nieuws

Treintje zorgt voor transport in sociale werkplaats

bouwbreed

Ruimtegebrek en de bijzondere bedrijfsdoelstelling hebben De Sluis Groep in Woerden veel hoofdbrekens gekost bij de bouw van een nieuw pand. Dankzij bijzondere oplossingen, zoals een geautomatiseerd treintje voor intern transport en een ‘onzichtbare’ opslagplaats, heeft de sociale werkvoorziening naar de mening van adjunct-directeur R. van Beest een gebouw waar het heel goed uit de voeten kan.

De reden dat de sociale werkplaats De Sluis Groep naar een andere vestiging zocht, was niet leuk. Een felle brand verwoestte begin 1998 grote delen van de sociale werkplaats op het industrieterrein Barwoutswaarder. De Sluis wilde het liefst op een nieuwe plek opnieuw beginnen. Bij het zoeken naar een geschikte locatie bleek hoe schaars bouwgrond is in het Groene Hart. Adjunct-directeur Van Beest: “Voor de nieuwbouw had De Sluis liever een grotere kavel gehad, maar die was domweg niet te vinden. Dit hier in Woerden was het grootste stuk dat in de regio beschikbaar was. L-vormig, en met een fietspad aan de rand. Dat was een gegeven. Er zat niet anders op dan creatief met de ruimte om te gaan.” De Sluis koos voor gebruikelijke oplossingen als een magazijn van 9,5 meter hoog, drie bouwlagen en een parkeerdek bovenop het magazijn. Met alleen traditionele oplossingen was De Sluis er niet. De geplande opslag achter het gebouw liep stuk op een veto van het gemeentebestuur. De gemeente vond de materialenopslag aan de rand van het terrein niet in het landschap passen. De architect en de bouwer verzonnen een list door de opslag te overkappen en de kap af te werken met een grasdak. Het maaiveld van De Sluis ligt wat verlaagd ten opzicht van de spoordijk. Daardoor kijkt de treinreiziger van boven op een stuk weiland in plaats van een opslagplaats. Met andere woorden: het gebouw is onzichtbaar in het polderlandschap. En aan het einde van het oplopende ‘weiland’ verrijst de muur van het magazijn.

Spoortracé

In het nieuwe gebouw rijdt een treintje, een andere noviteit die de bedrijfsvoering van De Sluis mogelijk maakt. Aan één van de lange zijden van de nieuwbouw loopt een mini-spoortracé. Een speciaal voor De Sluis ontwikkeld computergestuurd treintje rijdt op de begane grond over een lange, blauwe rail tussen alle productiehallen en het magazijn. Het apparaatje loopt op stroom, die het haalt uit een bovenleiding. “Het is een uniek concept. In het magazijn worden twee gekoppelde karretjes met daarop een soort vorkheftruck met twee grote lepels beladen. Vervolgens voert iemand in het magazijn op de computer in waar het treintje naartoe moet, waarna het naar de goede afdeling rijdt. Daar wordt de pallet met goederen automatisch gelost. De mensen op die afdeling geven dat via de computer door en vanuit het magazijn komt een signaal dat het treintje weer terugkan of bij een andere afdeling een vrachtje kan gaan halen.”

Niet rendabel

Volgens berekeningen van deskundigen kan dit automatische pendelsysteem niet rendabel zijn. Maar bij de Sluis komen de economische principes op de tweede plaats. Winst maken is slechts een middel om het doel te bereiken: passend werk bieden aan degenen die niet op de reguliere arbeidsmarkt terecht kunnen. Van Beest: “In reguliere bedrijven zou het misschien beter zijn meer magazijnpersoneel aan te trekken. Zonder het treintje zouden we daarvoor 15 tot 20 mensen nodig hebben. Die mensen hebben we eenvoudigweg niet. Ik kan hier zonder problemen 100 tot 150 mensen plaatsen. Er is een schreeuwend tekort aan medewerkers. We maken veel gebruik van ons magazijn, dus dat moet goed bezet zijn. Dankzij het treintje zijn de afdelingen verzekerd van een goede aan- en afvoer.”

Veiligheid

Bij De Sluis Groep werken zo’n 650 mensen. Mensen die via de Wet Sociale Werkvoorzieningen bij De Sluis zijn gekomen, vormen de hoofdmoot. Mede door deze bijzondere doelgroep is de veiligheid van het gebouw een extra punt van aandacht. Het tracé van het treintje is met hekken afgeschermd van de productiehallen. Alleen via afsluitbare deuren is de laad- en losplaats te bereiken. Alles is zo gemaakt dat niemand per ongeluk onder het treintje terecht kan komen. Ook de wijze van produceren bij De Sluis Groep brengt speciale logistieke eisen met zich mee. Van echte specialisatie kan vaak geen sprake zijn. Productiehallen die de ene maand nog worden gebruikt om bijvoorbeeld bloemenkarren voor de veiling te maken, kunnen de volgende maand voor iets heel anders worden gebruikt. De inrichting is daarom multifunctioneel. Zo zijn overal in het gebouw zuilen met stopcontacten voor 220 en 380 volt en persluchtventielen aangebracht. Van Beest: “We werken zoveel mogelijk met losse spullen, die snel verplaatst kunnen worden.” Al met al is Van Beest zeer ingenomen met het nieuwe bedrijfspand. In de nieuwbouw is maximaal rekening gehouden met de bijzondere doelgroep en kan tegelijkertijd op een economisch verantwoorde manier geproduceerd worden. “Want ondanks de doelstelling moeten we ons handhaven op een commerciële markt. Economische principes mogen dan op de tweede plaats komen, we moeten wel boven de nul uitkomen aan het einde van het jaar.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels