nieuws

Enci gebruikt gedroogd slib als brandstof voor ovens Installatie Biomill moet in nabije toekomst 40.000 ton per jaar verwerken

bouwbreed

MAASTRICHT – Onder de naam Biomill BV zijn het Zuiveringschap Limburg en de Enci een project gestart waarbij gedroogd slib als brandstof dient. Circa 100.000 ton ontwaterd slib uit de zuiveringsinstallaties van het schap hoeft zo niet meer naar de stortplaats te worden afgevoerd. En dat is nog maar de helft van de uiteindelijke hoeveelheid die de Enci-ovens moet verhitten.

Het Zuiveringschap en de cement- en betonproducent Enci hebben zich contractueel verplicht tot een tien jaar durende samenwerking. Met het project is een bedrag van 4,8 miljoen gulden gemoeid.

G.C. van Wijnbergen, voorzitter van het Zuiveringschap Limburg en een van de twee commissarissen van Biomill, stelt dat het gebruik van gedroogd slib als brandstof ‘op z’n minst concurrerend’ is met dat van bijvoorbeeld steenkool. Voor het Zuiveringschap heeft de methode als (financieel) voordeel dat deze instantie het slib niet hoeft af te voeren naar een stortplaats, waar het als afval wordt verbrand. Maar de beide deelnemers zien ook het grote voordeel op milieugebied, onderstreept Van Wijnbergen.

Ontwaterd

De eerste paar jaar verwerkt de speciale installatie van Biomill 20.000 ton gedroogd slib. Dit slib bevat 97 procent vaste stof. Slib dat naar een stortplaats gebracht wordt, is ongeveer vijf keer zo zwaar, omdat het alleen ontwaterd wordt en daardoor slechts 20 procent vaste stof bevat. Met andere woorden: door het hergebruik hoeft er jaarlijks 100.000 ton minder ontwaterd slib naar de stortplaats.

Over enkele jaren moet de installatie van Biomill 40.000 ton slib per jaar verwerken. Dat is de totale hoeveelheid die het Zuiveringschap Limburg jaarlijks voortbrengt.

Het hergebruik van slib uit de waterzuivering heeft een tweede voordeel voor het milieu. De verbrande delen kunnen in beperkte mate gebruikt worden bij de productie van cement, waardoor de Enci minder mergel nodig heeft.

De Enci en het Zuiveringschap Limburg zijn niet over een nacht ijs gegaan. Voordat Biomill van start ging, heeft de installatie twee jaar proefgedraaid. Volgens Van Wijnbergen was dat hard nodig, want het betreft een relatief jonge techniek. Het basisprincipe is daarbij dat tot poeder gemalen materiaal in een oven wordt geblazen.

Molen

Volgens ditzelfde uitgangspunt wordt hitte opgewekt in bijvoorbeeld de UNA-energiecentrale in Amsterdam. Maar de toepassing in de oven van de Enci is ‘uniek in de wereld’, stelt de commissaris van Biomill. Hart van de Biomill-installatie is een grote molen. Die maalt de korrels droge stof tot poeder. Vervolgens wordt dit poeder via een buizenstelsel afgevoerd en samen met eveneens tot poeder vermalen steenkool door middel van hete lucht in de ovens gespoten. Enci en het zuiveringschap hebben veel tijd gestoken in de afstelling.

“Uiteindelijk gaat het erom dat alles optimaal functioneert. Daarvoor moeten vragen worden beantwoord als: hoe kun je de korrels optimaal fijnmalen? Hoe kun je de brandstof de ovens inblazen? Hoe reageert de oven onder verschillende omstandigheden op de brandstof? Hoe kun je alle energie optimaal benutten, terwijl de veiligheid gewaarborgd blijft? Dat zijn zaken die je allemaal zelf proefondervindelijk moet vaststellen”, aldus Van Wijnbergen.

Overeenkomst

Na de testperiode kent de Biomill-installatie geen kinderziektes meer. Al tijdens de proefneming raakte het zuiveringschap een behoorlijke hoeveelheid gedroogd slib kwijt in de Enci-ovens. Dit jaar verwerkt de installatie naar verwachting zeker 20.000 ton. Nu de installatie optimaal draait, hebben de beide partners (elk voor 50 procent) een overeenkomst getekend voor tien jaar.

Van Wijnbergen kijkt voorzichtig al wat verder. “Ik vind het tot nog toe een prima samenwerking. Hoe we over tien jaar verder moeten, weet ik niet. Maar ik kan me voorstellen dat er in de tussentijd technische ontwikkelingen hebben plaatsgevonden, die de samenwerking alleen maar interessanter maken.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels