nieuws

Nederlands Architectuurinstituut op voetbaltoer

bouwbreed

Met de tentoonstelling ‘Het Stadion, de architectuur van massasport’, haakt het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) ragfijn in op de voetbalkoorts vanwege het virus Euro2000. Het NAi is hiervoor tot een heus stadion omgebouwd. “Zo ondergaat de bezoeker de ervaring zich ook écht in een voetbaltempel te bevinden”, vertelt curator Michelle Provoost die met deze tentoonstelling vooral het grote publiek wil bereiken.

De expositie moet het Nederlands Architectuurinstituut voor eens en voor altijd afhelpen van het imago vooral een museum voor ‘vakidioten’ te zijn. “We hebben in het verleden altijd tentoonstellingen gehad die voor buitenstaanders moeilijk toegankelijk waren. Architectuur laat zich op tekening vaak ook alleen aan vakbroeders uitleggen. De grote lol is nu een expositie voor een zo breed mogelijk publiek te organiseren”, vertelt Provoost. De wens iets rond de architectuur van stadions te doen, bestond volgens haar al geruime tijd. Er was alleen nog een goede aanleiding nodig. En die heeft zich aangediend met het Europees kampioenschap voetbal dat vanaf komend pinksterweekeinde tot 2 juli in Nederland en Belgie wordt gehouden.

Maquettes

Maar liefst veertig maquettes van stadions, variërend van de Olympische stadions van Berlijn en Munchen tot de Amsterdamse Arena en de Rotterdamse Kuip, staan in de tentoonstellingsruimte opgesteld. Het hart en tegelijk ook de trots van Provoost is echter de vormgeving van ‘Het Stadion, de architectuur van massasport’. In de Grote Zaal staat een tribune van ongeveer negen meter hoog opgesteld. Het is een soort doorsnede van een stadion en bestaat uit twaalf gestapelde paviljoens. Elk paviljoen is een ruimte uit een stadion zoals de spelerstunnel, de business unit, de kleedkamer en de tribune. Op drie filmschermen worden in deze zaal doorlopend films over de verschillende stadions vertoont. Op deze doeken zijn de wedstrijden van Euro2000 te volgen. De helft van de zaal wordt verder in beslag genomen door een kunstgrasveld waarop een balletje kan worden getrapt. Daaromheen staan de maquettes van de stadions. “Hierdoor krijgt de expositie ook een beetje een Madurodam- effect”, oordeelt Provoost. Samen met haar collega Matthijs Bouw heeft zij zich in de stadions verdiept. Wat volgens beiden opvalt is dat zeker in de nieuwe stadions het amusement naar een hoger plan is getild. “In de jaren zestig en zeventig was een voetbalstadion in eerste instantie de plek voor vaders met hun zoontjes. Tegenwoordig is het meer een familiegebeuren. Hele gezinnen moeten naar het stadion kunnen. Met winkels voor de vrouwen en speelplekken voor de jongste telgen worden die zo aantrekkelijk mogelijk gemaakt”, vertelt Bouw. De geboren en getogen Amsterdammer vindt dit niet in alle gevallen een vooruitgang. Zo verfoeit hij bijvoorbeeld de Amsterdam Arena waar juist deze multi- functionaliteit centraal staat. “Het is hierdoor alleen geen echt voetbalstadion meer. De Kuip is dat na de verbouwing veel meer gebleven. Als Amsterdammer doet het pijn te moeten zeggen dat De Kuip zonder meer de juiste plek is de finale van Euro2000 te spelen. Simpelweg omdat het het beste stadion is.” De multi-functionaliteit van de nieuwe stadions is volgens Provoost echter ook nodig om de exploitatie van de nieuwbouw mogelijk te maken.

NAi commercieel

“Vercommercialisering in de sport is ook op deze tentoonstelling een thema.” Dat komt niet alleen naar voren op de stands en in de winkeltjes die in de expositieruimte staan opgesteld. Het NAi gaat gedurende Euro2000 eveneens op de commerciële toer. “We gaan gedurende het toernooi de Grote Zaal ‘s-avonds aan bedrijven verhuren. Die kunnen daar hun relaties ontvangen en tijdens een diner naar de wedstrijden op het scherm kijken. Twee avonden zijn al vol geboekt.” Maar ook de gemeente Rotterdam heeft het NAi uitgekozen om daar het gemeentelijk perscentrum te vestigen. “Kortom het is voetbal wat de klok slaat”, glundert Michelle Provoost. De tentoonstelling opent vrijdag 8 juni en is dagelijks van dinsdag tot en met zondag tot 24 september te bezoeken. Imposant boekwerk over stadionbouw Tegelijk met de tentoonstelling geeft NAi Uitgevers een fraai boekwerk over het stadion uit. In het 180 pagina’s tellende en bijzonder rijk geïllustreerde werk worden meer dan veertig stadions over de gehele wereld onder de loep genomen. Hiermee wordt een indrukwekkend overzicht gegeven van de trends en ontwikkelingen in het stadionontwerp van deze eeuw. Een belangrijk deel van de publicatie wordt ingenomen door de architectuur van het stadion. Maar ook gaan de auteurs Matthijs Bouw en Michelle Provoost in op de rol die een stadion kan spelen als initiator voor de revitalisering van een regio en als impuls voor economische ontwikkelingen. Naast interviews met architecten als Wiel Arets en Dominique Perrault geven bekende Nederlanders hun favoriete stadion prijs. Zo droomt sportjournalist Frits Barend nog geregeld van het oude Ajax-stadion ‘De Meer’ maar vinden de broertjes De Boer Nou Camp de mooiste voetbaltempel. Waarom? Ronald de Boer: “Omdat het geen dak heeft.”

‘Het Stadion. De architectuur van massasport’, ISBN 90-5662-144-0,

prijs: fl. 75,-.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels