nieuws

Boeboe zei de koe

bouwbreed

Hollanders vinden geen landschap zo mooi en kwetsbaar als het Hollandse. Maar dat vinden ze in elk land van hun eigen land, ook in Saoudi Arabie waar het heet, droog en kaal is. De polder is koud, nat, groen, het waait, sloten en schrikdraad ontnemen de toegang tot de ruimte, het stinkt naar varkens en andere

beesten.

Bomen, stallen, kerktorens en hoogspanningsmasten storen in het beeld.

En als een koe een andere koe bespringt is dat op kilometers te zien. Zijn alle koeien lesbisch?

Een koe is geen lang leven gegund. Vijf jaar is veel. Vergeleken met een mensenleeftijd ongeveer een tiener. Door het eten van gras hebben ze diarree en is een normale koeiendrol een uitzondering. Dus staat een gezonde koe op stal. Mensen wonen ook liever binnen.

In stallen is het schoon, warm, er wordt kunstmatig geventileerd, bevrucht, gekalfd, gevoed en gemolken. Alleen het slachten gebeurt nog in steden. Daarna worden ze daar verwerkt tot schoenen, vismeel en lijm, verzaagd, bevroren, verpakt en opgegeten.

Het transport naar het abattoir in vrachtwagens vanwaaruit ze door spleten voor het laatst het open landschap zien, is niet zonder gevaar. Er staat altijd ‘veevervoer’ op. Anders wordt nooit iets gemeld over de vracht, soms iets over de lengte en dat het om iets exceptioneels gaat. Er bestaat geen rommeliger beeld dan een omgeslagen veewagen met grazende koeien op de middenberm van een rijksweg.

Als de koeien straks voorgoed uit de wei verdwenen zijn, en we nemen geen bijzondere maatregelen, is ook het weidelandschap weg. Twee miljoen koeien houden als natuurlijke grasmaaiers dit landschap van een miljoen hectare (honderd bij honderd kilometer) open. Dat zijn twee koeien per hectare. Om het gras bij te houden moeten ze samen om de twee weken het gras opeten.

Een Hollandse koe maait driehonderdvijftig vierkante meter gras per dag. Daar doet een terreinknecht bij landskampioen PSV met zijn grasmaaier nog geen tien minuten over. Per dag is dat anderhalve heacte, dus veertig maal sneller dan een koe. Om het open Hollandse landschap in stand te houden zijn er maar vijftigduizend terreinknechten nodig.

Over vijftien jaar is het koeloze landschap een feit. Het Centrum voor Landbouw en Milieu laat in de krant weten: ‘Terwijl de melkproductie door Brussel sinds 1984 aan een quotum is gebonden, stijgt de melkproductie per koe ieder jaar. Daardoor zijn er steeds minder koeien nodig om het nationale melkquotum vol te melken. Als de quotering blijft en de productiviteitsstijging doorzet, zal het aantal koeien in 2015 vergeleken met 1984 zijn gehalveerd.’ Als die het schrijven kun je er van opaan dat het klopt.

Het ziet er naar uit dat, om het milieu te beschermen tegen ammoniak en de melkproductie te verhogen, wat er van de koeien nog over is, in vier hooggestapelde stallen binnen staat. Als we op de helft van de vrijgekomen grond een huis per hectare bouwen en de rest als water en bos inrichten, is er per twintig woningen een grasmaaier nodig om het nieuwe gazon door vijfentwintigduizend terreinknechten te laten onderhouden.

Het Hollandse landschap is dus gemakkelijk te redden.

Carel Weeber Hoogleraar Bouwkunde te Delft

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels