nieuws

Duivesteijnpenningen

bouwbreed

Aan nationale rampen is bijna altijd de naam van een politicus gekoppeld. Spreken we over de Tachtigjarige Oorlog, dan valt automatisch de naam Willem van Oranje.

Hebben we het over het Haagse stadhuis, dan volgt onvermijdelijk Adri Duivesteijn, de wethouder die de regeringsstad opzadelde met deze door Richard Meier ontworpen wanstaltige en geldverslindende moloch. Dat Willem van Oranje in de strijd tegen de Spanjolen een heldenrol vervulde, terwijl Duivesteijn moet worden gezien als de Judas achter het Haagse stadhuis doet niet ter zake: beiden zijn ze onlosmakelijk verbonden met een noodlot dat Nederland heeft getroffen. Een nieuwe pruim in de toch al rijk behangen Haagse stadhuisboomgaard is het enorme bedrag dat nodig is om de Haagse ‘schone’ een facelift te geven, zodat verder verleppen nog een tijdje uitblijft. Faalkosten heet dat in aannemersjargon. Achteraf blijkt dat deze kostenpost van tevoren bekend had kunnen zijn. Al lang voordat het Haagse stadhuis werd gebouwd, stonden wereldwijd diverse door Meier ontworpen gebouwen weg te roesten. Van Oranje zag het probleem aankomen en mobiliseerde medestanders. Duivesteijn kon het probleem evengoed waarnemen, maar zweeg omdat zijn weinige vrienden zich in dat geval hadden aangesloten bij zijn talloze vijanden. Gezien zijn heldhaftige optreden is het niet verwonderlijk dat Willem van Oranje in de historie altijd zal blijven voortleven. Mede doordat de toenmalige dichter des Vaderlands, Marnix van Sint Aldegonde, een gedicht aan hem wijdde namelijk het Wilhelmus. Of Duivesteijn het lang zal volhouden in de vaderlandse geschiedenis valt te betwijfelen. Het Haagse stadhuis is rijp voor de sloop. En de kans dat Gerrit Komrij, de huidige dichter des Vaderlands, een vers over hem zal schrijven, is te verwaarlozen. Tegen de vloedgolf van boer Koekoek-achtige tweederangs politici valt niet op te dichten. Niettemin mag de herinnering aan Duivesteijn niet verloren gaan. Ter lering en zeker ook ter vermaak. Ik stel voor dat de bouw hierin een voortrekkersrol gaat vervullen. Het is heel eenvoudig en kost geen cent. We schrappen het woord faalkosten uit de aannemersvocabulaire en verrijken de Nederlandse taal met een nieuw begrip: Duivesteijnpenningen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels