nieuws

Nanoschuim moet isolatie verbeteren

bouwbreed Premium

Onderzoeksinstituten IMAG en ATO gaan op zoek naar een transparant nanoschuimmateriaal op basis van gangbare kunststoffen. Het materiaal moet vergeleken met dubbel glas thermisch ruim twee keer zo goed isoleren. Daarnaast moet het net als glas vrijwel al het opvallende lichtdoorlaten.

Hoewel vensters de laatste jaren steeds beter de warmte tegenhouden, valt het isolerend vermogen toch nog wel te verhogen. Bijvoorbeeld door de lucht tussen de glasplaten te vervangen door lichtdoorlatend schuim. Een dergelijk product bestaat al in de vorm van aërogels, ook wel nanoschuimen genoemd. De wanden van de poriën van het nanoschuim zijn kleiner dan de golflengte van het zichtbare licht, waardoor ze het niet verstrooien. Denk maar aan de golven aan het strand, die niet worden gehinderd door een smal stokje dat rechtop in het zand staat. Dat betekent dus ook dat het materiaal doorzichtig is. Daardoor is het erg geschikt als laag tussen bijvoorbeeld twee platen glas of kunststof.

Het schuim verhindert het bewegen van de lucht tussen de platen, die daardoor verder van elkaar kunnen zitten dan zonder schuim. De combinatie glas en schuim kan vooral daardoor veel beter isoleren dan gewoon dubbel glas.

Nanoschuimen bestaan al, maar die hebben silica of zeer speciale kunststoffen als basis. Nanoschuim op basis van silica is veel te kwetsbaar. Het is bros en tussen dubbelglas verpulvert het langzaam doordat het glas onder invloed van de wind kleine bewegingen maakt. Ook is het niet vochtbestendig. Schuim op basis van speciale kunststoffen als melamine of resourcinoil is veel te duur en het vervaardigingsproces is niet zo geschikt voor grootschalige industriële productie.

Gangbaar

IMAG en ATO willen samen met de Rijksuniversiteit Groningen en het Polymer Service Centre Groningen nanoschuimen ontwikkelen op basis van gangbare kunststoffen als polycarbonaat, polyacrylaat of polyurethaan. Deze zijn vochtbestendig en hebben betere mechanische eigenschappen dan die op basis van silica.

Een belangrijke eis waaraan de toekomstige schuimen moeten voldoen is, dat ze op industriële schaal zijn te produceren. De onderzoekers zullen kijken naar methoden als extrusie met extractie en ontmenging, schuimen door blaasmiddelen en opschuimen door oplosmiddelen.

Projectpartner Dow Benelux zal het nanoschuim aanbrengen tussen polyacrylaat- of polycarbonaatplaten om het te beschermen tegen vocht, vuil en mechanische invloeden. Daarnaast zal het bedrijf de productieprocessen testen en opschalen en contacten onderhouden met gebruikers. Ook Rapid Pane zal het materiaal aanbrengen tussen platen, in dit geval van glas. Beide bedrijven zullen hun producten bij potentiële klanten onder praktijkomstandigheden testen.

Subsidie

Het project kunststof nanoschuim krijgt 2,5 miljoen gulden subsidie (62 procent van de totale kosten) van het Programmabureau Economie Ecologie (EET) in Utrecht. Het project loopt in eerste instantie van 1 januari 2000 tot 31 december 2001.

Eind dit jaar zullen de partners bekijken of en met welke meestbelovende technieken ze door zullen gaan. In het derde jaar zal de nadruk liggen op het ontwikkelen van technieken om het schuim tussen twee platen aan te brengen, via lamineren of extrusie. In 2003 zullen de nanoschuimelementen in veldexperimenten bij potentiële afnemers worden getest. Eind dat jaar moet het project zijn afgerond.

Een eventuele grootschalige invoer van nanoschuim in Nederland zou voor de voor woning- en uitiliteitssector een totale jaarlijkse energiebesparing kunnen betekenen van ongeveer 2,5 miljard kubieke meter aardgas, circa tien procent van het totale gasverbruik in Nederland.

Reageer op dit artikel