nieuws

Zit winstvergoeding in Box-I of Box-III?

bouwbreed

Stel, ik ben van plan een risicodragende lening van 500.000 gulden te verstrekken aan een bevriende aannemer, omdat de bank hem niet wil financieren. Ik heb echter wel vertrouwen in het project dat hij wil uitvoeren. Als ik nu een winstafhankelijke vergoeding met hem afspreek, valt die lening in 2001 dan bij mij in Box-I of in Box-III?

Inkomsten uit ‘sparen en beleggen’ zijn belast in Box-III tegen de forfaitaire vermogensrendementsheffing van effectief 1,2 procent. Maar u kunt inderdaad ook als medegerechtigde een ‘belastbare winst’ uit onderneming genieten (Box-I) als u een schuldvordering op een onderneming heeft. De keuze bij een lening aan een willekeurige derde is afhankelijk van de voorwaarden in de leningovereenkomst. In het belastingregime 2001 is het begrip ‘winst uit onderneming’ uitgebreid. Inkomsten uit vermogen dat formeel ‘vreemd vermogen’ is maar materieel toch ‘eigen vermogen’ vormt, is belast in Box-I. Het maakt niet uit of u de lening verstrekt aan een zelfstandige ondernemer die zijn bedrijf uitoefent in een ib-onderneming (eenmanszaak, vof, maatschap) of een bv. die vennootschapsbelasting moet betalen. Ook als u de lening verstrekt aan een onderneming die in het buitenland winstbelasting moet betalen, geniet u ‘winst uit onderneming’ belast in Box-I. Als u met uw lening in aanmerking wilt komen voor het winstregime in Box-I geldt één van de twee voorwaarden. 1. De voorwaarden waaronder u de lening verstrekt zijn zodanig dat uw vordering functioneert als vermogen van de onderneming. 2. De rentevergoeding op de lening is voor meer dan 50 procent afhankelijk van de winst van de onderneming van uw bevriende aannemer op het moment dat u de lening verstrekt. U moet daarbij kijken naar de hele looptijd van de lening.

Winstaandeel

Stel dat u de lening van 500.000 gulden verstrekt voor een periode van tien jaar. U spreekt af dat in de eerste vier jaar u een zakelijke winstafhankelijke vergoeding ontvangt (winstaandeel). De zes resterende jaren ontvangt u een vaste rente, even hoog als de dan geldende marktrente. Over die eerste vier jaar ontvangt u in feite een winstafhankelijke vergoeding. Maar dat is slechts 40 procent van de looptijd (en niet meer dan 50 procent) en dus is uw lening belast in Box-III ( tegen 1,2 procent, 6000 gulden per jaar over 500.000 gulden). U heeft geen aftrek op uw lening als er verlies wordt geleden. Maar als de lening in waarde daalt, betaalt u in Box-III belasting over de lagere waarde.

Medegerechtigde

Wilt u dat uw inkomsten uit uw lening in Box-1 vallen, dan kunt u afspreken dat u 5,5 jaar lang een winstafhankelijke vergoeding ontvangt (55 procent van de looptijd). Uw inkomsten zijn dan als ‘medegerechtigde’ in de ‘winst uit onderneming’ belast in Box-I tegen maximaal 52 procent, maar u heeft ook recht op aftrekposten. U heeft geen recht op de ondernemersaftrek en de for, maar u kunt wel tot zekere hoogte een eventueel verlies verrekenen en fiscaal aftrekken. In principe kunt u echter nooit meer verlies aftrekken dan de boekwaarde van de onderneming van uw bevriende aannemer op het moment dat u de lening verstrekte en ‘medegerechtigde’ werd in de winst. Als u de lening verstrekt aan de onderneming van uw partner of bloed- en aanverwanten in de rechte lijn dan worden de inkomsten uit uw lening zonder meer belast als ‘resultaat uit overige werkzaamheden’ in Box-I. Fiscaal is de behandeling hetzelfde als uw lening aan een willekeurige derde die is belast in Box-I.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels