nieuws

Cao-clausule aanbesteding in strijd met Duitse grondwet

bouwbreed

Het Bundesgerichtshof in Karlsruhe vindt openbare aanbestedingen, waarin voorwaarden zijn opgenomen om de cao na te leven, in strijd met de Duitse grondwet.

In dertien deelstaten blijken volgens het Kartellamt in Berlijn de verboden clausules voor te komen. Het Bundesverfassungsgericht zal als hoogste gerechtelijke instantie in Duitsland het uiteindelijk oordeel vellen over de cao-clausules, die bedoeld zijn om bij voorkeur regionale bouwbedrijven opdrachten toe te spelen. De Duitse werkgeversorganisatie BDA juicht de beslissing van het Bundesgerichtshof toe. Ze stelt zich op het standpunt dat de overheid “niet via de achterdeur van aanbestedingen politiek moet bedrijven”. In haar ogen dienen opdrachten louter beoordeeld te worden op “vakmanschap plus economie en mogen de aanbestedingen niet vertroebeld worden door maatschappelijke wensdromen zoals vrouwenquota en trouw aan de cao”. Volgens de BDA leiden de clausules tot een zwaardere belasting van de overheidsbegrotingen en benadelen ze het midden- en kleinbedrijf.

Uitgesloten

De deelstaatregering van Berlijn verplicht inschrijvers al sinds 1997 Berlijnse cao-lonen te betalen, ook al zijn de betrokken firma’s geen partner in het cao-overleg. Daardoor moeten de bedrijven in plaats van het minimum uurloon voor het westen (17,92 gulden) of het oosten (16,96 gulden) het Berlijnse tarief van 28,29 gulden betalen. Wie de Berlijnse regels overtrad werd door de stadstaat gedurende twee jaar uitgesloten van overheidsopdrachten. Het Bundesgerichtshof verbiedt Berlijn de clausule nog langer toe te passen tot het Bundesverfassungsgericht zijn uiteindelijke oordeel heeft gegeven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels