nieuws

Volker Wessels op zoek naar Europese beleggers

bouwbreed

Eduard Voorn

berlijn – Koninklijke Volker Wessels Stevin heeft een nieuwe voorzitter: Herman Hazewinkel (49). De topman ziet zichzelf meer als netwerkmanager dan als traditionele bestuurder. Cobouw trok 24 uur op met deze onvermoeibare voormalig accountant. Koninklijke Volker Wessels Stevin blijkt een netwerkorganisatie in optima forma. Het aannemingsconcern bestaat uit tientallen kleine en grote bedrijven, door de raad van bestuur bijeen gehouden. De verantwoordelijkheden zijn laag in de organisatie gelegd.

Het vliegtuig uit Frankfurt heeft nauwelijks last van de onweers- en regenbuien, die Berlijn op deze zomerse maandagavond in de greep houden. Hazewinkel heeft de hele maandag vijf grote beleggers, samen met MeesPierson, geinformeerd over Koninklijke Volker Wessels Stevin (KVWS).

“Het wordt een steeds belangrijker onderdeel van mijn werk. Potentiele beleggers informeren over de kracht en de toekomst van deze onderneming”, zegt hij later die avond als hij probeert te ontspannen op een terras aan de mondaine Kurfurstendamm.”Door de euro is toch een markt ontstaan. Grote beleggers, zoals pensioenfondsen zien heden ten dage de bouwmarkt als een. We mogen dan in Nederland een sterke speler zijn, Europees gezien is dat beeld heel anders. We vormen geen swingend aandeel. Europees gezien is de kapitalisatie te laag. Door intensief met beleggers op de belangrijkste beurzen van Europa te praten, leren ze ons kennen. Ook nu weer blijken beleggers verbaasd over onze hoge rentabiliteit van 4,8 procent en ons brede portfolio. De presentatie in Frankfurt zal zeker wat opleveren.”

Ooit was de aannemer van plan een aparte notering aan te vragen voor de activiteiten in Duitsland. Hazewinkel: “Door de nieuwe Europese munt is dat weggevallen. We zullen daarom onze merknaam goed onder de aandacht moeten krijgen en houden. Overigens is Kondor Wessels in Duitsland een begrip.”

De volgende ochtend begint voor hem een dag met praten en netwerken. In het hotel heeft hij een kort woord gewisseld met medebestuurder Dik Wessels, want vandaag wordt de voortgang van Kondor Wessels Deutschland besproken. Het opmaken van de halfjaarcijfers kan daarna beginnen.

Op de agenda staat onder meer een pittig gesprek over de deelname in FC Trapp. Het aannemingsconcern heeft vorig jaar een belang van 25 procent genomen in deze aannemer.

Echter, de bouwcrisis houdt ook bij deze onderneming huis. Trapp lijdt verlies en dit jaar moet KVWS dat ook deels dragen. Volker Wessels Stevin helpt bij de reorganisatie van de Duitse bouwer.

Toch vindt Hazewinkel het geen slechte deelneming. “Het is voor ons een tussenvorm naar de echte Europese sprong”, luidt zijn visie. “Via samenwerkingen op projectbasis of door deelnemingen kun je ook groeien. Trapp en Grandrail (samenwerking Volker Stevin en British Steel in Engeland op vlak van railbouw, red.) zijn daar voorbeelden van. Het geeft ons de informatie hoe het is te werken in Duitsland en Engeland. Een overname in een keer is te risicovol. We zijn ook zo in staat om de twee bedrijven op elkaar aan te passen. Bij Grandrail focussen we op een productgroep, een soort factory outlet.”

Geslaagd

De groei van het concern begon twee jaar geleden toen, tot ieders verrassing het ‘formele’ Koninklijke Volker Stevin uit Rotterdam een fusie aankondigde met de ‘vrije’ Kondor Wessels Groep uit Rijssen. Achteraf een geslaagde exercitie. “Maar nu moeten we verder. We zijn een Nederlandse onderneming met buitenlandse bedrijven, maar geen multinational”, zegt Hazewinkel op deze vroege dinsdagochtend tijdens het ontbijt. “We zijn actief in Duitsland en hebben kleine operaties in Engeland en Noord-Amerika/Canada. Door actief te zijn in de laatste twee landen geeft dat ons de mogelijkheid in aanraking te komen met nieuwe contractvormen. Zo is in Amerika vastgoedontwikkeling gekoppeld aan de aanleg en onderhoud van de infrastructuur.”

Bescheiden

Een analist schreef over Hazewinkel ‘He is the right man at the right place for a new expansion phase’. De bestuursvoorzitter lacht bescheiden. “Er zal zeker een volume-gerichte groei gaan plaatshebben. Maar geforceerde internationalisatie loopt niet goed af, daar zijn genoeg voorbeelden van. Hoe we er over vijf jaar uitzien, weet ik niet. Kijk naar de geschiedenis van het concern, dan is er een periode geweest dat tachtig procent van de omzet uit het buitenland kwam. Nu realiseren we datzelfde percentage uitsluitend op de Nederlandse markt met minder mensen en een aanzienlijk grotere winst. De internationale bouwmarkt is zo dynamisch dat ik niet weet hoe alles gaat verlopen.”

Op pagina 5: ‘Ik moet erg veel praten, maar het werpt zijn vruchten af’.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels