nieuws

Nieuw leven in Derde Wereld voor oud bouwgereedschap

bouwbreed Premium

Het inzamelen van afgedankt bouwgereedschap, dit opknappen en vervolgens verschepen naar ontwikkelingslanden, waar de zagen, hamers, tangen en handboren een tweede leven krijgen. Dat is het doel van de Stichting Gered Gereedschap. Zo werden in 1999 zo’n 62 (bouw)projecten wereldwijd gesteund, waarbij ruim 43.000 stuks ‘gered gereedschap’ werden gebruikt. Bij het inzamelen werkt de stichting onder andere samen met de bouwwereld.

“Het is niet te geloven wat mensen weggooien. Kijk nu eens, dit is een prima zaag. Die doe je toch niet weg! Gelukkig is die hier terechtgekomen.” Hoofdschuddend legt Siem de Valk (43) de zaag terug in het rek, waar nog tientallen afgedankte zagen liggen te wachten totdat ze worden opgeknapt.

De Valk heeft de leiding op de werkplaats van de Stichting Gered Gereedschap in Franeker. Dagelijks zijn daar tien vrijwilligers aan de slag met het opknappen van de afgedankte werktuigen. Landelijk heeft Gered Gereedschap zo’n dertig van dergelijke werkplaatsen.

Explosief

Op de enorme zolder van het activiteitencentrum De Skûle in Franeker, waar de werkplaats is gevestigd, liggen honderden, misschien wel duizenden stuks gereedschap opgeslagen. Je kunt het zo gek niet bedenken of het ligt er wel: niet alleen allerlei soorten zagen, hamers, tangen en (hand)boren maar ook vijlen, schaven, duimstokken, rolmaten, bahco’s, acculaders en ga zo maar door. Na binnenkomst wordt het spul gesorteerd en vervolgens ontroest, geslepen of gevijld en al dan niet van een nieuw handvat of andere ontbrekende onderdelen voorzien. Vervolgens ontvetten de vrijwilligers het gereedschap en wordt het in kisten verpakt voor verscheping.

“We krijgen het gereedschap aangeleverd door particulieren en scholen maar ook door bouwbedrijven, ijzerhandelaren en wereldwinkels”, legt Ciska Mulder uit. Zij werkt op het hoofdkantoor van de stichting in Amsterdam. “Sinds een paar jaar werken we ook samen met de Praxis. In de winkels staan bakken waarin klanten hun afgedankte gereedschap kunnen dumpen. Dat komt dan weer bij ons terecht.” Sinds de samenwerking met de doe-het-zelf-zaak is de hoeveelheid aangeleverd bouwtuig explosief gestegen. “Maar we kunnen nog steeds alles gebruiken, hoor!”

Kisten

Na reparatie gaat het gereedschap naar ontwikkelingslanden, waar ze een tweede leven krijgen. Mulder: “We steunen scholingsprojecten in Afrika, Azië en Latijns-Amerika, waarbij we de plaatselijke bevolking zelf leren met het gereedschap om te gaan zodat ze het een volgende keer zelf kunnen bouwen.” Zo werkt men in Franeker momenteel aan een ‘bestelling’ voor de bouw van een gehandicaptencentrum in Kameroen. Het gereedschap wordt in sets bijelkaar verpakt en in kisten gestapeld. Het hout voor de kisten is afkomstig van een plaatselijke aannemer.

De projecten worden met zorg gekozen opdat de hulp op de juiste plaats terecht komt. “Dankbaar werk”, verwoordt De Valk de inspanningen voor de stichting. “Onze groep vrijwilligers is ook vrij constant. Sommigen komen hier al acht jaar elke dag.” Het gaat dan vaak om pensioengerechtigden, langdurig werklozen en mensen die zijn afgekeurd. “Iedereen is eigen baas. Er is geen druk. Wel kijken we naar de afzonderlijke kwaliteiten van de vrijwilligers. Zo is er speciaal iemand bezig met het elektrische gereedschap. Niet iedereen kan dat.”

Hoewel de stichting zich aanbevolen houdt voor alle gereedschap, is er ook vooral behoefte aan geld. Jaarlijks werkt men met een budget van zo’n twee tot drie ton en een flink deel van dat geld gaat op aan de reparatie- en transportkosten. “We bestaan van subsidies en sponsor- en donateursgelden”, vertelt Mulder. “Maar het is ieder jaar weer werken om het hoofd boven water te houden.”

Reageer op dit artikel