nieuws

‘Eindhoven’ wil doorgaan met installatietechniek

bouwbreed Premium

eindhoven – De (inter)facultaire opleiding Installatietechniek van de TU Eindhoven beschikt vanaf september dit jaar over een eigen propedeuse. In de leerstof zijn de vakken bouwkunde, elektrotechniek en werktuigbouw gecombineerd. Het bedrijfsleven adviseerde over de inhoud. Vertegenwoordigers van VNI, TVVL, Uneto en WOI stemden in met de opzet.

De TU wil volgens decaan prof.dr. H. Timmermans de opleiding verzelfstandigen. Het ministerie van Onderwijs laat in maart weten of het daarmee instemt.

De verkenningscommissie van de samenwerkende universiteiten en grote bedrijven kan zich vinden in de kwaliteit en het profiel van de opleiding. In de loop van deze maand verschijnt hun rapport.

Vooral de combinatie van bouwfysica en installatietechniek slaat aan. Samen met de commissie stelt de faculteit de colleges vast, evenals de verhouding tussen het bouwkundige en installatietechnische deel. Model staat het programma van de huidige opleiding.

‘Eindhoven’ zoekt intussen een nieuwe hoogleraar. Diens leerstoel wordt niet gesponsord, benadrukt Timmermans, wat aangeeft dat het om een structurele opleiding gaat.

Onderzoekschool

De hoogleraar zal hoogstwaarschijnlijk uit het bedrijfsleven komen. De wetenschappelijke opleiding kwam ook op voorspraak van ondernemers tot stand. Het onderricht kan samengaan met onderzoek. De faculteit orienteert zich momenteel op een internationale onderzoekschool voor promovendi onder de noemer ‘bouwfysica en installatietechniek’.

Timmermans noemt onderzoekscholen momenteel nog Nederlandse aangelegenheden. Het zijn constructies waarin verschillende universiteiten met elkaar afspraken maken over de begeleiding van promovendi. De internationale aanpak vergroot de mogelijkheden voor integratie van disciplines.

De commissie gaat ervan uit dat installaties het grootste deel van de bouwinvesteringen vergen. Dat geldt vooral voor de grootschaliger gebouwen met complexe installaties. De wisselwerking tussen het bouwkundig en installatietechnisch ontwerp bepaalt de kwaliteit van de ruimten. Zo kan een bouwkundig onderlegde installatietechnicus volgens Timmermans een bepalende rol in het bouwteam spelen. Diens expertise neemt toe wanneer er op termijn een interfacultaire opleiding of commissie komt. In beginsel bestaat de beoogde samenwerking al, omdat andere faculteiten ook meedenken en onderwijs verzorgen. Met andere universiteiten is formeel nog niet gesproken over samenwerking.

Masterdiploma

Enkele hbo-instellingen sloten een overeenkomst met een Britse universiteit. Studenten volgen daar geen opleiding maar ontvangen wel een Brits masterdiploma. De meeste van die instellingen waren voorheen polytechnics; vergelijkbaar met het Nederlandse hbo. De Nederlandse universiteiten willen over het geheel genomen wel samenwerken met het hbo, maar streven zeker geen samenvoeging na. Andersom bestaat een vergelijkbare mening.

Verschillen

Een mastersdiploma maakt formeel de weg naar promotieonderzoek vrij. Een adviseur beoordeelt de uitwisselbaarheid van diploma’s. Naar verwacht zijn die verschillen mettertijd verminderd.

Er bestaan inmiddels mogelijkheden voor hbo-studenten die willen overstappen naar de universiteit. Timmermans noemt hun slagingspercentage bij de TUE zonder meer goed, zij het dat het cultuurverschil de studenten soms wel wat parten speelt.

Reageer op dit artikel