hoogheemraadschap, eerst weten wat daarvan de gevolgen zijn voor het milieu en welke voorzieningen getroffen moeten worden.

Vertrouwen

Het negen meter hoge poppodium dat in opdracht van de gemeente wordt gebouwd, is een van de vernieuwingen op het Chasséterrein in de Bredase binnenstad. Aan één kant grenst de nieuwbouw aan een voormalige officiersmess waarin naast tweehonderd vierkante meter oefenruimte en vijftig vierkante meter kantoorruimte diverse voorzieningen zijn ondergebracht als een bar/café en toiletten. Het poppodium is een project van de lange adem. Het eerste ontwerp dateert van zes jaar geleden. Discussies over de monumentenstatus van de officiersmess en bezwaren van omwonenden vertraagden het proces. Met de jaren stegen ook de kosten. Ooit werd een bedrag van 6,8 miljoen genoemd, inmiddels zijn die opgelopen tot elf miljoen. “De kosten bleken elke keer weer duurder dan de architect had berekend waarna het budget werd bijgesteld.”Uithof noemt vooral het procesmatige een moeilijk factor. “Bij zo’n ingewikkelde bouw is het zaak dat opdrachtgever, architect en aannemer het volste vertrouwen in elkaar hebben. Dat vertrouwen is langzaam gegroeid.”

Volgens Uithof was er sprake van een zekere onderschatting van wat er uitvoeringstechnisch allemaal bij komt kijken. “De engineering van dit project is behoorlijk moeilijk.” S. Janssen van constructeur Pieters Bouwtechniek Delft deelt die mening. “Dit gebouw heeft alles wat je kunt verzinnen. Alleen al voor wat betreft de vloersystemen hebben we gebruik gemaakt van prefab, in het werk gestort, staalplaatbetonvloeren, kanaalplaatvloeren. Qua afmeting is er wel enige repetitie maar qua vorm is niks standaard. Elke stalen spant (hart op hart drie meter) is uniek. Hoe groter de overspanning, hoe groter het profiel en dat verloopt tot HE900A, dat is vrij fors.”

Werkvoorbereiding

Volgens Janssen is in vergelijking met een doorsnee project aanzienlijk meer tijd gaan zitten in de werkvoorbereiding. “Je kunt niet één principe bedenken wat overal toepasbaar is. Er zijn afsluitdetails, gevels die bij elkaar komen, constructieve oplossingen (het nieuwe gebouw is op palen gefundeerd, het oude op zand).” De problemen doen zich vooral voor bij de bouwkundige afwerking. “Vooral het bouwfysische aspect, installaties en luchtbehandelingskanalen die moeten doorlopen. De gevel van de oudbouw is bijvoorbeeld niet tot een bepaalde lijn gesloopt. De schil en dus ook de koperen afwerking gaan bijvoorbeeld letterlijk door de bestaande bouw heen.”

Ook de aannemer ondervond aan den lijve de nadelen van deze moderne manier van ontwerpen. “Met een computer kun je de nieuwbouw in 3D-model zien. Maar in de praktijk is het altijd net iets anders”, aldus P. Verhoeven van M&MBouw Brabant. Het vergde het nodige improvisatievermogen. “De schenkels worden met behulp van een cd-rom geproduceerd. In het midden is iets uitgefrased dat correspondeert met de positie van de schenkel op het staal. Maar daar kunnen afwijkingen in zitten. In het werk moet dat allemaal passend gemaakt worden. Een dergelijk werk valt of staat met een goede werkvoorbereiding en begeleiding”, meent Verhoeven. “Zeker op uitvoeringsniveau kun je een hoop problemen vooraf tackelen.”

De buitenschil is twee keer zo dik als de binnenste laag. De gehele buitenkant wordt later bekleed met koperen platen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels