nieuws

Prins vangt ‘magere’ jaren wegenbouw in buitenland op Fabrikant van vangrails timmert met innovaties aan de weg

bouwbreed

dokkum – “We maken op het moment misschien een magere periode door. En dat is te wijten aan het feit dat Rijkswaterstaat wegenbouwprojecten voor zich uit schuift.” Ing. J. Spoelstra, managing director van Prins Holding nv, voegt er in een adem aan toe zich nog geen zorgen te maken. “Het betekent dat we scherp moeten zijn en onze positie in het buitenland moeten versterken.”

De fabriek in Dokkum, de thuisbasis van Prins, is niet over het hoofd te zien. De enorme bedrijfshallen op het 8,5 hectare grote terrein domineren de omgeving. Het bedrijf maakt er wielen (velgen) voor de autobranche, kassen voor de tuinbouw en vangrails, oftewel wegmeubilair, voor de wegenbouw.

Met grote passen loopt Spoelstra door de fabriek, waar in een drieploegendienst 24 uur per dag, zes dagen in de week, leven in de brouwerij is. Hier wordt het staal gewalst en gevormd tot diverse producten waarmee Prins vorig jaar een omzet van 110 miljoen gulden heeft behaald. Een stijging van een kleine 16 miljoen gulden in vergelijking met het jaar ervoor. Deze stijging is echter niet in het segment wegmeubilair bereikt. Daar zag Prins de omzet zelfs teruglopen: van 68 naar 65 miljoen gulden.

In zijn kantoor leunt Spoelstra op z’n gemak achterover. Aan de muur hangt een zeefdruk van twee boksers. De favoriete sport van de Fries. “Boksen heeft alles in zich wat sport mooi maakt. Van kracht tot strategisch inzicht en het hebben van uithoudingsvermogen. Je kunt inderdaad parallellen trekken tussen de bokssport en de markt waarin wij ons als bedrijf begeven. Zonder meer een vechtmarkt.”

In de afgelopen paar maanden haalde Spoelstra met enige regelmaat de media. Zo hekelde hij bijvoorbeeld het feit dat Rijkswaterstaat de aandacht, maar vooral ook geld ‘focust’ op bijvoorbeeld de Betuwelijn. “Ik heb dat als voorbeeld genoemd, en dat is in de media opgepikt. Maar het is wel zo dat heel veel projecten in de tijd naar achteren zijn geschoven. We merken dat aan onze opdrachten. Hier in het Noorden zou bijvoorbeeld de wegverdubbeling naar Leeuwarden al klaar zijn. Nu moeten ze er nog aan beginnen.”

Regio

In de ogen van Spoelstra is er te veel aandacht voor projecten als rekeningrijden, wegsignaleringssystemen en openbaar vervoer. “Allemaal goed en wel maar je ziet tegelijkertijd dat in de regio het openbaar vervoer wordt afgebouwd en de mensen meer en meer op de auto aangewezen zijn.”

Onlangs heeft Prins ingeschreven voor de inrichting van de wegen die Rijkswaterstaat de komende drie jaar gaat aanbesteden. Een pakket dat bijna automatisch naar Dokkum was gegaan, ware het niet dat de Europese Commissie Nederland daarover op de vingers tikte. De opdracht moest immers Europees worden aanbesteed. Spoelstra: “Het gaat bijelkaar om werk met een waarde van zo’n vijftien miljoen gulden voor drie jaar. In september krijgen we te horen of we de opdracht hebben of hem kwijt zijn. Het is spannend, maar logisch. Andere landen besteden ook Europees aan en daar moeten wij ons dus ook aan houden.”

Buitenland

De enigszins magere periode in Nederland wil het bedrijf zoveel mogelijk opvangen door de werkzaamheden in het buitenland uit te breiden. “We zijn binnen een straal van duizend kilometer rond Dokkum actief. De Pyreneeen zijn zo’n beetje de grens, omdat transport van de vangrailplanken simpelweg te duur wordt als je daarover heen trekt.”

Uitbreiding van de werkzaamheden in het buitenland gaat echter niet zo gemakkelijk. “Het duurt even eer je in het buitenland een voet tussen de deur hebt. Internationaal zijn er zo’n tien ondernemingen, waarvan vier grote, waar we rekening mee moeten houden. Het exporteren van producten wordt nog eens bemoeilijkt door het feit dat bijna elk land andere maatvoering voor wegmeubilair hanteert. “Je moet dus behoorlijke voorfinanciering plegen voordat je met je product aan de slag kunt.”

Innovatief bezig zijn staat bij Spoelstra voorop. Trots klinkt door in zijn stem als hij vertelt over de laatste bedenksels. Zoals bijvoorbeeld de ‘wicon’, de wielklemconstructie die moet voorkomen dat de auto na een botsing met de vangrail de weg weer op schiet.

“Het product is in samenwerking met Rijkswaterstaat ontwikkeld voor niet-snelwegen. Als de auto er tegenaan rijdt, schieten de wielen in een goot en klemmen de auto vast. Die is dan wel zwaar beschadigd, maar je komt niet meer op de andere weghelft waar een botsing met een tegenligger in de meeste gevallen fataal is.”

Combirail

Het bedrijf pleegt al flink acquisitie met dit nieuwe product. Daarnaast zijn de combirail (het bermbeveiligingssysteem voor motoren, personenauto’s en vrachtwagens) en de verplaatsbare barrier uit de koker van de ingenieursafdeling gekomen. De barrier is een wand die bij wegwerkzaamheden kan worden ingezet.

“Tijdens de spitsuren is de wand te verplaatsen, waardoor rijstroken wisselend gebruikt kunnen worden.”

Ideeen hiervoor worden in het veld opgedaan. Spoelstra: “Het zijn de mensen van Rijkswaterstaat die met vragen komen en wij gaan daar vervolgens mee aan de slag. Is het wat, dan nemen we het product in ontwikkeling. Het klinkt nu wat simpeler dan het in werkelijkheid is, maar in feite komt het daarop neer.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels