nieuws

Stabu presenteert en vult bouwclassificatiesysteem Grote aannemer test LexiCon in samenwerking met hogeschool

bouwbreed

ede – Stabu is begonnen met het vullen van LexiCon, het nieuwe internationale classificatiesysteem voor de bouw. Kees Woestenenk presenteert het systeem in een Engelstalige publicatie. Studenten van de Hogeschool Windesheim in Zwolle testen de classificatie, samen met een groot aannemingsbedrijf.

Er zit duidelijk beweging in de ontwikkeling van het nieuwe classificatiesysteem voor de bouw. Het doel is de informatie zo te ordenen, dat alle bouwpartners gemakkelijk en met zo weinig mogelijk fouten met elkaar kunnen communiceren. Het gaat natuurlijk vooral om electronische communicatie tussen computers.

Voor het vullen van het LexiCon hebben de Unie van Elektrotechnische Ondernemers (Uneto) en de Vereniging van Nederlandse Installatiebedrijven (VNI) hun artikelbestanden ter beschikking gesteld. Volgens het laatste Stabu-bulletin gebruiken drie wereldwijd opererende bouwbedrijven het nieuwe classificatiesysteem in het kader van het Concur-project, gesubsidieerd door de Europese Commissie in het kader van het Brite-Euram onderzoeksprogramma. Met welk bouwbedrijf de studenten in Zwolle aan het werk gaan, wil Woestenenk niet bekendmaken. “Natuurlijk juich ik het toe dat de studenten samen met een aannemer onderzoeken of het LexiCon systeem implementeerbaar is. Er is wel een kans dat zij op de ontwikkeling vooruit lopen. Dat is een beetje een risico, maar dat mogen zij van mij nemen.”

Volgens Woestenenk hoeven de gebruikers niet bang te zijn voor de invoering van het nieuwe classificatiesysteem. “In het LexiCon kun je elke bestaande classificatie gebruiken die je maar wilt. Het is een nieuwe manier van met informatie omgaan. Het resultaat is een verbetering van de informatiestructuur. De bouwpartners kunnen met het LexiCon beter communiceren en informatie uitwisselen, elkaar begrijpen en fouten voorkomen doordat ze dezelfde definities gebruiken.”

Het LexiCon is door de vereniging BAS (Bouw Afspraken Stelsel) aanvaard. Het past binnen de internationale ontwikkelingen. Wereldwijd zijn organisaties zoals ISO (International Organisation for Standardization), IAI (International Alliance for Interoperability), CIB (Conseil International du Batiment) en ICIS (International Construction Information Society) overeengekomen, dat de ordening van informatie objectgericht moet zijn. Dat wil zeggen, dat een classificatiesysteem de kenmerken van objecten zoals deuren, ramen, vloeren, viaducten, gebouwen, wegen enzovoort precies moet beschrijven. Het LexiCon voldoet aan deze eis.

Beknopt boekje

Kees Woestenenk beschrijft het nieuwe classificatiesysteem in een beknopt boekje met als titel ‘The LexiCon’. In het voorwoord benadrukt ir. M. van Hezik, directeur van Stabu, het internationale draagvlak. De ISO heeft het voorstel van de ICIS geaccepteerd en dit najaar begint een werkgroep van ICIS-leden uit Nederland, Scandinavie, Canada en Australie aan het opstellen van een bibliotheek van objecten. Uiteindelijk komt het LexiCon beschikbaar op een Internetsite. Iedereen kan het dan gratis ‘downloaden’ en gebruiken als basis voor een eigen informatiesysteem.

Opvallend aan het LexiCon is, dat werkelijk alles erin past. De objecten kunnen het resultaat zijn van bouwwerkzaamheden, zoals gebouwen, vliegvelden, gevels of lateien. Het kan ook gaan om hoeveelheden grondstoffen en materialen, zoals zand, hout of aluminium. Zelfs ruimtes, zoals een woonkamer of een fabriekshal, kunnen in het systeem worden geclassificeerd. Ook installaties en transportnetwerken worden beschouwd als objecten. Alles krijgt een plaats door het toekennen van een naam, met bijbehorende relaties en eigenschappen (hoeveelheid, samenstelling en functie).

Het LexiCon kan in iedere taal worden gebruikt. Voorlopig krijgen de objecten alleen Engelse en Nederlandse namen. Die hoeven geen nauwkeurige vertaling te zijn. Waar het om gaat is, dat de objecten overeenkomen.

Voorbeeld

Woestenenk geeft als voorbeeld de bouw van een vliegveld, een proces van (virtueel) ontwerp tot en met de concrete uitvoering. Het vliegveld is een object, met eigenschappen en functies (uitgedrukt in hoeveelheden). Bij dit functionele concept zijn oplossingen mogelijk, die elk weer een aantal objecten vereisen. De bijbehorende objecten zijn bijvoorbeeld ‘stationsgebouw’, ‘startbaan’ en ‘platform’. Ook dat zijn weer functionele concepten met mogelijke oplossingen. Uiteindelijk is er de keuze uit producten of materialen waarmee de objecten kunnen worden uitgevoerd. Als de objecten op de juiste wijze in het classificatiesysteem zijn opgenomen, is de informatie zowel bruikbaar voor ontwerpers, kostendeskundigen, uitvoerders en andere bouwpartners. De computer begrijpt wat wordt bedoeld, zodat de electronische communicatie gemakkelijker en meer betrouwbaar verloopt.

Het is altijd al een probleem geweest om bouwproducten op een eenduidige manier in een informatiesysteem op te nemen. De bouw is een bijzondere tak van industrie, met hoge eisen aan de communicatie. Het zou mooi zijn als het LexiCon inderdaad een bijdrage gaat leveren aan het verbeteren van die communicatie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels