nieuws

Kennismakelaar helpt steden bij vernieuwing

bouwbreed Premium

amsterdam – De stedelijke vernieuwing kan best een kennismakelaar gebruiken. Dit bleek tijdens de presentatie van het nieuwe kennis-, expertise- en innovatiecentrum KEI . Prangende vragen van gemeenten en corporaties werden ter plekke van suggesties voorzien.

Binnen drie jaar onmisbaar, dat is het doel dat KEI-directeur E. Agricola voor de organisatie heeft gesteld. “Er is heel veel kennis over stedelijke vernieuwing. Wij hebben als doel tot ordening van die kennis te komen. Die moet snel toegankelijk zijn. En daarbij gaat het niet alleen om kennis halen, maar ook om brengen. Een kennismakelaar dus”, aldus Agricola in een vraaggesprek met de onvermijdelijke Victor Deconinck.

Schalkwijk

Aan de hand van twee voorbeelden werd het de aandachtige luisteraars alras duidelijk dat inderdaad de nodige kennis aanwezig is, maar evenzeer dat er in die kennis nog behoorlijk wat lacunes zitten. Zo verhaalde de directeur stedelijke ontwikkeling van Haarlem, J. van Eijsden, van de avonturen rond de Schalkwijk. Een na-oorlogse wijk met zo’n 14.000 voornamelijk hoogbouwwoningen, waarvan er 5000 ‘over de houdbaarheidsdatum’ waren.

In twee jaar tijd 45 inspraakmomenten, op het hoogtepunt 2500 insprekers en 1500 schriftelijke reacties, de nadruk op integrale aanpak, maar het belangrijkste voor de bewoners was kijken of er een fietspad door de voortuin zou komen. “Hoe los je zoiets nou op”, vroeg Van Eijsden.

Internetcafe

De directeur van de Leidse woningbouwvereniging Ons Doel, M. Glaser, zat weer met een ander probleem. Zij heeft veel woningbezit in Leiden-Noord: verouderde woningen en weinig betrokkenheid van de bewoners met de buurt. Haar oplossing was een modernere vorm van het aloude multifunctionele buurtcentrum, een Internet-cafe. Maar hoe zet je dat nou op?

In de zaal bleek veel belangstelling voor het idee te bestaan. Uit Den Haag kwam zelfs een aanbod voor samenwerking. Er bleek echter ook al een voorbeeld te zijn op het Utrechtse Kanaleneiland.

Reageer op dit artikel