nieuws

Hoogwerkersbranche eens over noodzaak van eenduidige regels keuring en inspectie

bouwbreed

Er bestaan geen eensluidende regels voor keuring en inspectie van hoogwerkers. In de strijd om de markt gebruiken verhuurders de verschillen tussen regels en controlerende instanties. Een brief van Spreeuwenberg heeft de discussie aangezwengeld.

“Ik maak mij ernstig zorgen. Ik ben ervan overtuigd dat de onduidelijke regelgeving van nu kan leiden tot gevaarlijke situaties”, zegt servicemanager Jan Grootenboer van Spreeuwenberg Hoogwerksystemen BV. “De brief is heel duidelijk bedoeld om te prikkelen en de discussie aan te zwengelen. Ik weet wel dat het probleem over is als Brussel de EN-280 definitief heeft vastgesteld en er onder de vleugels van de TCVT een werkkamer hoogwerkers is opgetuigd, maar ik ben daar lang niet optimistisch over.”

Grootenboer is bang dat de verschillen in opvattingen tussen ‘preciezen en rekkelijken’ zo hoog oplopen, dat het nog heel lang kan duren eer de certificatieschema’s eenduidig zijn vastgesteld.

Op snelle overeenstemming over de samenstelling van de werkkamer is hij evenmin gerust: “Ik proef hier en daar weerstand om op één lijn te komen. Moeten er twee of drie keuringsinstanties in de werkkamer? Moeten de vakbonden erin? Welke deskundigen? Is er plaats voor gebruikers? Die vragen liggen nog allemaal open. Met onze brief hopen we dat gebruikers aan hun verhuurders vragen gaan stellen en dat er druk op de ketel komt. Kijk, hier en daar zal best gezegd worden dat onze brief een commerciële achtergrond heeft, maar het gaat ons echt alleen om de veiligheid. De gebruiker moet op een machine kunnen vertrouwen”.

Bangmakerij

Manager Industrial Inspections, O.K. Bouma van keuringsbedrijf SGS Technische Inspecties BV in Spijkenisse, vindt de brief van Spreeuwenberg “bangmakerij. In de brief wordt immers nadrukkelijk ingespeeld op veiligheid en de vergelijking met “Enschede en Volendam” is misplaatst volgens de vele reacties die wij kregen van gerenommeerde verhuurders”.

“De Machinerichtlijn is duidelijk”, zegt hij. Sinds 1997 moeten ook hoogwerkers daaraan voldoen. “Bovendien werkt Spreeuwenberg met deze brief de begripsverwarring in de hand. Terwijl het toch de bedoeling is van alle partijen duidelijkheid te verschaffen. De certificatieschema’s van de werkkamer hoogwerkers van de TCVT zullen die duidelijkheid brengen.”

Ook C.K. Pasmooy van Aboma+

Keboma beaamt dat: “Als in het college van deskundigen in de werkkamer hoogwerkers van de TCVT overeenstemming is, is er absolute duidelijkheid. Maar verder heb ik er geen moeite mee, dat intussen een bedrijf onze inspecties in een brief gebruikt om goede sier te maken. Dat komt ons niet vreemd voor. Verder heb ik geen oordeel over de brief, maar als je naam in zo’n verband wordt genoemd, zegt het wel iets over de positie die je in de markt inneemt”.

Aangewakkerd

Handelaar in gebruikte hoogwerkers A.S. Trouwborst, voormalig technische directeur van een grote hoogwerkerverhuurder en algemeen gezien als deskundige, vindt dat de tegenstellingen nu onnodig zijn aangewakkerd: “Natuurlijk is het veiligheidsvraagstuk belangrijk. Daarvan is iedereen overtuigd. Maar volgens mij zijn er geen goede en slechte keuringsinstanties en zijn er geen goede en slechte verhuurders meer. De hoogwerkerbranche weet duvels goed dat de veiligheidsregels belangrijk zijn. In plaats van over elkaar heenvallen zouden de leden eensgezind aan een oplossing moeten werken”.

“Maar er zijn inderdaad verschillen. Ook tussen de keurmeesters onderling. Laat drie keurmeesters van hetzelfde keuringsbedrijf naar een machine kijken en er komen drie meningen. Omdat de regels niet eenduidig zijn.”

Opvallend is dat Grootenboer van Spreeuwenberg ook lid is van het College van Deskundigen van keuringsinstantie Aboma+Keboma en dat Trouwborst voorzitter is van zo’n zelfde college bij SGS Technische Inspecties.

Ondanks dat er geen eenduidige regels zijn voor de keuringen en inspecties, is het geen wildwest in de hoogwerkerbranche, vindt Trouwborst: “Een voorbeeld: sinds 1997 moeten machines van een CE-markering zijn voorzien. Amerikaanse machines zijn verkrijgbaar in de minder strenge Amerikaanse en de strengere Europese uitvoering. Een voorbeeld van de controverse is: moet zo’n machine met een CE-keur nu helemaal opnieuw worden gekeurd volgens de specificaties van de deskundigen van de keuringsinstantie of is het voldoende dat wordt geïnspecteerd of klopt wat het CE-keur aangeeft?”

Voordat een hoogwerker überhaupt in gebruik mag worden genomen, moet het type zijn goedgekeurd, de machine moet voldoen aan de fundamentele veiligheidseisen, die moeten worden getoetst door een door het ministerie van Sociale Zaken aangewezen instantie, een zogenoemde notified body ofwel Nobo. Zowel Aboma+Keboma als SGS behoort tot het selecte gezelschap Nobo’s.

Strenger

De typegoedkeuring is eenmalig. Bij personenauto’s is dit te vergelijken met een RDW-keuring.

