nieuws

Bouw Italië erg gevaarlijk

bouwbreed

De afgelopen vijf jaar zijn zesduizend doden gevallen op de Italiaanse werkvloer. Jaarlijks vallen er één miljoen gewonden, waarvan 35.000 blijvend invalide. Een oorlog lijkt het. Maar dat wordt het zeker nu de controlediensten zijn uitgerukt om alle wantoestanden in kaart te brengen. De bouw neemt daarin een belangrijke plaats in, met een geregistreerd dodental van jaarlijks tweehonderd.

De verontrustende stijging aan ongelukken in 1999 heeft geleid tot het rapport ‘Carta 2000’. Maatregelen om de chaos in bedrijven en bouwputten terug te dringen, zijn in gang gezet. De minster van werkgelegenheid Salvi heeft 540 controleurs op pad gestuurd die in veertien dagen allerlei precaire arbeidsomstandigheden in kaart moeten brengen. Buiten hen zijn 150 technici ingeschakeld, die vooral de bouwsector onder hun hoede krijgen. Inmiddels is immers gebleken dat Italië er in Europees verband zeer slecht aan toe is als het gaat om veiligheid. In de bouw daalde aanvankelijk het aantal ongelukken tussen 1994 (73.646 gewonden) en 1998 (58.146 incidenten). Vanaf vorig jaar is echter weer een duidelijke stijging merkbaar. Waarbij een groot deel niet geregistreerd staat, omdat het illegaal verblijvende mensen betreft, dan wel zwartwerkers. De hoge cijfers en de toename aan ongevallen vallen te wijten aan zeer diverse factoren. Zo blijken de natuursteengroeven een steeds hogere risicofactor te zijn. De populariteit van natuursteen voor de export heeft de werkdruk enorm opgezweept. Deze week stortte een deel van een granietgroeve in op het eiland Sardinië, met alweer drie doden.

Zwartwerkers

Daar komt bij dat de vele bouwactiviteiten in een race tegen de klok voor het Jubeljaar het overzicht hebben bemoeilijkt. Zo is vorig jaar de hoeveelheid zwartwerkers schrikbarend gestegen. Vermoed wordt dat die nog altijd werkzaam zijn, ook al omdat een groot deel van de projecten voor het Heilig Jaar nog niet voltooid blijkt.

Voorschriften

Ook loopt Italië wat betreft cao’s voor de bouw ver achter bij bijvoorbeeld Nederland. Een gemiddelde bouwvakker in loondienst werkt 45 uur per week, heeft hooguit vier weken vakantie per jaar en verdient rond 2000 gulden netto per maand. Waarbij in de ‘vrije tijd’ nog vaak wordt bijgeklust om het gezin optimaal te laten draaien. Oververmoeidheid en verslapte concentratie zijn daarmee een feit. De minister wil allereerst het zwartwerken aanpakken, om vervolgens de veiligheidscontroles te versimpelen. Nu verzanden de rapporten vaak in een bureaucratische poel van instanties, die allemaal hun fiat moeten geven voordat er actie kan worden ondernomen. Het inventieve veldwerk van de komende weken wordt vanuit het ministerie ondersteund met een herbezinning op de huidige regelgeving. De explosieve groei in met name de bouwsector heeft een revolutionaire ontwikkeling teweeggebracht aan soorten machines en producten, waarvoor nauwelijks adequate wetten zijn gemaakt. Er bestaat een groot verschil tussen de situatie bij kleinere ondernemingen en grote aannemers. Deze laatste volgen de veiligheidsvoorschriften veel strikter op. In kleinere bouwbedrijven werken mensen nog ‘ongezien’ met schadelijke stoffen of zeer gevaarlijk materieel, zonder enige protectie.

Geld

Ondanks dat de huidige noodgreep van regeringswege voor hun eigen bestwil is, weet het ministerie dat juist die bescheiden aannemers het pakket aan reglementen niet in dank afnemen. Immers, veiligheid kost geld. Daarop besparen kan levens kosten, maar dat dringt pas door en komt pas in het nieuws op het moment dat het fout gaat. Werknemers door lange dagen oververmoeid

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels