nieuws

Stiltecentra als architectonische specialiteit Jack de Valk ontwerpt ruimten waarin de mens tot rust komt

bouwbreed

utrecht – “Zoals er honderd jaar geleden een hausse was in kerkenbouw, zo beleven we nu een hausse in nieuwe musea. Met die kerken weten we geen raad, ze worden gesloopt en soms omgebouwd. Het zou me niet verbazen als ze dat over vijftig jaar ook voor een overschot aan musea nieuwe bestemmingen moeten vinden.” Daar zouden best eens stiltecentra in kunnen komen, plekken voor rust en bezinning. De specialiteit van Jack de Valk.

Architect, beeldend kunstenaar en rk pastor Jack de Valk (Utrecht, 68) bemoeit zich met projecten waar zijn ontwerpende vakbroeders maar zelden aan beginnen. Stiltecentra en de restauratie van verouderde kerkgebouwen vormen zijn specialiteit. Hij heeft inmiddels zo’n tien stiltecentra op zijn naam staan, grotendeels in ziekenhuizen en andere zorginstellingen, maar het einde is nog lang niet in zicht.

Dat het een levend onderwerp is, blijkt wel uit de prijsvraag voor stiltecentra-ontwerpen, uitgeschreven door de prof.dr. G. vander Leeuw-Stichting (onder meer vormgevend instituut van de reformatorische kerken). De Valk is een van de juryleden.

“De vraag naar stilteplekken groeit. Ook in scholen, universiteiten, winkelcentra; allemaal plaatsen waar massa’s mensen het druk hebben, opgejaagd worden, en zich wel eens terug willen trekken”, zegt De Valk. “Vroeger stonden op die plekken kerken die bijna dag en nacht open waren. Grote luchthavens zijn als eerste begonnen met stiltecentra, compleet met geestelijke verzorgers.”

“Dat is bijna logisch”, vervolgt De Valk. “Reizen maakt los, maar werpt mensen vaak ook terug op hun onzekerheden en angsten. In Utrecht bestond honderd jaar geleden al op de huidige plaats van het Pax Christicentrum in Hoog Catharijne een inloopkapel, nu een ruimte voor rust en bezinning. Ook ziekenhuizen kennen al heel lang dergelijke ruimtes, en dat is al even voordehand liggend. Zieke bange mensen, ook dankbaar als het beter gaat, hebben het nodig eens eventjes alleen te worden gelaten, even niet te worden gezien als patient”, verklaart hij de groei van de vraag.

Contrast

Een van De Valks stelregels voor stiltecentra: ze voldoen het best als het contrast met de omgeving zo groot mogelijk is, dus dergelijke ruimtes dienen in het hart van de drukte te staan, en niet aan de rand ervan.

Nog een stelregel, en misschien nog wel belangrijker: elke architectonische ruimte en zeker een stiltecentrum moet ruimte bieden in dubbele zin: de materiele ruimte moet ruimte bieden aan het gevoel, de ziel, de spiritualiteit.

Het is uiteraard niet elke architect gegeven met steen en licht dat immateriele effect op te roepen. Het zijn juist De Valks driedubbele inspiratie en achtergrond die hem die richting hebben uitgedreven.

Het overschot aan neogothische kerken heeft De Valk op een ander been gezet. Flamboyant voorbeeld is de Jozefkerk (architect G.A. Ebbers, 1901) in Utrecht. In de jaren vijftig ‘gerestaureerd met een emmer poepbruine verf’ was het tot voor kort een deprimerend bouwsel.

“Mijn doel was alle onderdelen van de kerk, zuilen, kapitelen, lijsten, gewelven, ribben, heel nauwkeurig als zelfstandige elementen zichtbaar te maken”, zegt De Valk. “Het gegeven was het invallend licht, goudgelig door de gebrandschilderde ramen van Mengelberg. Daar moest de kleurstelling op worden afgestemd. Van bovenaf goudcreme, naar beneden toe steeds aardser. Ja, ik was er heel nerveus, heel bang of ik het effect wel goed had voorspeld.”

Wonder

Het resultaat van architectonisch inzicht, artisticiteit en verf is wonderbaarlijk: het interieur is werkelijk een gotische kerk geworden, nog altijd het zielsverheffend stijlvoorbeeld voor kerkenbouw.

“De Servaaskerk in Maastricht schijnt het grote voorbeeld te zijn van architectonische accentuering door kleur, maar, ik schaam me, die heb ik nog steeds niet gezien. Dat heeft me dus niet geinspireerd.”

Een nieuwe opdracht, een kerk uit 1927 in Vaassen, behelst een heel andere uitdaging. Zonder bouwkundige ingrepen, maar slechts met kleur en verlichting De Valk daar het te lage plafond ‘verhogen’ om ‘ruimte voor de ziel’ te scheppen.

Ook als beeldend kunstenaar _ hij werkt met blanke metalen, koper en email _ draagt Jack de Valk zijn ‘ruimte’ uit. Ongeveer dertig sculpturen zijn te zien bij Galerie Jas in Utrecht van 13 mei tm. 16 juni.

Op een piepklein zoldertje onder de kap van het Kontakt der Kontinenten in Soesterberg bouwde De Valk dit stiltecentrum. Centrale elementen: de aangelichte glazen schaal, de indirecte verlichting en het glas in loodraam.

De okerrode kolommen van de Utrechtse Jozefkerk lopen via geaccentueerde kapitelen over in het goudcreme gewelf, beschenen door het goudgele licht van de ramen. Waar ook architect Jack de Valk zich in koestert.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels