nieuws

BNA: vakmanschap op bouwplaats holt achteruit

bouwbreed Premium

den haag – Veel bouwvakkers ontstijgen nauwelijks het niveau van een doe-het-zelver. Woordvoerdster Van Aalst van de Bond van Nederlandse Architecten (BNA) is verontrust over de kwaliteit op de bouwplaats. Bovendien blijft het beleid van duurzaam bouwen beperkt tot een paar lijsten met materialen. De echte winst, het organiseren van het bouwproces, blijft liggen.

De Vaste Kamercommissie van VROM praat binnenkort met staatssecretaris Remkes over duurzaam bouwen. Tijdens een hoorzitting afgelopen week in de Tweede Kamer met diverse organisaties, waaronder de BNA, was pittige kritiek te horen.

Uit onderzoek van het ministerie van VROM blijkt dat het streven om 80 procent van de nieuwbouw duurzaam op te leveren bij lange na niet wordt gehaald. In 1998 voldeed slechts 32 procent van de bouwvergunningen geheel en 29 procent gedeeltelijk aan de zogenoemde dubo-maatlat.

Stoppen

Zo’n 40 procent van de nieuwbouw werkt helemaal niet volgens een dubo-pakket. Het ministerie is niet van plan het onderwerp in regels vast te leggen en speelt zelfs met de gedachte in 2004 te stoppen met extra aandacht voor duurzaam bouwen. Ondenkbaar volgens AVBB-voorzitter Brinkman, velen – inclusief Kamerleden – vielen hem bij.

Volgens de BNA mist echter een bruikbaar pakket voor de ontwerper. Zolang architecten duurzaam bouwen niet integraal meenemen in een ontwerp, blijft het beleid steken in een beetje isolatie hier en daar en een opgeplakte zonneboiler, onderschrijft ook C. Heemrood van het Nationaal Centrum Duurzaam Bouwen.

Mooi

Volgens de architecten kan duurzaam bouwen ook heel mooi zijn. Het is Van Aalst juist opgevallen dat de consument duurzaamheid en gezondheid wel degelijk belangrijk vindt en ook bereid is ervoor te betalen. “In het zeldzame geval dat een architect direct met de eindgebruiker te maken krijgt, komen juist dat soort onderwerpen aan de orde. Een eigenaar-gebruiker hecht daar een heel ander belang aan.”

Van Aalst vindt dat de Tweede Kamer een belangrijke rol kan spelen in het terugdringen van de macht van commerciele marktpartijen.

Zij verbaast zich bovendien dat het overheidsbeleid zich beperkt tot theorie en onderzoek van materialen. “Dat is nu wel genoeg. Het is veel beter te kijken naar de organisatie in de bouw. De echte winst is om een paar niveaus hoger te halen. Bouwen is een complexe materie en afhankelijk van veel radertjes. Draait er een niet mee, dan heeft dat al gevolgen voor het eindresultaat”, constateert de architect.

Een bekend voorbeeld over het verschil tussen theorie en praktijk is dat de Energie Prestatienorm (EPN) wordt berekend op basis van een binnen- en buitenmuur zonder koudebruggen. Als een metselaar flink wat cement laat vallen bij het metselen van die muren, gaan de berekeningen al niet meer op. Niemand controleert dat echter, alleen de bewoner heeft onnodig een hogere energierekening.

Zorgen

De BNA maakt zich juist grote zorgen over de kwaliteit van het bouwproces. “Loop maar eens over een gemiddelde bouwplaats”, houdt Van Aalst de Kamerleden voor. “Het vakmanschap loopt terug. Veel bouwvakkers zijn nauwelijks het niveau van een doe-het-zelver ontstegen. Hoe kun je dan fijnmazige regeltjes gaan opleggen?”

Reageer op dit artikel