nieuws

Sluiting Valkenburg kost honderden miljoenen

bouwbreed Premium

De Tweede-Kamerleden die van marinevliegveld Valkenburg een woningbouwlocatie willen maken, geloven niet dat sluiting 300 tot 500 miljoen gulden kost. Minister De Grave van Defensie, die weinig voelt voor opheffing van het vliegveld, heeft dat bedrag becijferd.

De Grave schrijft dit in antwoord op Kamervragen over zijn Defensienota. Volgens de bewindsman zijn de honderden miljoenen nodig om elders een nieuwe startbaan en hangars te bouwen voor de zeven Orion- vliegtuigen die nu op Valkenburg staan. “Onzin. Die berekening is als schrijven met een vork”, zegt Tweede-Kamerlid Zijlstra (PvdA). “De kosten hangen helemaal af van de opbrengst van de grond. Het is vast dure grond, zo vlakbij Leiden.” Zijlstra bestrijdt dat grote bedragen nodig zijn om de Orions elders te huisvesten. Die kunnen volgens hem naar de bases bij Woensdrecht of Eindhoven. D66-Kamerlid Van ’t Riet becijfert bovendien dat sluiting jaarlijks 40 miljoen gulden exploitatiekosten bespaart. Volgens haar kunnen de verplaatsingskosten van het vliegveld worden doorberekend in de grondverkoop. Verplaatsing naar Den Helder verdient logistiek de voorkeur boven Woensdrecht, Eindhoven, Leeuwarden of Eelde. Voor de zware vliegtuigen moet dan wel een baan worden verlegd.

Raar

GroenLinks-Kamerlid Harrewijn noemt de berekening van De Grave ‘raar’. Hij wil eerst het totale overzicht van kosten en opbrengsten. “Kost het geld, wat dan nog? Je moet die huizen toch ergens bouwen?” Alleen VVD’er Van den Doel is het eens met de minister en ziet geen reden het vliegveld te sluiten. Omliggende steden willen op Valkenburg graag huizen bouwen. De gemeenten Leiden, Katwijk en Valkenburg denken aan 5000 woningen. De provincie Zuid-Holland spreekt van 8000 huizen. Het marinevliegveld wordt ook veel gebruikt voor regeringsfunctionarissen en leden van het Koninklijk Huis. Regeringshoofden landen vaak op Valkenburg, omdat dit dichtbij de residentie ligt. De uiteindelijke bestemming van het gebied komt terug in de vijfde nota Ruimtelijke Ordening van minister Pronk die deze zomer verschijnt.

Reageer op dit artikel