nieuws

‘Stofkapje houdt geen giftige dampen tegen’ Beschermingsmiddelen van erkende AVAG-leden nog veiliger

bouwbreed Premium

rotterdam – Voluit is het een hele mond vol: vereniging voor arbeidsomstandigheden, -veiligheid en -gezondheid, industriele hygiene, acute gezondheidszorg en milieubewaking. Afgekort bekt het beter: de AVAG. Vijf jaar na de oprichting zijn ze er klaar voor. Tijd om duidelijk te maken wat deze club doet.

Als het over persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) gaat, kan niemand om de AVAG heen, is de boodschap van voorzitter A. Bosman en medebestuurder P.W. Uittenbroek aan de overheid en de markt.

Veertig leden telt de vereniging inmiddels. Allemaal fabrikanten en leveranciers van PBM’s.

Zoals elke andere belangenvereniging van elke bedrijfstak in het begin moeite had het gezamenlijke belang boven de individuele negotie uit te tillen, liep het aanvankelijk wat stroef binnen de AVAG.

“Best moeilijk met je directe concurrent iets af te spreken”, blikt bestuurslid Pieter Uittenbroek, inkoopmanager van Groeneveld-Intersafe, terug.

Zoals zo vaak dreef een extern gevaar de partijen nader tot elkaar. Invoering van de ce-markering dreigde de leden op te zadelen met grote voorraden PBM’s. Onverkoopbaar omdat de ce-markering ontbrak.

Toen bewees de branchevereniging zijn bestaansrecht door met de overheid een gedoogregeling overeen te komen. Toen ook, wierp de inschakeling van professioneel management zijn vruchten af. De lobbyisten van Teppema – onderdeel van Ernst en Young – wisten de weg in Den Haag.

Op hun advies manifesteerde de AVAG zich zoals een belangenorganisatie behoort te doen in tijden van onzekerheid; als steun en toeverlaat voor een ieder die niet wist hoe het nou precies zat met de Europese veiligheidsvoorschriften.

Beunhazen

Zo eenvoudig als het lijkt, is het natuurlijk nooit. Het gebruik van een PBM uit categorie een, ter bescherming tegen gevaren van de derde categorie, is vragen om moeilijkheden. Dat is achter een hek van kippengaas beschutting zoeken tegen een kanon.

Zonder de goede bedoelingen van ‘beunhazen’ in twijfel te willen trekken, wijst Bosman op de risico’s die de lage toetredingsdrempel van de sector met zich meebrengt.

“Je stuurt mensen het veld in met misschien wel de goede spullen, maar zonder de juiste gebruiksaanwijzing”, licht Bosman toe. “Met een verkeerde laars zul je je niet zo’n buil vallen, maar verkeerde hoofdbescherming of onjuiste adembeschermingsmiddelen kunnen desastreuze gevolgen hebben. Giftige dampen laten zich niet door een stofkapje tegenhouden.”

De AVAG wil de gebruikers de zekerheid bieden van goede kwaliteit en dienstverlening. Vorig jaar is de opleiding ‘adviseur in persoonlijke beschermingsmiddelen’ van start gegaan. Bedoeld voor werknemers van aangesloten leden die rechtstreeks contact hebben met klanten. De eerste lichting deed in februari examen.

Bosman: “Over ongeveer een half jaar hopen we een erkenningsregeling te hebben. ‘Erkend AVAG-lid’ zal inhouden: met succes meegedaan aan de cursus PBM-adviseur; zich houden aan de AVAG-gedragscode; voldoen aan de procescertificaat-eisen van ISO-9002 en aan de VCA.”

Ergonomie

“We onderhouden een goed contact met de NVVK, de Nederlandse vereniging van veiligheidskundigen”, vult Uittenbroek aan. “We proberen hun deskundigheid op het gebied van bronbestrijding te koppelen aan onze kennis van PBM’s. Een belangrijke, nieuwe ontwikkeling is de ergonomische kwaliteit van PBM’s”, gaat Uittenbroek dieper op de materie in.

“Individueel aangepaste gehoorbescherming is hier een voorbeeld van. Er wordt een afdruk van je oor gemaakt”, legt hij uit. “En in de afdruk van de afdruk wordt een otoplastiek vervaardigd.

Net zoiets als het oorstukje van een hoortoestel. In het otoplastiek wordt een gat geboord. Daarin passen verschillende filters. Afhankelijk van de werkomstandigheden en de gewenste hoeveelheid demping kiest de gebruiker het filter. Voordeel is: geen gebonk in je oren als je loopt, zoals met gewone pluggen in je oor het geval is.”

Combinaties van gehoorbescherming met communicatietechnieken liggen in het verschiet.

“Uit je oor lullen, noemen wij dat”, vat Uittenbroek kernachtig samen. “Spraak komt namelijk ook via de gehoorbeentjes in het oor terecht. Dat geluid kun je in het oor opvangen, uitzenden en combineren met binnenkomende communicatie. Met dergelijke gehoorbeschermingssystemen kan de baas ook in een lawaaierige omgeving normaal met de werknemers blijven communiceren”, belicht hij de voordelen.

Normering van nieuwe PBM-systemen is een lastige opgave, realiseren Bosman en Uittenbroek zich. “Ook dergelijke kwesties kun je beter op verenigingsniveau behandelen dan als individueel bedrijf.”

In de afdruk van de afdruk wordt een otoplastiek vervaardigd waarin een gat wordt geboord. Hierin passen verschillende filters.

Aanmeting van gehoorbescherming. Van het oor van de medewerker wordt een afdruk gemaakt.

Reageer op dit artikel