nieuws

Zelfverzekerdheid troef bij Noord-Zuidlijn Projectbureau neemt geen risico met grachtenpanden

bouwbreed

amsterdam – Alle grachtenpanden blijven netjes staan en mocht er toch een risico zijn, dan wordt de grond ter plekke voorbewerkt met groutinjecties. Het Amsterdamse projectbureau Noord-Zuidlijn blaakt van zelfvertrouwen na een serie praktijkproeven. Maar voordat in 2003 de tunnelboor de grond in gaat, willen ze nog een paar experimenten uitvoeren.

Over ruim een maand, 21 juni, buigt de Amsterdamse gemeenteraad zich voor de laatste maal over de nieuwe metroverbinding die de hoofdstad in noord-zuid-richting doorkruist. Dan wordt het ‘go’ of ‘no-go’ voor dit miljardenproject.

Vooral het bijna 4 kilometer lange gedeelte dat geboord wordt, is omstreden. “Gaat dat wel goed onder al die monumentale grachtenpanden op hun wankele, eeuwenoude houten palen in de eerste zandlaag?”, is de vraag waar velen mee worstelen.

“Nou, dat gaat het beslist”, is het antwoord dat het projectbureau steeds zelfverzekerder geeft. Het bureau legt momenteel de laatste hand aan de bestekken, zodat, als de gemeenteraad inderdaad groen licht geeft, meteen de aanbestedingsprocedure kan beginnen.

Het projectbureau hield gisteren een perspresentatie over de technische praktijkproeven die zijn uitgevoerd. Een procent van de totale projectkosten is daar in 1994 al voor gereserveerd. Bij het toenmalige prijspeil komt dat op totaal vijftien miljoen gulden. En daar likken veel ingeschakelde internationale adviseurs hun vingers bij af, heeft bouwmanager J. Bosch van het projectbureau begrepen. Dat heeft Amsterdam beter voor elkaar dan veel vergelijkbare projecten in erkende tunnelborende naties als Duitsland en Engeland.

In de afgelopen jaren vonden diverse praktijkproeven plaats om te kijken hoe de Amsterdamse bodem en de palen daarin op zo’n ingrijpende operatie reageren. Dat gebeurde onder andere tijdens de bouw van de Tweede Heinenoordtunnel bij Barendrecht. Daar werd gekeken hoe funderingspalen reageren op het passeren van een tunnelboormachine op geringe afstand.

Mondriaantoren

Bij de bouw van de Mondriaantoren in de hoofdstad werd een veldje volgestouwd met zakbakens, inclino- en extensometers, terwijl daarnaast een diepwand voor de parkeergarage werd gebouwd. Op tien meter diepte in de holocene klei/veenlaag trad bij het betonstorten nabij de wand een horizontale zetting op van maar liefst tien tot vijftien centimeter. Maar dat kan geen kwaad, is de mening van het projectbureau. Althans niet voor de houten palen. Funderingsexpert en erkend criticaster van de Noord-Zuidlijn V. de Waal bevestigt dat. De palen geven wellicht wat mee, maar op maaiveldniveau hoeft dat geen gevolgen te hebben. Bij de veel dikkere betonnen palen is dat wel een probleem. Maar daar kan wellicht de bodem met groutinjecties verrotst worden om op die manier zetting tegen te gaan.

De grond bij dezelfde diepwanden werd later afgegraven en daarbij werd de uitbuiging van de wand bestudeerd. Bij goed stempelen bleek ook dat nauwelijks een probleem. Wel een bezwaar is volgens de critici dat de ontgraving lang niet diep genoeg was. Sommige stations in de Noord-Zuidlijn reiken tot op een diepte van maar liefst dertig meter, waar de bouwput bij de Mondriaantoren niet verder kwam dan vijftien meter beneden maaiveld.

Dat weet het projectbureau ook wel, maar je moet wat. Het bureau heeft er de rekenmodellen mee gevalideerd en belooft bij het ontwerp royale veiligheidsmarges te hanteren.

Staartspleetinjectie

Ondanks het zelfvertrouwen kondigde Bosch een reeks nieuwe proeven aan. Een daarvan is de zogenaamde staartspleetinjectieproef. Daarbij wordt gekeken met welke staartafdichting van de boormachine, welke groutdruk en welke boorsnelheid de passage van de achterkant van het boorschild zo min mogelijk grondverstoringen veroorzaakt. Tunnelboorfabrikanten hebben, in samenspraak met aannemers, volgens Bosch het boorfront technisch helemaal uitontwikkeld. Alles is erop gericht om de passage van het front zo soepel mogelijk te laten verlopen, om vertragingen te voorkomen. Maar aan de achterkant van de boor is volgens hem nog wel wat winst te behalen, zo bleek ook bij de palenproef bij de Heinenoordtunnel.

In een laboratoriumopstelling wil het projectbureau twee boorstaarten op schaal 1 : 5 op allerlei manieren gaan beproeven. De staarten, een met rubberen afdichting en een met staalborstels, worden al gebouwd; met laboratoria die de proef gaan uitvoeren wordt nog onderhandeld. Ook sluit Bosch niet uit dat in de toekomst een beroep wordt gedaan op de nieuwe proefopstelling in het Stevinlab, waarin complete tunnelringen kunnen worden belast. Dit om problemen met de sluitsteen en de afdichtingsprofielen te voorkomen, zoals die zich voordeden bij de bouw van de Westerscheldetunnel.

Verder gaat een proef van start met het slaan van grote buispalen met een diameter van 1,70 meter naar de derde zandlaag onder het Centraal Station. Wanden van dergelijke palen moeten straks de treinsporen gaan dragen ter plaatse van het metrostation, dat als afzinkcaisson onder de middentunnel van het oude station wordt gebouwd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels