nieuws

Zijn we gebaat met een planbaatvergoeding?

bouwbreed Premium

Als u van plan bent een stuk grond of een huis te kopen, is het verstandig vooraf bij de gemeente te informeren of de omgeving in de nabije toekomst onveranderd blijft. Bijvoorbeeld het uitzicht. Toch biedt inzage in het geldende bestemmingsplan geen zekerheid dat de situatie niet zal wijzigen. Het bestemmingsplan dient immers minimaal één maal in de tien jaar te worden herzien.

Planschade is geregeld in artikel 49 Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO). Dit artikel bepaalt dat de gemeenteraad aan een belanghebbende (op zijn verzoek) een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toekent in de volgende gevallen: – voor zover hij ten gevolge van de bepalingen van een bestemmingsplan schade lijdt of zal lijden, – welke redelijkerwijs niet of niet geheel voor zijn rekening behoort te blijven en, – waarvan de vergoeding niet of niet voldoende door aankoop, onteigening of anderszins verzekerd is. Onder een belanghebbende wordt verstaan een zakelijk gerechtigde, zoals de eigenaar, maar ook de huurder.

Actief

Om voor schadevergoeding in aanmerking te kunnen komen kan een belanghebbende niet op zijn lauweren rusten. Een belanghebbende dient zich actief op te stellen in die zin dat hij zelf om schadevergoeding moet vragen. Het verzoek tot schadevergoeding kan ook worden gedaan als geen bezwaar en/of beroep is aangetekend tegen het schadeveroorzakend besluit (bestemmingsplan). Ook is er geen wettelijke termijn waarbinnen het schadeverzoek moet worden ingediend. De mogelijke schadeveroorzakende besluiten zijn in artikel 49 WRO vermeld. Er moet verband bestaan (causaliteit) tussen de schade en het schadeveroorzakende besluit. Hierbij is van belang of de schade bijvoorbeeld bij de aankoop of het in gebruik nemen was te voorzien. Als de mogelijke toekomstige schade was te voorzien zal het verzoek tot planschadevergoeding worden afgewezen. Als naast schade ook baten ontstaan door het nieuwe plan, dan wordt de schade daardoor geheel of gedeeltelijk gecompenseerd; de eventueel overblijvende schade is dan schade in de zin van artikel 49 WRO.

Planbaatvergoeding

Thans wordt door het ministerie van VROM nagedacht over de vraag of het niet mogelijk is om daar waar de baten van planwijziging groter zijn dan de schade, een planbaatvergoeding te introduceren. De VROM Raad gaat daar in haar publicatie/advies “Het instrument geslepen” (voorstellen voor een herziene WRO en betere kosten verdeling bij grondexploitatie) nader op in. Als voorbeeld wordt genoemd de aanleg van infrastructuur die door de gemeente wordt betaald, maar waardoor de in de nabijheid daarvan gelegen percelen grond meer waard worden omdat deze beter ontwikkeld of intensiever gebruikt kunnen worden. Voor een dergelijke aanzienlijke intensivering van functies stelt de Raad voor om een spiegelbeeldbepaling van artikel 49 WRO op te nemen. De VROM-raad meent dat in situaties als bij aanleg van nieuwe wegen of railinfrastructuur grondeigenaren onevenredig voordeel hebben/gebaat kunnen zijn bij een dergelijke planologische ontwikkeling. Een dergelijke onevenredige planbaat komt in aanmerking voor het vragen van een vergoeding aan degene die de baat geniet. De gevraagde vergoeding zou ten goede moeten komen van de instantie die de kosten van aanleg van de desbetreffende infrastructuur draagt.

Causaliteit

Volgens de VROM-raad kan alleen planbaatvergoeding gevraagd worden van die eigenaren die objectief bezien aan hun grond een functie- verandering of functie-intensivering kunnen toekennen door de materiële overheidsinspanningen. Het enkele feit van de formele bestemmingswijziging of intensivering is niet voldoende. Zoals bij planschade geldt ook hier het causaliteitsbeginsel.

De VROM-raad is van mening dat planbaatvergoeding als een zakelijk recht op de betreffende percelen gevestigd kan worden. Dit zakelijk recht houdt in dat betaling verplicht is bij realisatie van de functie- verandering of functie-intensivering. Een projectontwikkelaar/koper kan met die betalingsverplichting rekening houden als hij een bod op de grond uitbrengt.

Trend

Er lijkt een toenemende trend om kosten die samenhangen met de uitvoering van overheidstaken af te wentelen op bedrijven en burgers. Of daarnaast nog behoefte bestaat aan planbaatvergoeding voor bedrijven en burgers vragen wij ons af. In een volgend artikel zullen wij de afwenteling van kosten op bijvoorbeeld projectontwikkelaars bespreken en van kritische kanttekeningen voorzien.

Reageer op dit artikel