nieuws

Bouw moet meer productie halen uit zijn mensen

bouwbreed Premium

De afnemende groei van de arbeidsproductiviteit in de bouw moet worden omgebogen in een toenemende. Dat is, naast verhoging van de instroom, een middel om de knelpunten op de arbeidsmarkt op te vangen, zegt het Centraal Planbureau.

“Wij zien in elk geval twee knelpunten in de bouw: de arbeidsmarkt en de trage besluitvorming. Wellicht dat ook de grondstoffenvoorziening een knelpunt gaat worden, maar daar hebben we minder zicht op.” Aan het woord is drs. M.J. Stoffers, hoofd van de afdeling bouw van het CPB. Het knelpunt arbeidsmarkt is volgens hem nu al zichtbaar in het hoge aantal openstaande vacatures. Momenteel zit de bouw op bijna 2,5 procent moeilijk vervulbare vacatures, het dubbele van het gemiddelde van alle sectoren. Alleen de post en communicatie kunnen nog moeilijker aan mensen komen. Een gevaar daarvan is een opwaartse druk op de lonen, waardoor de verwachte daling van de arbeidsinkomensquote (aiq) kan omslaan in een stijging.

Samenwerkingsverband

“Het is voor de bouw een opgave dit knelpunt op te vangen. Daartoe zal meer dan nu gekeken moeten worden naar andere doelgroepen op de arbeidsmarkt, zoals vrouwen, allochtonen en gedeeltelijk arbeidsgehandicapten.” “Maar”, vervolgt Stoffers, “net zo belangrijk is een stijging van de arbeidsproductiviteit, die de laatste jaren juist stagneert in de bouw. We ramen die stijging de komende jaren op 1,5 tot 2 procent. Dat gaat echter niet vanzelf. De toename zal onder meer kunnen komen uit innovaties. Die zijn te bereiken door meer samenwerking. Dan heb ik het niet over horizontale consortia, maar over meer permanente verticale samenwerkingsverbanden.” Wat daar min of meer weer tegenin druist, is de trage besluitvorming in ons land. “Dat maakt het voor aannemers moeilijk te anticiperen op de te verwachten productie”, aldus Stoffers, die een slecht besluit nog beter vindt dan geen besluit. Een voorbeeld daarvan noemt hij de Vinex-afspraken, waarvan de vereiste procedures zo vertragend hebben gewerkt, dat tot 2000 de afspraken niet zijn gehaald. Het CPB noemt de doelstellingen in de Nota Wonen dan ook ambitieus, In die nota wordt uitgegaan van de bouw van 100.000 woningen per jaar de komende tien jaar. Daarvan zijn er 30.000 als vervangende nieuwbouw bedoeld. “De geschetste ambities zijn groot. De laatste vijf jaar kwamen jaarlijks nog geen 90.000 woningen gereed en werden er 13.000 gesloopt. Bij het uitvoeren van het beleidsprogramma kunnen heel wat knelpunten optreden met betrekking tot de beschikbare ruimte voor het wonen. Al met al is realisatie van de beleidsdoelstellingen geenszins vanzelfsprekend”, valt te lezen in de Macro Economische Verkenningen van het CPB. Toch ziet Stoffers wat dit betreft niet alleen kommer en kwel. “Ik geloof de aantallen in de Nota Wonen niet, maar daar staat een stijgende kwalitatieve vraag tegenover. Momenteel sluiten vraag en aanbod naar nieuwe woningen nog steeds niet op elkaar aan. Dat zal wel gaan gebeuren, voorspelt hij. Dat heeft dan weer positieve gevolgen voor de marges in de bouw. “Door de stijgende kwaliteitsvraag zullen de prijzen van nieuwbouw sneller stijgen dan de kosten. Daardoor zullen de marges verbeteren.”

Afvlakken

Dit alles zorgt er volgens hem ook voor dat de productie in de bouw de komende jaren zal blijven groeien, al zal die groei wel wat afvlakken. Maar minder sterk dan het EIB voorspelt. “Bij het EIB hebben ze hele goede onderzoekers, die alles van de bouw weten. Maar ze zijn wat pessimistischer dan wij”, besluit Stoffers. ‘Slecht besluit beter dan geen besluit’

Reageer op dit artikel