nieuws

Lonen in bouw stijgen meer dan gemiddeld

bouwbreed Premium

Nog voordat de cao-onderhandelingen zijn gestart, worden al de eerste schermutselingen gevoerd over de interpretatie van loonstijgingen in het verleden. De feiten geven aan dat de bouw niet achterloopt, maar de Mercedes van de baas bepaalt de looneis nu.

Sinds 1981 zijn de cao-lonen in de marktsector met gemiddeld 55 procent gestegen zo blijkt uit berekeningen van het Centraal Planbureau (CPB). De bouw ging er in diezelfde periode met 60 procent vooruit.

Ook het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) komt voor de bouw hoger uit dan gemiddeld. Sinds 1990 stegen de cao-lonen met 29,9 procent tegen de bouw 34,8 procent. In deze cijfers zitten overigens ook de loonontwikkeling van een deel van de toeleverende industrie en de projectontwikkelaars. Met name bij die laatste zijn de lonen fors gestegen.

Daar staat tegenover dat de Human Capital Group, een onderdeel van Deloitte & Touche, enkele weken geleden het bericht de wereld in stuurde dat de gemiddelde brutolonen in de bouw achterbleven bij andere sectoren. In dit onderzoek werd gekeken naar de werkelijke lonen.

Het EIB signaleert daarentegen weer dat er een groeiende tendens is om bovenop de lonen een toeslag te geven van tussen 10 en 15 procent. “Het flexibele deel van de beloning ademt mee met de marktontwikkelingen”, weet een onderzoeker van het EIB.

Vraagtekens

FNV Bouw zet grote vraagtekens bij de vermeende loonvoorsprong in de bouw. “Wat meet je precies? In sommige gevallen de cao-lonen, in andere weer de werkelijk betaalde lonen”, zegt cao-onderhandelaar D. van Haaster.

Daar komt nog bij dat sinds 1980 de loonstructuur in de bouw is gewijzigd, waardoor toeslagen in de contractlonen zijn verwerkt. Als het al zo is dat de lonen hoger zijn, vindt Van Haaster dat een goede zaak. De bouw kent weinig incidenteel loon zoals andere sectoren dat kennen. Bovendien zijn er ook weinig eenmalige uitkeringen. Hij vindt het in ieder geval geen reden om te twijfelen aan de noodzaak een looneis van 6 procent te stellen zoals FNV Bouw dat heeft gedaan tegen de wens van de vakcentrale in.

Emoties

Dat blijkt alles te maken te hebben met emoties die leven bij de werknemers. Zowel binnen FNV Bouw als bij de Hout- en Bouwbond CNV wordt gewezen op de uiterlijke kenmerken van de gestegen welvaart de laatste jaren. “De bazen komen elk jaar in een splinternieuwe Mercedes aanrijden. Er is dus geld zat”, luidt de redenering.

Het AVBB werpt deze stelling verre van zich. Wellicht heeft een aantal grote bedrijven het geld wel, maar bij kleinere bedrijven blijft de winstmarge klein. Weliswaar wijst het onderzoek van het EIB uit dat de marges ‘explosief’ stijgen. “Van twee naar drie is 50 procent, dus explosief. Maar absoluut blijft het een beperkte marge”, aldus een woordvoerder.

Reageer op dit artikel