nieuws

Klant grote afwezige op open dag

bouwbreed

“Minder gebreken bij oplevering aan de klant”. “De keuze is aan de consument”. “Aanpasbaar aan de veranderende woonwensen”. Dat zeiden de sprekers tijdens een projectbezoek aan de bouwplaats van zesendertig woningen in Etten-Leur, uitgevoerd met een stalen constructie volgens het A+-concept. De veelgenoemde klant en consument was echter de grote afwezige.

De drie rijtjes eengezinswoningen zien er van buiten helemaal niet industrieel, flexibel en demontabel uit. Ze lijken nauwelijks af te wijken van ‘gewone’ woningbouw. “In dit project wordt nog niet gespeeld met architectonische mogelijkheden”, verontschuldigde zich J. Lichtenberg van Bureau A+ in Kelpen-Oler zich. “Die zijn er wel. Het prefab metselwerk bijvoorbeeld hoeft niet per se met horizontale lintvoegen uitgevoerd te worden. Het is immers niet dragend.” H.W.G.J. Dirkx van Woonstichting Etten-Leur wees erop, dat de meeste huurders en kopers geen ‘gewoon’ eengezinshuishouden hebben. Desondanks is het volume en de gevelindeling van alle woningen hetzelfde. “De huurders hebben wel veel keuzes gemaakt, zoals voor een grote gesloten woonkeuken, een tweede toilet of een buitenkraan”, stelt Dirkx. Zij moeten dan wel zelf geld in de woning steken. De basishuur zonder zulke opties is 710 gulden per maand. Een kwart van de huurders heeft echter voor een vaste huur voor tien jaar gekozen.

Marginaal verschil

Volgens S. Gelinck, programmacoördinator van de bij het project betrokken Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV), beperkt de innovatie in de bouw zich meestal slechts tot het ontwikkelen van producten. “Wij koersen daarom aan op het toepassen van concepten. Het gaat de kant op van massa-individualisering, een bouwsysteem met vaste modules, waarbij de consument kan kiezen voor verschillende uitvoeringen. In een moderne autofabriek rollen ook honderdduizenden niet-identieke exemplaren van de band.” Hoe mooi het ook klinkt, de woningen zien er allemaal identiek uit. Alleen de indeling verschilt marginaal. De klanten hebben inmiddels al wel in de rij gestaan. Alle zesendertig woningen zijn reeds verkocht of verhuurd. Hoewel de woonwijk slecht bereikbaar is met eigen en openbaar vervoer, vliegen de eengezinswoningen weg. Misschien dat de lage prijs (de koopwoningen kosten 195.000 gulden, inclusief de grond) de klanten over de streep trekt. De veelbesproken vraagmarkt lijkt echter nog geen realiteit.

Negentiende eeuw

“Van de twintig huurwoningen zijn elf verhuurd aan jonge mensen, vijf aan 55-plussers en vier aan overige woonvormen, waarvan maar één aan een ‘gewoon’ gezin. Bij de koopwoningen zien we ongeveer hetzelfde. Sommigen zeggen: als mijn buurman verhuist, koop ik die ruimte erbij. Dat kan met deze woningen”, aldus Dirkx. Technisch heeft hij geen ongelijk. Het is echter de vraag of de bouwvoorschriften zo’n wijziging toelaten. Bovendien geeft de eigenaar impliciet al aan, dat de woningen niet werkelijk aan de wensen van klanten zijn aangepast. In wezen is er voor de consument weinig verschil tussen de A+-woningen en traditionele rijtjeshuizen. Misschien is het bouwen met bakstenen als module zelfs flexibeler en klantvriendelijker. De massawoningbouw in de grote steden aan het eind van de negentiende eeuw vertoonde een grotere verscheidenheid en flexibiliteit op basis van een gemeenschappelijk stramien.

Toleranties

Ook al maakt het voor de consument niet veel uit, voor de ontwikkelaar en de uitvoerende bouw is het A+-concept wel een enorm verschil. “Het is een eigenaardig gezicht, een stalen balk met zeer nauwe toleranties voor het opleggen van de begane-grondvloer”, aldus R. Hamerlinck van Bouwen met Staal, de organisatie voor het bevorderen van meer en beter staal in de bouw. Hij wees op de dubbele constructie van de woningscheidende wanden. “Daardoor zijn de akoestische eigenschappen uitstekend.” De Woonstichting Etten-Leur is zeer tevreden over het bouwen volgens het A+-concept. “De bouwplaats is schoon en staat niet vol met afvalbakken”, constateert Dirkx. Hij spreekt uit ervaring, want zijn organisatie beheert zo’n 4500 woningen en bouwt er elk jaar 100 tot 200 woningen bij.

Zwaluwstaart

Lichtenberg van Bureau A+ maakte bekend, dat voor de A+-vloer (prefab beton met aan de bovenzijde ingestorte profielen, waarop een demontabele vloer van losse elementen) nu ook een alternatieve topvloer wordt ontwikkeld. Die bestaat uit zwaluwstaartplaten met een afwerking van beton. “Dat levert voldoende brandwerendheid voor woningscheidende vloeren op, hoewel de flexibiliteit er wel onder lijdt”, aldus Lichtenberg. Hij raakte daarmee de achilleshiel van het A+-concept en van elk bouwsysteem, namelijk de leidingen. Over het oplossen van de ‘leidingknopen’ is het laatste woord nog niet gezegd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels