nieuws

Schemerlamp wijst Friezen de weg

bouwbreed

Zaterdagochtend 06.00 uur. Bliksem en donder en een heftige regenbui lijken de transformatie van de oude watertoren in Nes, onder de rook van Akkrum, te verhinderen. Maar rond de klok van achten hebben driehonderd meter aluminium steigerbuis, een aantal tralieliggers en een flinke lap steigerdoek de oude watertoren getransformeerd tot een gigantische schemerlamp.

Het Leeuwarder steigerbouwbedrijf ABS bouwt de ruim twee ton wegende lampenkap in de eerste week van juni naast de watertoren uit 1957. De bovenzijde van de twaalf meter hoge kap heeft een doorsnede van veertien meter, aan de onderzijde meet zij negentien meter. Omdat op de toren een koepel van twee meter staat, moet aan de bovenkant een cirkel van gelijke omvang uitgespaard blijven. De lampenkap rust op het dak van de veertig meter hoge watertoren Ter ondersteuning van de kapconstructie maken de steigerbouwers eerst een hulpsteiger op de grond. Daarna wordt de onderste cirkel om de steiger gelegd, terwijl de bovenste op de ondersteuningsconstructie wordt gelegd. Als ze eenmaal aan elkaar zitten, wikkelen vrijwilligers het steigerdoek er omheen. Betty van der Kamp heeft het kunstwerk speciaal ontworpen in het kader van het Friese festival Simmer 2000 dat op 1 juli losbarst. Om het millennium te vieren, vindt deze zomer onder andere de grootste reünie aller Friezen plaats.

Gezellig

“Ik heb vooral de Nederlandse gezelligheid willen symboliseren”, verklaart de kunstenares haar werk. Wat dat betreft neemt de schemerlamp in Nederland een veel prominenter plaats in dan elders. Dat speciale gevoel van behaaglijkheid wordt door de geëmigreerde Friezen node gemist, vertelden zij de bedenkster. Maar de lampenkap heeft een dubbele bodem. Niet alleen symboliseert hij de roep weer eens in Friesland te komen kijken, de constructie heeft tevens een bakenfunctie voor de achterblijvers die verstoken zijn van hun dierbaren. Het kunstwerk staat midden in de Friese provincie en blijft daar gedurende het festival Simmer 2000 staan. “Daarna breken we het weer af, want het is niet bestand tegen de herfststormen”, vertelt Paul Hettinga, bestuurslid van de stichting Akwaseum uit Akkrum, de opdrachtgever van het project. Vanwege dat tijdelijke karakter heeft de steigerbouwer alleen gebruik gemaakt van de normale materialen. Bouwlampen licht de lampenkap van onderen aan. Voor wie daarvan de logica ontgaat, verklaart de kunstenares: “We hebben juist geen lampen bovenin de kap geplaatst, omdat dan de constructie al van heinde en verre zichtbaar is en zo meer de aandacht trekt. Dat wilden we voorkomen. Daarom gebruiken we voor de verlichting bovenin gewoon die van de watertoren.” Na een regenbui hijst een 160 tons kraan van BKF uit Franeker de lampenkap vlot op z’n plaats.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels