nieuws

Als de stad sterft, kwijnt Nederland weg

bouwbreed

De prijsstijging van huizen in de steden is zo krankzinnig, dat de sociale structuur verdwijnt en de steden wegkwijnen, zo poneerde vorige week drs. Marcel van Dam de stelling in een interview op de Rabo-site. Met zijn visie op de woningmarkt hoopt hij een landelijk debat te entameren.

We praten over de hoge huizenprijzen, de aftrekbaarheid van hypotheken of de invloed van de technologie op het wonen, maar zelden hoor ik iemand over de verpaupering van de stad. Daar zit het echte probleem. De steden kwijnen weg. En als de stad sterft, zal Nederland geleidelijk sterven. We moeten haar behoeden voor de ondergang. En dat heeft alles te maken met de woningmarkt. Mensen met hogere opleidingen en hogere inkomens moeten terug naar de stad. Nu zijn die verdwenen en dat komt vooral door de slechte en eenzijdige woningvoorraad in de grote steden. Het huisvestingsbeleid in de grote steden moet zich niet langer richten op de onderkant, maar juist op de bovenkant van de samenleving. Die groep moet de kar trekken bij het revitaliseren van de stad.

Allochtonen

De markt voor koopwoningen heeft zich pas laat ontwikkeld in ons land. We hebben relatief veel huurwoningen, terwijl juist het eigen woningbezit maatschappelijk gezien erg gunstig is. Een eigen woning trekt de gemiddelde kwaliteit van de woningvoorraad omhoog. Ook wordt bij kopen particulier vermogen ingezet voor volkshuisvesting. Helaas vertonen de grote steden bij de percentages een dramatisch afwijking. In een stad als Amsterdam bedraagt het aantal koopwoningen slechts 13 procent van het totaal. De meestal socialistische wethouders van volkshuisvesting hebben in het verleden eigenlijk uitsluitend in de goedkope huursector gebouwd. Naar nu blijkt met desastreuze gevolgen. Het leidt in de grote steden tot een zeer eenzijdige samenstelling van de bevolking. Een hoog percentage minimuminkomens, achterstandsgroepen en allochtonen. Veel werkeloosheid, veel bijstandstrekkers. En voor de sociale infrastructuur van die steden heeft dat noodlottige gevolgen. Ik zou er voor zijn om het beleid radicaal om te gooien. We moeten het aanbod van goedkope huurwoningen beperken. Dat kan alleen door de slechte, goedkope huurwoningen massaal te slopen en daarvoor veel koopwoningen neer te zetten, zodat er ruimte komt voor de mensen met hogere opleidingen en hogere inkomens. Verder moet ook een flink aantal van de bestaande huurwoningen in de steden worden verkocht. Mensen met een eigen woning besteden veel meer aandacht aan kwaliteit. Een huurhuis krijgt van een andere bewoner meestal niet meer dan een nieuw behangetje. Dus het eigen woningbezit bevorderen, betekent een geweldige upgrading van de stad. Het proces van sluipende verloedering wordt gekeerd in een proces van langzame opleving.

Desastreus

Het moment is gunstig om er nu mee te beginnen. Ook als je naar de markt kijkt. Mensen willen kopen in de stad. In heel Nederland zijn de prijsstijgingen van huizen absurd, maar in de grote steden zijn ze zelfs krankzinnig. In de stad is op dit moment voor de meeste mensen geen wooncarrière mogelijk. Jongeren beginnen gewoonlijk in een huurwoning. Als ze een paar jaar getrouwd zijn, kopen ze hun eerste huis. De meeste stromen vervolgens nog een keer door naar een mooier huis. Alleen in een stad als Amsterdam is dat niet mogelijk, tenzij je rijk bent. Anders moet je uitwijken naar een omliggende gemeente om een normale woonwens te realiseren. En dat heeft een desastreuze uitwerking. Het sociale cement van de samenleving bestaat voor een belangrijk deel uit de aanwezigheid van autochtone gezinnen met kinderen. Het verenigingleven, de besturen en het kader daarvan, bestaat vooral uit die mensen. De kinderen zitten op de sportvereniging en uit de ouders worden de bestuurders gerekruteerd. En juist die groepen hebben de stad in de steek gelaten. In een aantal wijken zit het aantal allochtonen nu al dik boven de helft en over niet al te lange termijn zal het meer dan de helft van de stedelijke bevolking zijn. Neem veiligheid en leefbaarheid. Autochtone bewoners met kinderen en een hogere opleiding eisen meer van de overheid dan mensen in achterstandsituaties. Dus als er iets aan mankeert dan stellen die mensen veel eerder en veel hogere eisen dan die andere groepen. De cijfers van de grote steden zijn op dat punt huiveringwekkend. Ik heb nog nergens een echte doorbraak in het denken aangetroffen om het probleem grootscheeps en langdurig aan te pakken. In sommige wijken gebeurt het, zoals in de Bijlmer. Mijn voorstel is om het bewust in het beleid te verwerken. Als dit nationaal beleid zou worden, komt er een hele nieuw drive op volkshuisvesting.

Dichtspijkeren

Natuurlijk is het proces van verpaupering en verloedering te keren. Alleen moet je niet de illusie hebben dat dit even in twee termijnen van een wethouder kan. Dat betekent per definitie dat het geleidelijk moet gebeuren. Je kunt de huidige bewoners niet even massaal hun huizen uitzetten. In de oude wijken is de mutatie meer dan tien procent per jaar. Elk jaar komt dus tien procent vrij. Die woningen moet je dichtspijkeren en na verloop van tijd moeten de resterende bewoners worden aangemoedigd om ook te vertrekken. Bij de stadsvernieuwing hebben we dat opgevangen door vervangende nieuwbouw en de overloop naar de groeikernen. Een heleboel van die mensen zijn verhuisd naar plaatsen als Purmerend, Almere of Spijkenisse. Dat zal nu ook moeten gebeuren. Ook andere, kleinere plaatsen zullen woonvormen voor achterstandgroepen moeten creëren. Omdat er enorme voorraden, goedkope huurwoningen in de grote steden waren, zijn de achterstandgroepen vrij automatisch daar terecht gekomen. Maar het is niet vanzelfsprekend dat ze daar blijven. Het moet een deltaplan voor de stad worden. Met gewoon streefcijfers, zodat je kunt zeggen: we hebben nu in Amsterdam 13 procent eigen woningbezit. Over 20 jaar moet dat 45 procent hebben. Dat moet niet alleen een zaak van het gemeentebestuur zijn, maar de neerslag van landelijk beleid, want het revitaliseren is van nationale betekenis. Niet alleen voor het wonen, maar ook voor de bedrijvigheid, de cultuur en het onderwijs. Het is niet alleen een kwestie van huizen bouwen. Het vraagt ook om een andere manier van kijken naar de stad. Hoogopgeleiden en de hogere inkomens hebben om een complex van redenen de stad verlaten. Er zijn geen koopwoningen, er is geen parkeergelegenheid, geen groen, te weinig voorzieningen. Je zult meer moeten doen om de leefbaarheid en het woonklimaat te versterken. De stad moet worden aangepast aan het postmoderne tijdperk. Doe je dat niet dan zul je een verdere verloedering zien met de kans op een stroomversnelling. Hoe komt een zwarte school tot stand. Op een gegeven moment komt er een percentage allochtonen. Bij tien procent is er nog niets aan de hand, bij twintig procent ook niet. Op een bepaald moment wordt er een percentage bereikt dat autochtone ouders hun kinderen van school halen en dan is het in een mum van tijd gebeurd. Datzelfde proces zie je in steden. Dat het proces zonder ingrijpen op een gegeven moment het point of no return passeert. Tot 1980 was het grote probleem in Nederland woningnood. Je kunt nu wel zeggen: het was de verkeerde strategie om alsmaar die grote aantallen woningen te willen bouwen, maar de mensen toen zeiden: ik wil een huis. Het is niet meer dan logisch dat men eerst getracht heeft het kwantitatieve woningtekort te lijf te gaan. En dat hebben we ook zeker niet inefficiënt opgelost, zoals wel wordt gesuggereerd. Het verhaal dat andere landen de problemen eerder hebben opgelost. Onzin. België heeft nu precies evenveel inwoners als in 1939 Wij hadden in dat jaar 9 miljoen inwoners en nu 15 miljoen.

Verburgelijking

Achteraf is het moordend voor de stad geweest, dat men alleen maar gedacht heeft: we moeten voldoende huizen bouwen en dan ook nog voor de zwakste. De wethouders van volkshuisvesting hebben onvoldoende beseft wat de gevolgen zouden zijn als het kwantitatieve tekort was ingelopen. De woningmarkt is altijd een aanbiedersmarkt geweest. En waar aanbieders de dienst uitmaken ontstaan altijd fricties, vooral als de vraagzijde plotseling sterk verandert en dat is zo op het terrein van volkshuisvesting. Je kunt dus zeggen, dat we twintig jaar te laat zijn. Maar ik vind het geen misser dat we de verschuiving in de verhouding tussen huur en koop hebben onderschat. De werkelijkheid is traag. De vraag naar koopwoningen is van recente datum en dan kun je zeggen: daar is te traag op gereageerd. Maar het is de bestaande voorraad die de situatie op de woningmarkt bepaalt. Niet wat er door nieuwbouw aan wordt toegevoegd. We hebben een voorraad van 6,5 miljoen huizen. We bouwen nu per jaar 50 duizend huizen. Dat is minder dan een procent van de voorraad. Het is dus een illusie dat we met nieuwbouw de problemen kunnen oplossen. Dan duurt het meer dan honderd jaar. Door de vergrijzing wordt nieuwbouw ook steeds marginaler. Dus je moet de voorraad zelf juist aanpakken. Dat is ook de kern van mijn voorstel. Om de omslag van kwantiteit naar kwaliteit te kunnen maken, moet je de voorraad inzetten. En daar meer marktgerichter mee werken. Je moet wel voorkomen dat Nederland als geheel een dunbevolkte stad wordt. Je moet de concentratiegedachte niet loslaten. Daar ben ik een fervent tegenstander van. Nederland als stadsstaat. Planologen en cijferaars wijzen erop dat maar acht procent van de grond benut wordt voor huizenbouw en dat er dus best meer grond vrij gemaakt mag worden voor de bouw. Maar optisch ligt de beleving heel anders. Hetzelfde krijg je bij het voorstel om de woningen kris kras door het land te bouwen. Dat gaat dus niet. Die huizen hebben zekere voorzieningen nodig zoals elektriciteit, water. Dus dat worden lintbebouwingen en daarmee wordt het een dunbevolkte stad. Die gedachte vind ik een gruwel. Dat betekent dat de steden nog sneller zullen verloederen dan ze al doen. Dan moet je de steden opgeven. Dat geeft zware sociale problemen in de komende dertig jaar. Het betekent het sterven van de cultuur. Het plan om heel Nederland vol te bouwen is de definitieve verburgerlijking. ‘Autochtone bewoners zijn kritischer en socialer’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels