nieuws

Personeelstekort blijft binnen de perken

bouwbreed Premium

amsterdam – Ontegenzeggelijk is er een tekort aan personeel in de bouw. Niet dramatisch en ook niet echt groot. Toch zal de bouw moeten aanpakken om een continue instroom te realiseren. Continuiteit in de opdrachten is daartoe een middel. Dit zei AVBB-voorzitter E. Brinkman tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van het EIB.

Het aantal vacatures voor bouwplaatspersoneel bij hoofdaannemers lag eind vorig jaar op zo’n 12.500 werknemers. Dat is opgelost door inlenen, overwerk, uitbesteden aan onderaannemers en detachering van buitenlandse werknemers, voornamelijk Britten en Ieren. Daarnaast is er een structureel tekort aan uitvoerders, werkvoorbereiders en calculatoren van een kleine 2500 werknemers.

In het afgelopen decennium kwamen voorts gemiddeld circa 24.000 werknemers per jaar de bedrijfstak in, van wie 30 procent herintreders. Tegelijkertijd verliet gemiddeld een even groot aantal de bouw. Een groot deel daarvan keerde de bouw de rug toe voor het 35ste jaar. “Hierdoor verliest de bedrijfstak een groep jonge, goed opgeleide werknemers. Door deze hoge uitstroom gaat een belangrijk deel van het menselijk kapitaal verloren voor de gehele bouwnijverheid.”, aldus Brinkman.

De oplossing van het arbeidsmarktprobleem lijkt daarom simpel. Zorgen voor voldoende instroom en vermindering van de uitstroom zouden moeten helpen. Daarvoor dient echter aan een belangrijke voorwaarde te worden voldaan: continue werkzekerheid. En die wordt pas werkelijkheid door continuiteit in de opdrachtenstroom, zowel binnenjaarlijks als over meerdere jaren, meent Brinkman. “Een ongelijkmatige productieontwikkeling heeft tot gevolg dat de vraag zowel qua samenstelling als qua omvang voortdurend verandering ondergaat. Dat is nadelig voor de instroom, de werkzekerheid van de werknemers en voor de continuiteit van de bedrijfsvoering.”

In de praktijk komt dat erop neer dat in tijden van laagconjunctuur personeel vaak noodgedwongen ontslagen moet worden. Wanneer de opdrachten weer aantrekken, kan het ontslagen personeel weer worden aangenomen.

“De vraag is of deze mensen op dat moment beschikbaar zijn. Dit laatste zal lang niet altijd het geval zijn”, aldus Brinkman. Hij pleitte er daarom ook voor dat grote opdrachtgevers en met name overheidsopdrachtgevers meehelpen dit probleem op te lossen door de opdrachten beter te spreiden.

Daarnaast zal er door de bedrijfstak hard getrokken moeten worden aan nieuwe instroom. Op dit moment worden de instroomdoelen van de opleidingsinstituten nog slechts voor 85 procent gehaald. Op mbo- en hbo-niveau is de instroom van studenten niet het grote probleem, behalve bij civiele techniek. Toch komen van die studenten er uiteindelijk te weinig in de bouw terecht.

“De bouw zal zich nog meer moeten inspannen om die categorie studenten aan zich te binden. De bouw is geen bedrijfstak die jongeren lokt met vakantiereizen of auto’s, maar dient zich op korte termijn wel te bezinnen op een aanpak die het nog aantrekkelijker maakt voor om voor de bouw te kiezen”, aldus Brinkman.

Op pagina 5: Bouwproductie blijft gestaag doorgroeien.

Continuiteit opdrachtenstroom belangrijk wapen

Reageer op dit artikel