nieuws

Bouwregelgeving exclusief van overheid, controle niet

bouwbreed Premium

De rampen zoals die zich het afgelopen jaar hebben voltrokken maken de vraag actueel of bouwtoezicht een exclusieve overheidstaak is. De vraagstelling komt voort uit het tweede Pikmeerarrest, wat een heroverweging was van het eerste. Dat eerste bepaalde dat de overheid niet vervolgd kon worden voor haar handelen in haar hoedanigheid van overheid. Kennelijk vond de Hoge Raad deze notie bij nader inzien toch te vrijblijvend en kwam de raad tot een tweede arrest, dat bepaalde dat dit slechts gold voor taken die aangemerkt konden als een exclusieve overheidstaak. Zo geldt het saneren van een vervuilde bodem niet als een exclusieve overheidstaak en een gemeente zal in geval van handelen in strijd met de wet in strafrechtelijke zin hetzelfde behandeld worden als elke ander bedrijf. Los van de vraag of een overheid in strafrechtelijke zin schuld kan hebben blijft het moeilijk voorstelbaar dat een bestuurder of een heel college in hechtenis wordt genomen.

Blijft dat de Hoge Raad de situatie weinig bevredigend vindt en dat gevoel zal door de rampen van het afgelopen jaar, waar overheden zo nadrukkelijk een rol speelden, slechts versterkt zijn.

Als het antwoord op een vraag niemand bevredigt dan ligt dat doorgaans aan de vraagstelling. De vraagstelling of bouwtoezicht een exclusieve overheidstaak is begint bij de vraag wat bouwtoezicht is. Ik volsta hier met de constatering dat in de term bouwtoezicht van oudsher zowel de regelgeving als het toezicht op de naleving ervan besloten ligt. Met andere woorden; de bouwregelgeving en het toezicht op de naleving ervan vallen in termen van definiëring vrijwel samen. De vraag is wat bouwtoezicht precies omvat en welke taken daarbinnen maken in hoeverre bouwtoezicht het predikaat exclusieve overheidstaak verdient.

Waardevrij

Binnen het bouwtoezicht, waaronder ook het toezicht op de brandveiligheid, kunnen drie volgtijdige aspecten onderscheiden worden. Ten eerste is er de regelgeving, ten tweede de controle op de naleving van die regelgeving en ten derde de handhaving van de naleving van de regelgeving. Ik meen dat de eerste, het geven van bouwvoorschriften, een exclusieve overheidstaak is. Wie anders immers zou regels kunnen uitvaardigen die stoelen op het belang van de algemene veiligheid en gezondheid. Het tweede aspect, de controle, is in principe geen exclusieve overheidstaak. Controleren is een kwestie van (waardevrij) meten. Het kan daarmee ook door derden worden gedaan. Vergelijk het met het meten van de rijsnelheid van een automobilist.

Controle

Het derde punt, de handhaving, is dan weer een exclusieve overheidstaak. Vergelijk het met de taak van de politie, die handelt in opdracht van het bevoegd gezag. De administratieve afhandeling daarvan kan in principe weer door derden worden gedaan.

Daarmee ontstaat met de betrekking tot bouwtoezicht het volgende beeld. Door een onderscheid te maken tussen de verschillende fasen langs de lijn van toe te meten taken en bevoegdheden, wint het bouwtoezicht aan transparantie. Het geven van bouwvoorschriften en de handhaving ervan zijn beide een exclusieve overheidstaak. Controle, die zich als taak tussen beide genoemde taken bevindt, zou zoveel mogelijk door derden dienen te gebeuren. Dat brengt logischerwijs mee dat bouwvoorschriften stoelen op het belang van algemene veiligheid en gezondheid en dat de bouwvoorschriften eenduidig zijn, zodat controleurs hun werk kunnen doen.

Reageer op dit artikel