Vervolgens krijgt de machine bij ingebruikneming een eerste periodieke inspectie, te vergelijken met een afleveringscontrole. Gekeken wordt of de machine inderdaad aan de in de CE-markering omschreven configuratie voldoet.

Daarna moeten machines volgens de Machinerichtlijn jaarlijks worden geïnspecteerd. Het is niet de bedoeling dat CE-keuring of afleveringscontrole worden overgedaan, voornamelijk wordt gekeken naar slijtage van de onderdelen. Dat is min of meer vergelijkbaar met, maar wel veel strenger dan een APK-keuring.

De toekomstige werkkamer hoogwerkers van de TCVT zal heldere certificatie- en inspectieschema’s moeten vaststellen. De branche is al wel eensgezind over de noodzaak zo snel mogelijk te komen tot een certificering van vakbekwaamheid voor gebruikers van hoogwerkers.

Veilig werken met hoogwerkers is van groot belang. Maar er bestaat grote onduidelijkheid over de regels voor keuring van dit materieel. De certificatieschema’s moeten eenduidig worden vastgesteld door een werkkamer van de TCVT. Maar er bestaat nog geen overeenstemming over de samenstelling van die kamer. Brussel houdt zich al meer dan zeven jaar bezig met een ontwerp voor een

Europese norm voor hoogwerkers, de prEN-280.

Het ministerie van Sociale

Zaken heeft wel instanties aangewezen die bevoegd zijn de inspecties en keuringen uit te voeren, de zogenaamde ‘notified bodies’. Deze vormen een select gezelschap, die nu inzet lijken te zijn van de harde strijd om de markt, zoals die in de wereld van de hoogwerkerverhuurders gaande is.

Certificering vakbekwaamheid

De hoogwerkerbranche lijkt eensgezind als het gaat om de vakbekwaamheid van gebruikers. Het ligt dan ook voor de hand, dat de cursus ‘Veilig werken met de hoogwerker’ onder auspiciën van de TCVT zal uitgroeien tot een vakbekwaamheidsdiploma.

Animator van het eerst uur is D. van der Poel van Eurosupply in Moerdijk. De directeur van deze importeur/handelaar/verhuurder van hoogwerkers van Hitachi, Scanlift en Niftylift begon een jaar of zes geleden met het geven van zelfontwikkelde instructies c.q. cursussen toen een nieuwe klant, die veiligheid hoog in het vaandel heeft staan, Shell Chemie in Moerdijk, daarom vroeg.

Inmiddels zijn er in Nederland tussen zeventig en tachtig instructeurs, dikwijls chefs werkplaats en ervaren verkopers, en is de cursus ondergebracht bij Elsevier Opleidingen BV in Zwijndrecht. Zij moeten ruime ervaring hebben, worden getoetst op hun praktijkkennis en geschoold in het geven van cursussen.

“Er bestaat een grijs gebied”, zegt Van der Poel. “Want waar staat dat vakbekwaamheid is vereist voor het bedienen van hoogwerkers? Nergens. Het is dus goed dat eerst Shell Moerdijk met eisen kwam. Later is dat overgenomen door Shell Pernis en de andere binnen de bedrijvenclub Europoort Botlek Belangen, dat nu Deltalinqs heet.”

“Ik vind het jammer dat de branche nu over die keuringen en inspecties in de clinch ligt. Ik stoor mij als ‘vakgek’ aan de diversiteit in de interpretatie van de regelgeving. Er moet dus snel één centraal college komen, een werkkamer van de TCVT.”

“En als het nu nog niet lukt om de mensen om de tafel te krijgen voor een Nederlandse interpretatie van de prEN-280, laten we als branche dan alvast een begin maken met de ontwikkeling van goede en duidelijke certificering van de vakbekwaamheid. Als we dan eenmaal aan tafel zitten en we zijn het over de opleiding eens, dan kunnen we wellicht een stapje verder”, aldus Van der Poel.

Stichting TCVT coördinerend platform

De stichting Toezicht Certificatie Verticaal Transport (TCVT) is een initiatief van de branche verticaal transport van het bedrijfsleven, in samenwerking met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De stichting treedt op als coördinerend platform voor certificering in de branche, faciliteert het Centraal College van Deskundigen en beheert de certificatieschema’s.

Deze stichting heeft werkkamers van Colleges van Deskundigen ingesteld, waarin alle geledingen van de branche – werkgevers, werknemers, keuringsinstanties, deskundigen alsmede de overheid als toehoorder – zitting hebben. Deze werkkamers stellen de certificatieschema’s samen.

De certificaten worden verleend door bedrijven die een accreditatie hebben. Die bedrijven, zoals onder meer Aboma+Keboma, SGS Technische Inspecties, TüV Nederland en AIB Vincotte, voeren de keuringen en inspecties uit volgens de vastgestelde schema’s.

De stichting TCVT is een typisch voorbeeld van het Nederlandse poldermodel: de branche stelt zelf de regels vast, waaraan een ieder zich dient te houden en de overheid ziet het ‘van een afstandje’ – via de Raad voor de Accreditatie – aan.

Binnen de TCVT functioneren momenteel diverse afzonderlijke werkkamers: voor offshorekranen, mobiele kranen, torenkranen, mobiele torenkranen, die voor railinframachines en hoogwerkers zijn in voorbereiding. De TCVT certificeert ook vakbekwaamheid: voor machinist mobiele kraan, machinist torenkraan, machinist mobiele hei-installatie, de certificering voor machinist autolaadkraan is in voorbereiding.

‘Ook verschillen tussen keurmeesters’

Reageer op dit artikel