nieuws

Gevelconcepten voor een nieuwe planeet

bouwbreed Premium

In interdisciplinair verband met tal van verschillende bedrijven nieuwe gevelconcepten ontwikkelen. Dat is het doel van Geveltech, aanwezig op de Bouwbeurs in Utrecht. De concurrentiestrijd is bevroren om gezamenlijk nieuwe dingen te bedenken en gevelbouwers een nieuwe positie te bezorgen binnen de bouw.

De presentatie in hal 1 van het Jaarbeurscomplex is onontkoombaar. Verspreid door de reusachtige ruimte komt de bezoeker regelmatig witte paviljoens tegen met een rode bies, voorzien van het logo Geveltech. Achter die naam gaat een nieuw samenwerkingsverband schuil van gevelbouwers. Dit is opgezet door brancheorganisatie VMRG, maar directeur B. Lieverse wil bewust veel verder kijken dan die club en is erin geslaagd naast dertig leden nog eens zoveel buitenstaanders warm te krijgen voor het opmerkelijke initiatief. Want gevels houden uiteraard niet op bij metaal en raam, waar de ‘M’ en de ‘R’ uit de verenigingsnaam VMRG voor staan. Stiekum hoopt hij natuurlijk ze later ook in de gelederen van de VMRG te kunnen opnemen, maar voorlopig is hij al blij dat hij ze heeft weten te mobiliseren rondom het zelfde doel. En dus niet alleen maar te strijden tegen een gemeenschappelijke vijand, zoals brancheorganisaties vanouds vooral doen. Ook fabrikanten van kunststofkozijnen doen mee, hoewel die hun eigen brancheorganisatie hebben. Andere opvallende deelnemers aan Geveltech zijn de bouwkundefaculteiten van de technische universiteiten en bouwinnovatieclub Booosting. Als het aan Lieverse ligt, doen volgende keer ook de glasfabrikanten mee.

Vergezichten

In het magazine dat de introductie van Geveltech begeleidt, worden ambitieuze vergezichten geschetst. Jargon dat normaal alleen architecten bezigen, wordt bepaald niet geschuwd. Bouwen voor een nieuwe planeet, is de slogan. De paviljoens blijken bij nader inzien ruimteschepen, die tijdelijk geland zijn in de Jaarbeurs.

De Geveltech-filosofie behelst ook veel meer dan gevels alleen. Het drager-inbouw principe wordt weer van stal gehaald, net als het pleidooi voor een stevig gebouwskelet dat minstens vijftig jaar meegaat, terwijl voor de gevels en zeker de installaties veel kortere levensduren gelden. Daarvoor is het handig de gevel op te bouwen uit standaardmodulen die probleemloos vervangen kunnen worden zonder dat daarvoor het gehele gebouw gesloopt moet worden. Lieverse erkent dat er in de uitingen soms misschien wat hoog van de toren wordt geblazen, maar soms moet je hard roepen om uit de schaduw te treden. Gevelbouwers zijn volgens hem lang genoeg bescheiden geweest. Hij verwacht dat ze een belangrijkere rol zullen opeisen naarmate gevels meer functies krijgen. Ze zullen ook niet meer louter in onderaanneming werken, maar zeker bij grote projecten met geavanceerde klimaatgevels ook als partner optreden.

Elke ochtend houdt Lieverse voor de bemanning van de Geveltech-stands zijn peptalk. De verkopers van de deelnemende bedrijven krijgen dus niet hun individuele verkooptrainingen, om de bezoekers vooral hun stand in te lokken in plaats van die van de buurman. Ook in dit opzicht geldt een gezamenlijke aanpak. De eigen belangen van de verschillende bedrijven, in feite elkaars concurrenten, lijken even onder geschikt te zijn gemaakt aan het algemene belang. Alles is betrekkelijk natuurlijk, want het gebeurt vanuit de overtuiging dat daar het eigenbelang uiteindelijk het beste mee gediend is. Maar toch. Het is een bijzondere aanpak, waarbij muren tussen organisaties en bedrijven geslecht worden.

En waar leidt dat dan allemaal concreet toe? Bijvoorbeeld tot een prijsvraag waarvan de ontknoping woensdag plaatsvond op de bouwbeurs. Daarbij hadden acht groepjes studenten samen met een door hen uitgekozen bedrijf een nieuw gevelconcept bedacht. Dat leverde prikkelende ideeën op, als een gevel met polaroidglas dat in dubbelgevouwen toestand zonwerend is. Ook is er een gevel van golfkarton te bezichtigen waarmee vloeiende vormen mogelijk zijn zoals architecten die de laatste tijd zo graag toepassen. Opvallend is de glazen gevel gevuld met vloeistof die een bufferende werking heeft, maar tevens zorgt voor warmtetransport.

Winnende studenten

De winnende studenten van de TU Eindhoven hadden zich samen met Keers Konstruktiewerken laten inspireren door de autoindustrie. Ze ontwikkelden een raam dat zich net als een autoraampje open en dicht laat draaien, waarbij het glas wegzinkt in de spouw. De vakjury onder leiding van Booostingvoorzitter Ligtenberg verkoos unaniem dit idee als het meest innovatieve. Een heel simpel idee, maar niemand was er nog ooit opgekomen om het in de bouw toe te passen. En het concept lijkt bovendien haalbaar. Het stalen kozijn waarin het raam is gevat, valt geheel weg achter de gevel, zodat er zoveel mogelijk licht door het venster naar binnen valt.

Lieverse vindt het een mooi voorbeeld waartoe zo’n aanpak van onderzoekers en bedrijven van verschillende disciplines kan leiden. En dat in een paar maanden tijd, want de deelnemers aan de prijsvraag gingen pas eind vorig jaar van start. Daarom wil Lieverse ook beslist niet ophouden na de Bouwbeurs. Volgens hem zijn alle deelnemers ook vast van plan door te gaan. Allemaal voor het goede doel: emancipatie van de gevelbouw en bevordering van innovatie.

‘Bedrijven als gelijkwaardige partner’

Reageer op dit artikel